En wat kan het land wél?

Maar het beeld dat China alleen handig is in westerse producten namaken verandert, zeggen experts. Van goedkope maakindustrie vindt China zichzelf opnieuw uit als producent van technologisch hoogwaardiger producten. Dat valt onder meer af te lezen uit het jongste vijfjarenplan, waarin imitatie op alle terreinen plaats moet maken voor innovatie.

De gedaanteverwisseling van de Chinese economie is al in volle gang. China vraagt meer patenten aan dan elk ander land. Chinese wetenschappers publiceren steeds vaker in internationale wetenschappelijk tijdschriften. De Chinese jeugd behoort sinds enkele jaren tot de beste opgeleide ter wereld.

„Op veel gebieden doet China niet onder voor het Westen”, zegt Greeven. In de landbouw is China erg ver met onderzoek naar genetisch gemanipuleerde gewassen, in de telecomsector is een bedrijf als Huawei, dat infrastructuur voor mobiele netwerken levert, de op één na grootste van de wereld. De systemen voor online zakendoen zijn in China sneller en efficiënter dan in het Westen. De farmaceutische industrie kan binnenkort concurreren met het Westen. De ruimtevaartindustrie groeit enorm.”

Toch zijn er kanttekeningen te plaatsen bij de innovatiegolf die in China is ontketend. De Amerikaanse onderzoekers Dan Breznitz en Michael Murphree schrijven in het recent verschenen boek Run of the Red Queen dat de Chinese staatseconomie veel beter is toegerust voor bulkproductie dan innovatie. Het probleem, schrijven de auteurs, is dat in het huidige systeem ondernemers zelf geen winst kunnen maken met nieuwe producten. In het Angelsaksische kapitalistische model is de potentiële beloning voor ondernemers die risico’s durven te nemen vele malen hoger. China kan volgens de onderzoekers beter blijven doen waar het goed in is: massaproductie door efficiënte (staats)bedrijven. Op dat gebied heeft China de laatste jaren toonaangevende technologieën ontwikkeld: van nieuwe productiesystemen tot logistieke innovaties.

Volgens Greeven gaat China uiteindelijk dezelfde kant op als Japan in de jaren tachtig van de vorige eeuw. Eerst produceerden de Japanners enkel goedkope namaak, maar ineens maakten ze betere auto’s dan het Westen. Vooral in de middle- en lowtechindustrie verwacht Greeven dat de Chinezen een belangrijke rol gaan spelen. „Over tien jaar staan er naast de Europese, Japanse en Koreaanse televisies, wasmachines en koelkasten ook Chinese merken in de winkel.”