In het uiterste zuiden bestaat China niet

Steeds wordt in westerse publicaties gerept van een revolutie in China. Die zal zogenaamd plaatsvinden zodra de economie instort, maar ‘de’ Chinese economie bestaat helemaal niet. Dus bestaat net zomin ‘de’ Chinese politieke situatie, betoogt Nuhi Bunyak.

Groene heuvels zie ik, overal waar ik kijk. Meestal zijn ze glooiend, soms steil. Ze zijn groen omdat er bomen groeien. Vroeger waren dat honderden soorten bomen in het regenwoud. Nu zijn het rubberbomen op de heuvels en bananenbomen in de dalen. Vrachtwagens rijden af en aan tussen de open kalksteenmijnen. Die liggen verstopt tussen de heuvels en de bouwprojecten in de stad. In die stad zijn overal winkels en winkeltjes, kiosken en kioskjes. Het bruist van leven en van ondernemerschap.

In de autonome prefectuur Xishuangbanna – het meest zuidelijke tipje van de Chinese provincie Yunnan, ter grootte van België en grenzend aan Laos en Birma – is de overheid niet betrokken in het bestaan van alledag. Het gezegde ‘De bergen zijn hoog en de keizer is ver weg’ is hier de veelzeggende uitdrukking van. De effecten van overheidsregulering zie je vooral in de ontwikkeling van de infrastructuur en nauwelijks op kleinere schaal. De zeven verschillende soorten politie zie je niet op straat.

Voor mij, als buitenlander, is de overheid slechts aanwezig als controleur van mijn visum en als uitvoerder van de plicht om me te registreren bij het lokale politiebureau. Als ik dat met hulp van een vriendin doe, zitten na een half uur drie politiemannen hulpeloos achter een computerscherm. Ze vragen uiteindelijk aan mijn vriendin om het zelf te doen. Terwijl zij mijn gegevens intikt, rook ik een sigaret met de heren. We praten over voetbal, over ‘Lobben’, zoals Arjen Robben hier heet.

In westerse media doemen steeds weer de beelden op van China als de Grote Draak, China als moloch van overheidscontrole en -regulering en China als communistische eenheidsworst. De ontwikkelingen in China worden langs de westerse meetlat gelegd. Dit leidt tot in grote woorden gevatte oordelen, zoals ‘China zal merken dat gehoorzaamheid niet langer te koop is’ en het onvermijdelijke oordeel dat de revolutie eraan komt zodra de economie instort – wat eveneens onvermijdelijk is, zoals The Economist, aangehaald in NRC Handelsblad, ons wil doen geloven. Hetzelfde artikel oordeelt dat China moet kiezen: ‘hervormen of repressie’?

Dit is me nogal een oordeel. Waarom wordt het zo zwart-wit gesteld? Tot nu toe slaagt China aardig in beide opties, ook al vinden wij westerlingen daar moreel van alles van. De officiële lijn is ook voor de toekomst hetzelfde – hervormen én repressie. In reacties op Nederlandse opiniestukken zie je een en al oproepen tot revolutie. Ontevredenheid is van alle tijden en alle plaatsen.

Ik kan voor China als geheel de ontwikkelingen van vandaag de dag niet objectief beoordelen. Wel kan ik ze subjectief beoordelen in het zuiden van Yunnan. Het beeld dat bij mij ontstaat, is heel anders dan wat ik lees in westerse media. Ik spreek vrijwel uitsluitend Chinezen – zowel Han-Chinezen als minderheden – die trots zijn op hun land, op hun overheid en op de ontwikkelingen van de achter ons liggende jaren, zoals een verviervoudiging van het bruto nationaal product zonder oorlog te voeren. In Xishuangbanna drink ik bier met rubberboeren die een goed bestaan hebben. Vijfhonderd bomen bezorgen hun niet al te veel werk en geven ruim voldoende inkomen om van te bestaan. Kinderopvang is niet nodig. Opa en oma zijn in de buurt. Ze leven stressvrij.

Het zal anders zijn in de geïndustrialiseerde gebieden aan de oostkust. In de werkplaatsen van Guangdong is het leven waarschijnlijk minder stressvrij. Het kopen van een appartement in Shanghai is erg duur geworden. De prijzen zijn te vergelijken met die in Amsterdam. Huren in Xishuangbanna is dat niet. Ik betaal ongeveer 120 euro huur per maand, voor mijn flatje van 130 vierkante meter met drie slaapkamers en twee balkons. Ik ben de enige buitenlander in dit enorme complex. Kennelijk zijn voldoende Chinezen in staat om dezelfde huur te betalen.

China is te groot en te ingewikkeld om in zijn geheel te beoordelen. ‘De’ vastgoedmarkt in China bestaat niet en ‘de’ politieke situatie evenmin. Ik betwijfel of ‘de’ Chinese economie bestaat. Welke gevolgen dit heeft voor het grotere geheel? Ik weet het niet, maar het is interessant en spannend om onderdeel ervan te zijn.

Nuhi Bunyak is ondernemer en essayist. Hij leeft in het zuiden van China.

    • Nuhi Bunyak