Waarom waaien mieren niet weg?

Het moet een lome vakantiedag zijn geweest waarop Robert Doggers uit Amsterdam zijn vraag instuurde vanuit Frankrijk. Robert dacht een mier weg te kunnen blazen die over een gladde tafel liep. Kan niet moeilijk zijn. „Niets is minder waar: ondanks dat de mier niet gewaarschuwd is, weerstaat hij mijn geblaas dat voor hem een plotselinge orkaan moet betekenen.” En daarna loopt hij weer door. Hoe kan dit?

Een goede vraag voor mierenkenner Peter Boer. De gepensioneerde biologieleraar is vrijwilliger op de insectenafdeling van Naturalis en auteur van het naslagwerk Mieren van de Benelux, waarin 106 mierensoorten worden beschreven.

Ter introductie: De Boer heeft de ontdekking van diverse miersoorten in Nederland op zijn naam staan, zoals de kalme steekmier en de mosslankmier. Maar zijn belangrijkste vondst, zegt hij aan de telefoon, was een mierensoort die een Duitser in de Tweede Wereldoorlog al eens tussen Rotterdam en Amsterdam had gezien. De Boer wilde ’m weer vinden. Na jaren „zoeken, zoeken” vond hij de soort in Limburg. Hoe hij zich toen voelde? „Wel euforisch, ja.”

Nu het antwoord. De mier, niet zwaarder dan eentiende gram, waait niet weg, omdat hij zich bij plotselinge wind tegen het oppervlakte aandrukt. Zo kan de wind niet onder hem komen en hem meevoeren.

Dat wil de mier ook niet. Boer: „Een mier loopt meestal een bepaalde route, die met geur is afgezet. Tenzij hij een verkenner is, wijkt hij niet graag van die route af, want de route terugvinden kost extra moeite.” Insekten met vleugels zijn niet zo routevast en zullen bij een plotselinge rukwind gewoon wegvliegen.

Naast dat de mier door z’n pootjes zakt, grijpt hij zich ook vast aan de tafel. Vrijwel ieder oppervlakte heeft, hoe glad het ook lijkt voor mensen, op mierenschaal genoeg reliëf daarvoor. Dat vastgrijpen doet de mier met de kleine klauwtjes aan het einde van zijn zes pootje, de tarsale klauwen. Bovendien zitten er ook haartjes op z’n pootjes, waarmee hij contact met de tafel maakt. Genoeg om niet weggeblazen te worden.

Maar hoe kan het dat de mier zo snel reageert op een onverwachte rukwind? Dat is een reflex, zegt Boer. Andere insekten hebben die ook. „Kleine mijten blaas je ook niet weg.”

Carola Houtekamer

    • Carola Houtekamer