Over voetbal valt altijd wel iets te zeggen

De bal rolt weer. En daar moet over gesproken worden. Studio Voetbal van de NOS en Voetbal International van RTL bedienen de liefhebber. De tweede is brutaler, maar de eerste trekt meer kijkers.

Koffietijd voor mannen. Zo omschrijft Wilfred Genee, presentator van Voetbal International, steevast zijn programma. De formule is eenvoudig: zet vier mannen aan een tafel, selecteer wat leuke gespreksonderwerpen en de avond is zo gevuld.

Simpele televisie? Ja. Maar of dat erg is? Nee. Er wordt namelijk massaal afgestemd op Studio Voetbal (NOS) en Voetbal International (RTL 7). Studio Voetbal trekt zondagavond gemiddeld een miljoen kijkers, terwijl VI een dag later vaak ruim de helft scoort.

Waar de heren analytici dan zoal over babbelen? Hangende linksbuitens, penetrerende middenvelders en knijpende backs. Maar is het louter abracadabra? Nee, hoor. In VI gaat het net zo makkelijk over de Hummer van Wesley Sneijder, de tatoeages van Theo Janssen of de vrouw van Louis van Gaal.

Kees Jansma, vanaf dit seizoen presentator bij betaalzender Eredivisie Live, slaat vrijwel geen uitzending over van beide programma’s. „Eerlijk gezegd verbaast het mij dat er nog zoveel mensen naar kijken. Praten over voetbal kan kennelijk eindeloos.”

Jansma heeft een lichte voorkeur voor VI. „Dat is een leuk, vrolijk programma, dat balanceert tussen serieus en niet serieus. De ironie die VI heeft, mis ik een beetje bij Studio Voetbal. Daar nemen ze hun vak soms wel erg serieus. Ik mis de knipoog.”

Naar Studio Voetbal kijken veelal mannen van vijftig plus, die het voetbalweekend op een rustige manier geanalyseerd willen hebben. „Het programma hoort bij het uitluiden van het weekend”, vindt analist Youri Mulder. „Het is een avondprogramma, de afsluiting van het voetbalweekend. Mensen houden ervan als iets afgesloten is.”

VI trekt op maandagavond een breder publiek. „Mijn buurvrouw van 83 houdt niet van voetbal, maar ze kijkt wél naar Voetbal International”, zegt Hans Kraay junior, die vaak aanschuift bij het programma. „VI staat voor tempo, passie, tegenstrijdige meningen en er kan elk moment een vuurpijl afgaan. Dát is de kracht.”

Soms krijg je als kijker echter de indruk dat je naar een toneelstukje zit te kijken bij Voetbal International. Is het acteerwerk als Genee en Derksen elkaar in de haren vliegen over Willem van Hanegem? Overdrijft Derksen bij het afzeiken van Kraay jr omdat hij weet dat kijkers dat leuk vinden? De plots felle woordenwisselingen zijn „hartstikke echt” volgens Jansma. „Ik ben er zelf een aantal keer getuige van geweest”, zegt hij. „En dat is absoluut niet gespeeld. Er kan in één keer een enorme felheid ontstaan tussen de heren. Iedereen zit daar met geldingsdrang. Soms denk ik alleen: qua taalgebruik mag het een onsje minder. Maar het is wel echt.”

Voetbal International, elke maandag en vrijdag op de televisie, heeft een vaste groep analisten. René van der Gijp (oud-voetballer) en Johan Derksen (hoofdredacteur van VI) schuiven elke uitzending aan bij presentator Wilfred Genee, terwijl de vierde stoel steeds van eigenaar wisselt. Trainers of voetballers schuiven er zelden aan, terwijl die wel te zien zijn bij Studio Voetbal. Dat is niet zonder reden. „Andries Knevel en Wouter Bos vertelden bij ons meer over voetbal dan Marco van Basten en Guus Hiddink”, zegt Johan Derksen. „Dat zegt veel over de voetballerij. Oppervlakkig. Bij Studio Voetbal kicken ze erop grote namen in hun programma te hebben, maar mij is gebleken dat dat weinig zin heeft. Ze praten met de handrem erop. Ik heb liever mensen die gewoon vrijuit kunnen praten.”

Jack van Gelder, vanaf het begin presentator van het tienjarige Studio Voetbal, is het daar niet helemaal mee eens. „Het leukste vind ik dat ik soms mensen aan tafel heb van wie de redactie vooraf zei: ‘Die zegt toch niks’. En dat ze na afloop zeggen dat het hartstikke leuk was. In iedereen zit een verhaal”, meent Van Gelder. „Je moet iemand alleen de ruimte geven om dat verhaal te vertellen.”

Studio Voetbal heeft vaak een actuele, spraakmakende gast in het programma, zoals Ronald Koeman, de nieuwe trainer van Feyenoord, in de eerste uitzending. Verder schuiven Tom van ’t Hek, Arno Vermeulen, Ronald Waterreus en Jan Mulder regelmatig aan. Nieuw is Jan van Halst, tevens manager algemene zaken bij FC Twente. „Die keuze vind ik onbegrijpelijk”, zegt Derksen. „Je zag in de eerste uitzending al dat Van Halst op eieren loopt als het over FC Twente gaat. Over die club kan hij natuurlijk niet vrijuit praten.”

Het is voor Youri Mulder, dit seizoen ook assistent bij FC Twente, een reden om voorlopig even niet aan te schuiven bij Studio Voetbal. „Deels is het een opiniërend programma. Vanuit het oogpunt objectiviteit moet ik er niet gaan zitten. Ik bedoel: moet Leroy Fer nu wel of niet van Feyenoord naar FC Twente? Ik weet hoe mijn club daarover denkt, maar ik kan dat natuurlijk niet zeggen.”

Ook bij Jansma, die naast presentator bij Eredivisie Live ook perschef is van het Nederlands elftal, is sprake van een dubbelrol. Soms stelt hij in het programma vragen over het Nederlands elftal, waar hij zelf de communicatie voor verzorgt. In het begin was dat moeizaam. Nu niet meer, zegt hij. „Iedereen is er inmiddels aan gewend. Zowel spelers, collega’s als het publiek. Ik doe deze dubbelfunctie al zeven jaar en heb er nooit problemen mee gehad.”

Jansma vindt dat Studio Voetbal moet oppassen dat ze „niet te oubollig worden”. Waar is de humor? Er mag best gelachen worden op televisie, vindt hij. „René van der Gijp zei laatst dat Voetbal International best korter mag. Dat ben ik helemaal met hem eens. Soms is het laatste deel saai. Dat kun je voorkomen door bijvoorbeeld maar een uur per aflevering uit te zenden.”

Qua kijkcijfers is het opvallend wat VI teweegbrengt op RTL 7. Zij tillen de zender van 200.000 naar gemiddeld 650.000 kijkers, met uitschieters naar 800.000. Studio Voetbal – geschaduwd door programma’s als De Reünie, 1 tegen 100 of Mooi! Weer De Leeuw – brengt het eerste net van 900.000 naar ongeveer één miljoen kijkers.

Voetbal International zal vanaf januari waarschijnlijk dagelijks op de buis zijn, zegt Derksen. „Er zijn al pilots gemaakt, maar over de precieze invulling wordt nog gesproken. Bovendien moeten we nog op zoek naar een aantal sponsors, want we hebben niet de beschikking over belastinggeld.” Dus binnenkort dagelijks babbelen over voetbal? „Ja”, zegt Derksen. „Er gebeurt elke dag wel wat. Er is genoeg om over te praten.”

    • Jan Cees Butter