Oermens Lucy en andere Beatles-trivia in stripvorm

Cover van het boek Het kleine boek van de Beatles (Les petit livre des Beatles) van Hervé Bourhis

Hervé Bourhis: Het kleine boek van de Beatles (Le petit livre des Beatles). Vert. Peter de Raaf. Oog & Blik / De Bezige Bij, 168 blz. € 24,90 ****

Het begint in 1940, met een tekening van Liverpool tijdens de Blitz en de geboortes van Richard Starkey Jr. en John Winston Lennon. Het eindigt op 10 december 2009, met een plaatje van Paul McCartney tijdens een Frans concert. Daartussen ontrolt zich het verhaal van de Beatles, niet als een film maar als een stripverhaal, door middel van vier tot zes plaatjes per pagina. Een standaardbiografie kun je Het kleine boek van de Beatles van de Franse tekenaar Hervé Bourhis (1974) onmogelijk noemen, al was het alleen maar omdat hij verder gaat waar de meeste schrijvers over de Beatles ophouden: in 1970.

Ook de vorm is origineel: het verhaal van John, Paul, George en Ringo wordt verteld in getekende vignetten van de belangrijkste gebeurtenissen uit hun carrières, waarbij bijna alle platen die ze met de groep of als soloartiest hebben uitgebracht apart worden becommentarieerd.

De hoezen van die platen zijn door Bourhis losjes hertekend, in full colour; een prettige afwisseling tussen al het bewust rommelige zwart-wit en grijs waarin de rest van het vierkante boek is uitgevoerd. Maar je krijgt in dit boek sowieso geen kans om je te vervelen, want de gebeurtenissen in het rise and fall-verhaal dat wij zo goed kennen, volgen elkaar in een moordend tempo op. En zelfs voor een fan passeert veel de revue wat je niet wist of vergeten was. Marianne Faithfull en de Rolling Stones die meezingen op ‘Yellow Submarine’; een ontmoeting (en samenwerking) tussen McCartney en Brian Wilson van de Beach Boys in 1967; de oermens Lucy die haar naam dankt aan ‘Lucy in the Sky With Diamonds’ dat op de radio klonk toen haar skelet in Afrika werd ontdekt; de Amerikaanse protopunkband The Ramones die zich noemde naar het pseudoniem dat McCartney zich ooit aanmat, Paul Ramon; het funkpopalbum Thriller dat er volgens Michael Jackson nooit was gekomen zonder de inspiratie van (alweer) McCartney. En dat ‘I Am The Walrus’ geïnspireerd werd door Lewis Carroll was bekend; maar dat Lennons refreinkreet goo goo goo joob uit Finnegans Wake van James Joyce komt (p. 557) zal voor velen nieuws zijn.

Bourhis heeft er een heerlijk boek van gemaakt waarin flink wat te lezen valt. Jammer dus dat de vertaling zeer matig is en volstaat met schrijf- en spelfouten. Dat Yoko Ono een keer wordt aangeduid als Yoko One, is dan misschien nog het minste.

Pieter Steinz