Tanden op elkaar en volhouden

Het is het uur van de waarheid voor de Europese instituties om te laten zien dat het teamwork is, vindt eurocommissaris Neelie Kroes. „Het allerbelangrijkste is nu dat er niet met een nationale blik wordt gekeken maar met een Europese.”

"Ik vind het te makkelijk om te zeggen: Nederland begrijpt het niet. Dan moeten wij er een schepje bovenop doen in onze communicatie." Foto Maurice Boyer Brussel 18-2-2011 Neelie Kroes Foto NRC H'Blad Maurice Boyer

Het is voor Europa „tanden op elkaar en volhouden”, zegt eurocommissaris Neelie Kroes – om de eenheid te bewaren en de euro te behouden. Ze zegt ook dat „het uur van de waarheid is aangebroken voor de Europese instituties”: die moeten nu bewijzen dat ze samenwerken en sterk zijn. Maar dat gaat lukken, denkt ze. „Als ik níet optimistisch zou zijn over Europa, moet ik vandaag nog mijn ontslagbrief schrijven.”

Als eurocommissaris ‘digitale agenda’ en vicevoorzitter van de Europese Commissie heeft Kroes (VVD) voor Nederland de hoogste functie bij de EU. Ze is nu in Nederland, ze heeft vakantie. In Brussel heerst een crisissfeer: de financiële markten vertrouwen Spanje en Italië niet, de rentes stijgen. Voorzitter José Manuel Barroso van de Commissie vond het nodig de Europese regeringen te waarschuwen: de nieuwe afspraken over de redding van Griekenland, die zijn gemaakt op een speciale topbijeenkomst van 21 juli in Brussel, moeten snel worden uitgevoerd. En misschien, zei Barroso, moet het noodfonds voor zwakke landen zelfs nog worden uitgebreid – waarmee hij de indruk wekte dat de Europese regeringsleiders op 21 juli hun werk toch niet helemaal goed hadden gedaan.

De financiële markten reageerden negatief op die boodschap. In Brussel wordt gezegd dat het „erop of eronder” is voor de euro. Neelie Kroes zegt door de telefoon dat ze dat onzin vindt. „Er is reden om heel positief te zijn. Op 21 juli is een grote stap voorwaarts gezet. De financiële markten denken dat op 22 juli dan alles meteen in het gelid staat, maar zo werkt het niet. Er wordt onvoorstelbaar hard gewerkt aan de plannen. Barroso schreef zijn brief ook om dat duidelijk te maken. Dat regeringsleiders haast maken en er geen uur langer aan besteden dan noodzakelijk is.”

Is nu de indruk dat ze er wél te veel tijd voor nemen?

„Ik mag aannemen dat ze zich allemaal bewust zijn van hun eigen verantwoordelijkheid.”

Was die brief van Barroso dan nodig?

„Het is ook nog vakantie. We hebben 21 juli gehad en je zou kunnen denken: ‘We gaan even bijtanken’. De financiële markten hebben de boodschap van 21 juli duidelijk niet verstaan. Het ís ook moeilijk als je niet helemaal in de materie zit, om te begrijpen dat de maatregelen nog helemaal ambtelijk moeten worden uitgewerkt.”

Wat kunnen de Europese regeringsleiders nu dan doen? Als eerst de plannen nog moeten worden uitgewerkt?

„Ze kunnen in ieder geval alvast politiek overleg plegen. De politieke lijn die gevolgd moet worden, die kun je sowieso al gaan bespreken.”

Is het verstandig van Barroso om door die brief de indruk te wekken dat regeringsleiders er te weinig aan doen?

„Hij zou anders het verwijt hebben gekregen dat hij niet actief genoeg is. Ik denk dat hij juist bedoeld heeft dat er hard aan de plannen gewerkt wordt.”

De financiële markten hebben dat blijkbaar niet zo opgevat.

„Dan moet je nóg beter uitleggen dat er weken en weken nodig zijn voor die maatregelen, ambtelijk en politiek. Dat is ingebouwd in onze structuur. We zitten hier met lidstaten die er zelf nog over moeten beslissen. Het is niet zo dat er op 21 juli vanuit Brussel een brief wordt gestuurd naar de lidstaten met de boodschap: zo gaat het. Maar er moet ook geen kakofonie ontstaan van meningen. Barroso heeft met zijn brief duidelijk gemaakt dat dat niet gebeurt. Herman Van Rompuy (de voorzitter van de Europese Raad van regeringsleiders, red.) heeft al toegezegd dat hij met een plan komt om het crisismanagement in Europa te versterken.”

Juist om die ‘kakofonie’ te vermijden zou de Franse regering nu willen voorstellen om Van Rompuy ook de baas van het topoverleg over de euro te maken. Meteen daarna liet Barroso twee keer ongewoon harde verklaringen over de euro uitgaan.

„Als je wílt zien dat ze niet als team werken, kun je in alles wel iets vinden. Ik pretendeer Herman, José Manuel en Jean-Claude (Juncker, voorzitter van de eurogroep van ministers van Financiën) goed te kennen. Het is geen kwestie van haantjes of ego’s.”

Maar wie heeft nu de leiding in Europa? Van Rompuy? Barroso? De Europese Commissie?

„Het is een sterke combinatie van Van Rompuy als president van de Europese Raad en Barrosso en Olli Rehn (eurocommissaris voor economische zaken, red.) namens de Commissie. En onderschat ook de Europese Centrale Bank niet.

Het is nu het uur van de waarheid voor de Europese instituties. Om te laten zien dat het teamwork is. Ik weet zeker dat het lukt.”

Is het niet verwarrend voor de financiële markten als Barroso zegt dat er extra geld moet in het noodfonds? Dat was niet afgesproken op 21 juli.

„Ik ben ervan overtuigd dat Barroso bedoeld heeft dat de gemaakte afspraken moeten worden uitgevoerd. Dat is nogal eens anders geweest in het verleden.”

Hij zei ook: misschien moet er meer geld in.

„Ik kan me voorstellen dat hij de markten en de burgers duidelijk heeft willen maken dat we er alles en alles aan doen om de crisis de baas te worden.”

Zo’n aansporing voor extra geld in het noodfonds zal ook bedoeld zijn voor Nederland, waar dat moeilijk ligt. Wat verwacht u van uw partijgenoot Mark Rutte?

„Mark zal zich houden aan de afspraken. Hij is iemand van ‘een man, een man, een woord, een woord’. Hij zal verdedigen dat de maatregelen moeten worden uitgevoerd.”

Zou hij ook moeten verdedigen dat het noodfonds wordt uitgebreid?

„Dat is een vraag voor hem. Hij weet hoe de politieke temperatuur is. Het allerbelangrijkste is het nu dat er niet met een nationale blik wordt gekeken, maar met een Europese. De euro is daar veel te belangrijk voor.”

Van Rompuy schreef pas nog in een opiniestuk dat de integratie van Europa in het ‘nationale belang’ is. Waar is dan het Europese ideaal gebleven?

„Als je je bij Europa betrokken voelt, weet je dat het een godswonder is dat we met 27 landen, met zoveel verschillende achtergronden en verledens, bij elkaar zitten en proberen dit hele unieke te realiseren. Het is ook niet alleen Europa dat nu in zwaar weer zit. Het is een wereldcrisis en dan zeg ik: het vergezicht is dat we deze problemen in elk geval met elkaar proberen te tackelen.

„Kijk ook naar Nederland, dat zo afhankelijk is van een grotere Europese eenheid, dat zo gericht is op het buitenland. Je kunt de luiken niet dichtdoen. Europa is fantastisch, daar hebben we voor gevochten en nu moeten we even met elkaar de tanden op elkaar houden.”

Doet Nederland de luiken niet dicht? Er spelen veel kwesties tussen de Europese Commissie en Nederland: over asiel- en migratie, het vrije verkeer van werknemers, de Hedwigepolder.

„Als lid van de Commissie moet ik de hand in eigen boezem steken. Wij moeten niet te vanzelfsprekend aannemen dat iedereen weet waarom Europa belangrijk is. Je bent er allereerst zelf verantwoordelijk voor om dat uit te leggen. Ik vind het te makkelijk om te zeggen: Nederland begrijpt het niet. Dan moeten wij er een schepje bovenop doen in onze communicatie. Ook na heldere communicatie kun je het op punten met elkaar oneens zijn. Maar dan kun je op een open en efficiënte manier naar Brussel kijken en bedenken wat je ervan kunt verwachten en wat niet. Als je alléén geïnteresseerd bent in een markt met 500 miljoen consumenten en je verder terugtrekt in je eigen land, dan gaat dat ook niet.”

Wat vindt u dat er nu concreet moet gebeuren om de financiële crisis tegen te gaan?

„We moeten de voorstellen van 21 juli, een mijlpaal, zo snel mogelijk uitwerken en goedkeuren, waardoor het hele proces eind augustus of begin september is afgerond.”

En de markten gaan daar geduldig op wachten?

„Er zijn altijd personen in de financiële wereld die op iets anders uit zijn. Wij moeten nu snel zijn. En tegelijk duidelijk maken dat we geen ijzer met handen kunnen breken.”