Zweet spat rond tijdens house dance

Poppin’, lockin’, wackin’; Summer Dance Forever wil de dans uit de achterstandswijk en de club onder de aandacht brengen. De spannende ‘moves’ komen uit Azië.

Het geheel doet denken aan de lang vervlogen tv-serie Fame: de kale lokalen, de gefrustreerde dansers, ja zelfs de enkele fluorescerende beenwarmer. Alleen hier, op Lucia Marthas’ dansacademie in Amsterdam, ruik je het zweet dat je via de televisie niet kon opsnuiven. Uit ieder lokaal slaat het je tegemoet – de airco ten spijt.

Lucia Marthas, bekend leverancier van dansers voor tv-shows en musicals, is er zelf niet. Haar leerlingen zijn met vakantie. Maar in haar school wordt dezer dagen volop gedanst. Gisteravond waren er zo’n tachtig jongeren uit diverse landen: Duitsland, Frankrijk, Amerika. Ze volgen Summer Dance Forever; vier dagen workshops in urban dance, die aankomend weekeinde worden afgesloten met battles, showcases en een voorstelling in Paradiso.

Summer Dance Forever richt zich op urban dance, al kun je over die naam twisten, wat de deelnemers dan ook volop doen in de kantine. Sommigen noemen het ‘urban dance’, anderen ‘streetdance’. Een van de initiatiefnemers, Luc Deleau, die van de discussie af wil, omschrijft het als ‘grootstedelijk’. Maar in feite gaat het om dans die is ontstaan in achterstandswijken en in clubs.

Natuurlijk wordt er les gegeven in hiphopdans, maar ook in poppin’ en lockin’, waarbij onder meer de spieren afwisselend worden gespannen en ontspannen tot een soort robotdans, en in wackin’, een variant op het door Madonna populair gemaakte vogue, waarbij de dansers doen denken aan modellen tijdens een fotosessie. Maar populair is de les house, gegeven door de Fransman Yugson Hawks, een combinatie van tap, salsa en fitness. Hier spatten de zweetdruppels echt in het rond.

De lessen worden gegeven door professionele hiphopdansers uit het buitenland: de strenge Niels Robitzky alias Storm uit Duitsland is een veteraan; de goedlachse Hawks is een prijzenwinnaar en de Japanse Susumu Kato een getalenteerde nieuwkomer. Vooral naar Kato’s komst is uitgekeken, want, zo zegt Deleau: „Breakdance is uitgevonden in Amerika, is daar bijna doodgegaan, is in Europa aan de beademing gelegd, en wordt nu spannend gemaakt in Azië.” Die spanning zit niet alleen in nieuwe bewegingen, weet hij, maar ook in de massaliteit en het fanatisme waarmee Aziaten urban dance beoefenen.

Summer Dance Forever, dat mede wordt georganiseerd door Kees Heus (alias dj KC The Funkaholic) en choreograaf John Agesilas, wordt afgesloten in Paradiso. Daar worden battles gehouden, waarbij solisten en groepen het al improviserend tegen elkaar opnemen. Een jury beoordeelt.

Dat klinkt als het programma The Ultimate Dance Battle dat we van televisie kennen, maar dat is het niet, verzekert de Franse danser/docent Bruce Ykanji. Al was het maar omdat de juryleden uiteindelijk ook zelf het podium moeten betreden. Want dat hoort bij Summer Dance Forever; de winnaars van de battles kiezen een jurylid om tegen te dansen. Daar hadden ze niet allemaal veel zin in, want een jurylid heeft veel te verliezen, zijn reputatie onder andere, terwijl zijn opponent alleen maar iets te winnen heeft. Maar Ykanji ziet dat niet zo. Voor hem is deelname aan de wedstrijd juist een reden om in de jury plaats te nemen. „Ja, ik kan verliezen ten overstaan van publiek. Maar dat maakt niet uit. Doe je dit om altijd te winnen, dan kom je niet ver.”

Summer Dance Forever wordt dit jaar voor het eerst georganiseerd. Het wordt gefinancierd door Paradiso, het Amsterdams Fonds voor de Kunst (10.000 euro subsidie) en uit de recettes van de workshops en de shows. Urban dance is populair, weet organisator Deleau. Op sport- en dansscholen en op tv, waar shows als So You Think You Can Dance en The Ultimate Dance Battle veel kijkers trekken. Maar in de hogere kunsten zie je die populariteit zelden terug. Deleau: „Op veel dansopleidingen is urban dance geen onderdeel van het curriculum, en in de schouwburgen zie je nauwelijks hiphopvoorstellingen.” Dat is volgens hem te wijten aan de ‘koudwatervrees’ van schouwburgdirecteuren, en aan de status van deze dans. „Lang zat urban dance in de hoek van het welzijnswerk, bedoeld om jongeren van de straat te houden. Maar op zijn artistieke merites werd het niet beoordeeld.”

De 22-jarige Josephine van Veen zegt daar vooralsnog weinig van te merken. Ze krijgt les in hiphop en andere streetdance aan de theaterschool in Amsterdam, waar ze de opleiding musical volgt.

Op Summer Dance Forever profiteert ze van de lessen van buitenlandse dansers, en van de ongedwongen sfeer. „De stoere mannen van de hiphop, de meisjes van de wackin’; alles loopt hier door elkaar.” Al is dat straks, in Paradiso, wel weer over, denkt ze. „Dan staan de hiphoppers in de ene hoek en de housers in de andere.”

Summer Dance Forever. T/m 14/8 Inl: summerdanceforever.com