Denk liever in ketens bij warmte-koude-opslag

Het artikel ‘Warmte en kou opslaan in de grond lukt nog niet goed’ (NRC Handelsblad, 2 augustus) geeft de problematiek van energiebesparing in de gebouwde omgeving goed weer. De mogelijke besparing bij het opslaan van warmte en koude in de bodem is zeer groot, maar de beloofde besparingen met systemen voor warmte-koude-opslag (WKO) zouden in veel gevallen tegenvallen. Dit is niet alleen vervelend voor eigenaren van deze systemen, maar ook voor nationale CO2-besparingsdoelstellingen, en vooral voor de energierekening van de gebruikers (huurders) van de gebouwen.

De grondslag van de problematiek ligt in een gebrek aan ketendenken: de ontwerper ontwerpt, de aannemer bouwt en de installateur onderhoudt. Complexe en innovatieve systemen als deze vragen om een integrale aanpak met ingebouwde langetermijnverantwoordelijkheden.

Vreemd genoeg bestaat er in het buitenland al jaren ervaring met een succesvolle aanpak om dit soort problemen te voorkomen: de Energy Service Company (ESCo). De ESCo bestaat in twee vormen: volledig uitbesteden van het WKO-eigendom en de variant waarbij het WKO-eigendom bij de (vastgoed) eigenaar blijft en het proces van ontwerp, realisatie en exploitatie wordt gegarandeerd door een gespecialiseerde partij.

Op het moment dat het proces zo wordt ingericht dat betrokken partijen in de keten (financieel) geconfronteerd worden met de kwaliteit van hun werk, is er een prikkel om zaken in één keer goed te doen en systemen werkend te maken en werkend te houden. De voorbeelden van ESCo in het buitenland zijn legio, in Nederland zijn de eerste succesvolle voorbeelden ook reeds te vinden.

Paul Kengen

Adviseur aanbesteden energievoorzieningen, Amsterdam