Joop moest niet flauw doen

Ik was naar Oostvoorne gestuurd om verslag te doen van de plaatselijke wielerronde. In het voorprogramma reden prominenten achter motoren, de publiekstrekkers waren Gert Jacobs en Joop Zoetemelk. Na afloop at Joop Zoetemelk in de vipruimte gerookte paling. Hij kwam niet vaak in Nederland. Een directrice van een groot uitzendbureau zat naast hem en snapte

Ik was naar Oostvoorne gestuurd om verslag te doen van de plaatselijke wielerronde. In het voorprogramma reden prominenten achter motoren, de publiekstrekkers waren Gert Jacobs en Joop Zoetemelk. Na afloop at Joop Zoetemelk in de vipruimte gerookte paling.

Hij kwam niet vaak in Nederland. Een directrice van een groot uitzendbureau zat naast hem en snapte niet waarom dat was.

„Ach”, zei Joop, „gewoon.”

Een paar uur later sleepten organisator Rob van Beek en zijn vrouw Joke hem naar het dorpsplein, waar Dries Roelvink optrad. De aangeschoten bevolking van het dorp zong de teksten woord voor woord mee.

Joop stond met de armen over elkaar aan de zijkant van het podium, naast hem Gert Jacobs en het echtpaar Van Beek, meedeinend op de muziek.

Gert Jacobs zwaaide met de handen boven het hoofd en liep het podium op.

„Jij ook, Joop!”, zei Joke en ze gaf de oud-tourwinnaar een zet in de rug. Het publiek juichte toen Joop het podium opstruikelde. Hij bewoog wat op de muziek en zwaaide wat met de armen.

Even later bevond hij zich met het organisatiecomité in een polonaise.

Na het optreden werd Joop besprongen door de massa. Iemand kwam met een traytje bier. Joop moest ook bier.

„Niet flauw doen, Joop.”

Daarna sleurden ze hem naar een man in een rolstoel, geen echte gehandicapte: een meneer die zijn been had verdraaid bij het golfen.

„Daar moet je mee op de foto, Joop!”, zei Joke, die eraan toevoegde dat de meneer normaal veel langer was.

Daarna begon ze over het karakter van Joop. Hij was een introverte, lieve man, maar als je hem kende –en zij kende hem– was-ie juist het tegenovergestelde.

„Heb jij Joop Zoetemelk ooit de polonaise zien lopen? Ik niet! Ik niet! Jij wel?”

Daarna bleef de plaat steken.

„Heel Oostvoorne zag het! Heel Oostvoorne zag het! Heel Oostvoorne zag het!”

Joop Zoetemelk stond met zijn rug tegen een feesttent. Hij moest met iedereen op de foto.

Rob stak zijn duim op naar Joop, kondigde aan dat ze naar de kroeg gingen en dat Joop de komende uren nooit zou vergeten. Even later gingen ze Oostvoorne in. Rob voorop, daarachter Gert Jacobs en Joop Zoetemelk, mevrouw Van Beek hing er als een malle theezak tussenin.

Het was opeens volkomen duidelijk waarom Joop Zoetemelk in Frankrijk woont.

    • Marcel van Roosmalen