Goud is de laatste financiële reddingsboei

Wat rest de angstige beleggers nog om de waardevastheid van hun centen veilig te stellen? Goud. „Het is nog de enige veilige haven in deze financiële storm.” Alternatieven zijn er niet meer.

Er zijn geen veilige havens meer. Behalve die ene. Goud. Beleggers staren zich bijna blind op het gele metaal.

De dollar en de Amerikaanse staatsobligaties zijn definitief uit de gratie, zoveel is duidelijk. Ook in de euro vinden investeerders geen zekerheid meer. De frank en de yen hebben eveneens afgedaan, sinds de interventies van de Zwitserse en Japanse overheden om de waarde van hun munten omlaag te dwingen.

Wat rest er dan nog? Aan de kiwi, de aussie en de kroon – de munten van Nieuw-Zeeland, Australië, Noorwegen en Zweden – wordt nog even getwijfeld. Die munten van landen met een minimale staatsschuld zouden een reddingsboei kunnen zijn, denken specialisten. Maar voor goud steekt elke belegger vandaag zijn hand blindelings in het vuur. Het edele metaal is populairder dan ooit om de waarde van financiële belangen veilig te stellen, nu de Amerikaanse en Europese schuldencrises steeds meer lijken te worden beheerst door een onbedwingbare storm. Het goud maakt meer dan ooit zijn reputatie waar als veilige haven.

Een blik op de goudprijs laat geen twijfel. Die is sinds begin dit jaar al met 21 procent gestegen. Vanochtend werd goud opnieuw 4 procent duurder. Op dagbasis wordt nu meer dan 1.700 dollar betaald voor één troy ounce (31,1 gram) – de internationale standaard waarin het edelmetaal op de Londense beurs wordt verhandeld – en daarmee is een nieuwe psychologische grens doorbroken. En er lijkt geen einde te komen aan deze prijzenhausse.

In april werd al de kaap van 1.500 dollar gerond. Daarna ging de virtuele drempel van 1.600 dollar eraan. Nu houden analisten van Goldman Sachs de symbolische grens van 1.800 dollar in het vizier. Zij verwachten dat die binnen het jaar zal doorbroken zijn, zo blijkt uit hun jongste prognoses.

De afwaardering door kredietbeoordelaar Standard & Poor’s van de Amerikaanse kredietwaardigheid was de spreekwoordelijke druppel voor de financiële markten. Voor beleggers was dit het signaal om de waarde van het goud definitief boven de 1.700 dollar te tillen. „Goud is niet meer een van de veilige havens, het is dé veilige haven geworden”, is nu de boodschap die overal wordt verspreid. Het gele metaal is nog het enige alternatief, ook voor beleggers in dollars en Amerikaans staatspapier, om hun belangen waardevast te houden en de ‘storm’ te doorstaan die op dit ogenblik de financiële markten teistert.

Het einde van de prijsstijging waarin goud zich nu al ruim negen jaar op rij bevindt – de langste hausse in zes decennia – is dus nog niet in zicht. De werkelijke prijs van goud, dat is de voor inflatie gecorrigeerde waarde van het gele metaal, heeft een eeuw doorstaan, stellen experts van de World Gold Council, de belangenvereniging van gouddelvers. In 1900 was de goudprijs 503 dollar per troy ounce in hedendaagse prijzen. In de vijf jaar tot 2008 – toen de meeste grondstoffen een hevige correctie ondergingen – lag de prijs van goud gemiddeld rond de 606 dollar.

Dit historische argument is de drijvende kracht achter de goudhausse en verklaart het geloof van de meeste beleggers in de grondstof als veilig heenkomen bij financiële stormen. Ook zilver zag zijn waarde in het kielzog van goud toenemen: termijncontracten voor de levering van zilver in september stegen vanochtend met 5,6 procent tot ruim 40 dollar per ounce.

Die waardevastheid van goud staat in schril contrast met de 5.400 miljard dollar aan aandelenwaarde die volgens het persagentschap Bloomberg sinds 26 juli is verloren gegaan.

    • Piet Depuydt