Ambtenaren geven les over eurosteun

Ambtenaren gaven de Tweede Kamer gisteren voorlichting over de Griekse steunoperatie. Duidelijke conclusie van de oppositie: „Er is een verkeerd beeld geschetst.”

Als een volleerd politicus nam topambtenaar Hans Vijlbrief van het ministerie van Financiën gisteren in de Tweede Kamer het woord. Honderd procent duidelijkheid over de steunoperaties aan Griekenland hoefden de Kamerleden niet te verwachten, was zijn boodschap aan het begin van de ‘technische briefing’. „We zijn nog continu met andere landen in overleg over de uitwerking”, aldus de thesaurier-generaal.

De Kamer had om een, zeldzame, openbare briefing door topambtenaren gevraagd, nadat premier Rutte en minister De Jager (Financiën, CDA) volgens diezelfde Kamer de fout in waren gegaan met hun informatievoorziening. De Kamerleden kregen gisteren meer inzage in deze complexe operatie, ook al is volgens Vijlbrief „zelfs onduidelijk hoe groot de schuldpositie van Griekenland momenteel is”. En over de eventuele gevolgen van de eurocrisis voor de Nederlandse begroting valt al helemaal niets te zeggen.

Duidelijkheid kreeg de Kamer bijvoorbeeld over de omvang van de leningen en garanties die tijdens de Eurotop vorige maand ten behoeve van de Grieken zijn verstrekt. Vijlbrief hield overeind dat Ruttes uitleg op 21 juli van de steunoperatie verdedigbaar was, ook al zijn er „andere presentaties” mogelijk. De premier noemde de betrokkenheid van het bedrijfsleven van 50 miljard euro als onderdeel „op een totaalpakket van 109 miljard”. Dat klopt gewoonweg niet, concludeerde de oppositie. Vijlbrief verklaarde dat dit dan maar „uit lezing van het transcript” van de persconferentie moest blijken.

Niemand betwist inmiddels dat de 50 miljard euro van het bedrijfsleven bovenop het steunprogramma van 109 miljard komt, waarbij het geld volledig van overheden komt. Gisteren werd duidelijk dat het totale steunprogramma tot 2020 maar liefst 215 miljard groot is. En de Tweede Kamer had groen licht gegeven voor minder dan de helft.

Niet alleen de omvang was nieuw – de cijfers van Rutte liepen tot 2014 – maar ook werd duidelijk dat de betrokkenheid van banken lang niet fifty-fifty is. En juist die particuliere betrokkenheid is voor de Kamer van belang. „Die bijdrage ligt in die nieuwe cijfers eerder rond de dertig procent”, keek Kamerlid Wouter Koolmees (D66) vanochtend terug. „De briefing maakte duidelijk dat er een verkeerd beeld is geschetst.”

Samen met PvdA-collega Ronald Plasterk heeft Koolmees naar aanleiding van de „verkeerde voorstelling van zaken” voor volgende week een debat aangevraagd. Volgens hem is Rutte te veel bezig met „het niet boos maken van de PVV en te weinig met het redden van de euro”. Gedoogpartner PVV is tegen elke steun aan Griekenland en daarmee zijn PvdA, D66 en GroenLinks noodzakelijk voor een meerderheid in de Kamer.

De miljardenstroom houdt gezien de aanhoudende onrust in eurolanden als Frankrijk en Italië vermoedelijk niet op, zo werd gisteren wel duidelijk. Om de onrust een halt toe te roepen is eerder het noodfonds EFSF opgericht dat 750 miljard euro bevat. Om effectief grotere landen dan Griekenland en Ierland te helpen, moet de omvang minimaal verdubbeld worden. Nederland en Duitsland waren hierover altijd zeer kritisch, maar Vijlbrief hield gisteren een slag om de arm. „De Jager is niet categorisch tegen verhoging van het EFSF.”

Hoewel de ambtenaren waakten voor politieke uitspraken, was Vijlbrief ook helder over een opmerking van Herman Van Rompuy, de voorzitter van de Europese Raad. In deze krant noemde de Belg de bijdrage van de private sector in de Griekse sanering onlangs „eenmalig”. Een gevoelig punt, want de Kamer wil nadrukkelijk niet alle consequenties voor rekening van de overheid laten komen. Vijlbrief was duidelijk. „Dat is niet onze interpretatie.”

    • Erik van der Walle