Nederland is leeg. Weldadig leeg

Half Nederland is op vakantie. In de grote steden ervaren de thuisblijvers rust. Geen rijen voor de kassa, geen file naar het werk en een parkeerplaats voor de deur. En in het park is het nu eens echt stil.

Vakantie tijd in Rotterdam. Van linksboven met de klok mee: De Kralingse Plas; de Koopgoot; de deels afgesloten A20 bij Rotterdam; terras bij de kubuswoningen. Foto's Bas Czerwinski 04-08-2011, Rotterdam. Stilte in Rotterdam tijdens zomervakantie. Lege terrassen in de Oude Haven. Foto Bas Czerwinski

Henk en Elly Eggers klappen hun witte plastic ligstoelen uit aan de rand van het grasveld in het Kralingse Bos in Rotterdam. Ze leggen de matrasjes erop en een handdoek. Dan gaan ze liggen. Zij (60) in een hemelsblauw badpak, hij (61) draagt een rode zwembroek. Dit is mijn vaste vakantieplekkie, zegt Elly Eggers. „Het is net de Côte d’Azur.”

Een heel rustige Côte dÁzur, dat wel. Ze delen het grasveld met een paar ganzen. Verder is er niemand. Het Kralingse bos is voor Henk en Elly Eggers al zeventien jaar hun vakantiebestemming. Thuis hebben ze alleen een balkon waar je bijna stikt van de uitlaatgassen als je er gaat zitten. Maar als heel Nederland weg is, zitten zij hier goed. Naar het buitenland hoeven ze niet.

Het weer moet meezitten, dat wel. Maar ach, zegt Elly, „twee keer rollen en ik ben thuis.” Als het regent stopt ze een „trillertje” in de dvd-speler. Is het te fris voor het park, dan gaat ze naar de markt. Dat doet ze alleen in de zomer. De rest van het jaar is het er stervensdruk en schuifel je langs de kramen. Dan krijgt ze rugpijn.

Elly Eggers kijkt altijd in de folders welke winkels fijne spullen in de reclame hebben en die loopt ze af. Soms heeft de Aldi wat, dan weer de Lidl, Bas van der Heijden. Ze gaat altijd naar Albert Heijn voor de koffie. Een ander voordeel van de vakantietijd: geen rijen bij de kassa. „Heerlijk.”

In alle delen van Nederland hebben kinderen zomervakantie. Volgende week is de laatste week, daarna beginnen in het midden van het land de scholen weer. Miljoenen Nederlanders zijn vertrokken. In de maanden juli en augustus samen gaat het om 8,4 miljoen mensen, van wie ruim de helft naar het buitenland gaat, schat het Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen.

Thuisblijvers staan nu eens niet in de file van en naar het werk, ze kunnen voor de deur parkeren. Stations zijn in de ochtend en avond vrijwel uitgestorven. In winkels worden klanten meteen geholpen en in het park hoeft niemand te zoeken naar een vrij plekje op het gras.

Een stevige vrouw rent de boekwinkel Donner binnen, in de Rotterdamse binnenstad. Waar is de wc, roept ze tegen de dame die onder het bordje ‘informatie’ niets zit te doen. „Ik kan het bijna niet meer houden.” De informatiemevrouw lacht vriendelijk. Ze wijst haar op zachte toon op de mogelijkheden.

Het zijn kleine momenten van opwinding in een tamelijk uitgestorven binnenstad. Natuurlijk lopen er mensen op straat. Bij Verse Patat, midden op het plein, staan drie jongens met gel in hun piekhaar te wachten op hun puntzak friet. Maar de eigenaar van de souvenirwinkel steekt op de stoep voor zijn deur de zoveelste sigaret aan. Bij de tostizaak staat de grill op nul.

De populaire en altijd overvolle Afrikaandermarkt in Rotterdam Zuid kun je deze weken afslenteren, al is het er zeker niet rustig. De verkoper in de olijvenkraam zegt dat veel Marokkaanse en Turkse Nederlanders niet op vakantie zijn gegaan vanwege de ramadan. Vasten en vakantie vieren gaat niet samen, zegt hij. Bovendien, in Marokko zijn de dagen wel korter, maar ook veel warmer. Dan is het beter hier.

Het is zelfs nergens beter dan hier, vinden Elly en Henk Eggers. Een paar jaar geleden hadden ze op ‘hun’ grasveld een „vriendenkluppie” opgebouwd van mensen die ook niet op vakantie gingen. Elly: „Je gaat zitten, zegt goeiemorgen en hebt zo contact.” Voor de natuur hoeven ze ook de stad niet uit. Je zit hier midden in de natuur, zegt Elly Eggers. Ze wijst op de ganzen, de eenden, de honden die langslopen. Vroeger waren er nog twee zwanen die uit je hand aten.

Als Henk en Elly nog een keer naar het buitenland gaan, dan zouden ze voor Spanje kiezen. Daar zijn ze een keer geweest, járen terug. „Dat was onze eerste vakantie samen”, herinnert Elly zich. „En onze eerste vliegreis. Dat was toch mooi, hè Henk.”

Henk knikt. Hij vond het ook heel mooi.

    • Sheila Kamerman