Gerd Leers tussen kille Haagse flat en warm badthoes

Twee studentes maakten een portret van minister Gerd Leers, dat prompt op tv komt. Niet over zijn beleid en over asielzoekers, maar over het moeizaam pendelen tussen Den Haag en Maastricht.

Voorlichters in Den Haag zijn niet altijd oppermachtig. Dat merkten Eva van Riet (22) en Lotte Debeij (22), twee studenten journalistiek van de Hogeschool Utrecht, die voor hun afstuderen een gefilmd portret maakten over Gerd Leers, minister voor Immigratie en Asiel, ondanks tegenwerking van voorlichters. Tot hun verbazing wordt hun reportage vanavond uitgezonden.

„De eerste reactie van de woordvoerder op ons verzoek was: sorry, geen tijd”, zegt Van Riet, opgegroeid in Brunssum, waar Leers ook woonde. „Daarna kregen we toch een kwartiertje op zijn ministerie en dat smaakte al meteen naar meer. Na een brutaal mailtje naar Leers privéadres, waar we via via achter kwamen, mochten we echt alles. Dus ook bij hem thuis draaien, met zijn vrouw, het carnaval. Tijdens het filmen zijn we verliefd op hem geworden en we hopen dat de kijker dat ook wordt.”

De studenten kozen voor een persoonlijk portret met de titel Thoes dichzelf kênne zeen (Thuis jezelf kunnen zijn). Niet alleen ‘Wie is Leers onder dat pak’ werd de insteek, de nadruk lag vooral op het gespleten bestaan dat Leers en zijn vrouw Genoveef nu leiden door zijn werk in Den Haag. Een noodgedwongen afscheid van het ‘warme bad’ Maastricht.

Gelardeerd met Limburgse muziek van Rowwen Hèze snijden de prille makers consequent van de politieke arena in Den Haag naar de achtertuin in Maastricht. Openhartige uitspraken van Leers’ vrouw over hoe eenzaam het leven is zonder haar man. „Naar bed, opstaan, de deur uit, het huis donker, van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat, altijd alleen.” Het weekendhuwelijk eist ook zijn tol voor de minister. „Als je ’s avonds in zo’n koude, kille flat thuiskomt is er niemand, is het leeg.”

De prijs is hoog van het ministersambt, maar we zien Leers ook in zijn element. Niet alleen tijdens carnaval, maar ook in zijn nieuwe rol tijdens het politieke debat. „Ik ben niet van standpunt veranderd”, legt hij aan de studenten uit, „ik heb alleen een andere verantwoordelijkheid. Ik weet dat ik vuile handen moet maken.” Wél worstelt Leers met zijn beslissingen. „Het komt voor dat ik nu een afwijzing geef op een asielverzoek, dat ik als burgemeester wél had gesteund.” Spijt heeft Leers niet van zijn stap naar het ministerschap, hij schiet wel tekort. „Had ik in het verleden maar meer juridische achtergrond gehad, waardoor ik nu nog beter mijn beslissingen kan nemen.”

De onbevangen studenten registreren vooral en dat levert oorspronkelijke televisie op. Bovendien vermijden Van Riet en Debeij bewust het uitmelken van oud zeer. Dus geen beelden van Leers’ vertrek als burgemeester wegens de affaire rond een villa in Bulgarije. Wél beelden van zijn afscheid. Met het optreden van ‘vriend’ André Rieu als toetje.

Treffend zijn de reacties op straat in Maastricht, waar Leers nog steeds als volksheld wordt onthaald, als een inwoonster van de stad hem bij toeval tegenkomt. „Uw poot stijf houden, hoor, meneer Leers, ik vind dat u een leuk team heeft.”

Het verzoek om Leers van minuut tot minuut tijdens zijn werk te volgen werd niet gehonoreerd. Het duo mocht wél draaien bij de opening van een asielzoekerscentrum in Goes. „Zou u ook opa willen worden”, luidt de vraag, terwijl Leers wordt omringd door kinderen. Leers lacht verlegen maar zegt volmondig ‘ja’. De meiden zijn duidelijk nog niet besmet met Haags sarcasme.

Van Riet en Debeij hebben, samen met hun docent John Driedonks, een aantal dvd’s naar de omroepen gestuurd. De Limburgse omroep L1 moet nog van zich laten horen. Bij de VARA ging het wat vlotter. Uitgesproken mag dan van de buis verdwijnen, op de valreep neemt de rubriek het portret graag mee.

Niet zo gek, want Van Riet en Debeij hebben en passant ook nieuws gemaakt. Het gespleten bestaan van Leers duurt maar één ambtsperiode. „Over drie jaar moet een nieuw kabinet maar doorzetten, dan kom ik terug naar Maastricht. Dan zoek ik wel weer een nieuwe uitdaging”, ontboezemt de minister. En zijn vrouw beaamt volmondig. „Bij acht jaar moeten we een te zware tol betalen.”

Uitgesproken VARANed. 2, 20.25-20.55 uur.