V-raad veroordeelt regime Syrië in zwakke verklaring

Na een maandenlange impasse heeft de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties gisteren het Syrische bewind veroordeeld wegens zijn wijdverbreide schendingen van de mensenrechten en gebruik van geweld tegen burgers.

De raad overwon zijn verdeeldheid op het moment dat het regime een bloedige poging deed de controle te herwinnen over de stad Hama. Maar de veroordeling kwam niet in een resolutie, maar in een zwakkere, niet-bindende verklaring van de voorzitter van de raad.

Rusland, China, India, Brazilië en Zuid-Afrika verzetten zich tegen een resolutie met het argument dat deze onderhandelingen over hervormingen en stopzetting van het geweld in de weg zou staan. Ze waren ook bang dat een resolutie zou kunnen worden gebruikt als uitgangspunt voor een militaire interventie in Syrië om de burgerbevolking te beschermen, zoals bij Libië is gebeurd. Tijdens het beraad in de Veiligheidsraad herhaalde Rusland zijn opvatting dat die resolutie is misbruikt door de NAVO om haar doorgaande aanvallen op een breed scala van doelen in Libië te rechtvaardigen.

Westerse landen, die de voorkeur gaven aan een resolutie, stemden in met een verklaring omdat deze in elk geval unanimiteit vereist. In april had oppositie van Rusland nog een verklaring geblokkeerd. Syriës buurland Libanon nam na het formele voorlezen van de verklaring er afstand van.

Volgens niet-bevestigde berichten van Syrische mensenrechtenorganisaties zijn bij de inspanningen van de autoriteiten om de opstand te beteugelen sinds half maart tussen 1.500 en 2.000 doden gevallen. Damascus heeft hervormingen beloofd – vandaag werd een meerpartijensysteem bij decreet afgekondigd – maar de Veiligheidsraad betreurde „gebrek aan voortgang” bij de uitvoering.

Op de vierde dag van het offensief in Hama namen tanks posities in op het centrale plein van de stad, dat de laatste weken toneel is geweest van massabetogingen. Volgens Syrische mensenrechtenorganisaties zijn ook grote aantallen tanks samengetrokken bij Deir es-Zor in het oosten, waar eveneens grote menigtes het aftreden van president Assad hebben geëist. (Reuters, AFP, AP)