Shell erkent schuld voor olielekken in Niger Delta

Olie- en gasconcern Shell heeft in een Britse rechtszaak erkend aansprakelijk te zijn voor twee grote olielekken die in 2008 voor een ecologische ramp zorgden in de Niger Delta. Dat blijkt uit documenten die zijn uitgewisseld in een procedure voor het Britse Hooggerechtshof.

„Het is de eerste keer dat Shell schuld erkent voor de Nigeraanse olievervuiling in een lopende rechtszaak voor de Britse rechter”, zegt Daniel Leader van het advocatenkantoor Leigh Day, dat de belangen verdedigt van circa 69.000 gedupeerde inwoners uit Ogoniland, een gebied ten oosten van de Niger Delta.

Het advocatenkantoor spande in april een rechtszaak aan voor het Britse gerechtshof. „Kort daarna aanvaardde Shell al verantwoordelijkheid voor de twee olielekken”, aldus Leader. Dat werd formeel vastgelegd in een overeenkomst met de Nigeriaanse dochter van Shell. De aansprakelijkheid die het Brits-Nederlandse concern erkent, opent volgens juridische experts de deur voor andere juridische claims.

Een woordvoerder van Shell benadrukt dat het bedrijf altijd erkend heeft dat de twee olielekken waarvan sprake veroorzaakt zijn door eigen bedrijfsfouten. „Dat betekent dat we bereid zijn schadevergoeding te betalen onder de Nigeriaanse wet.” Volgens het concern wordt het merendeel van de olielekken in de Niger Delta veroorzaakt door sabotage en criminele activiteiten.

Buiten de rechtszaal om zal het Brits-Nederlandse olieconcern nu gesprekken voeren met de gedupeerden om een schikking te treffen en een bedrag voor de schadevergoeding vast te leggen. Leader: „Dat zal in de loop van het najaar gebeuren.” „Komen we niet tot een akkoord, dan gaat de procedure verder voor de Britse rechter.”

Shell heeft in Nigeria 6.000 kilometer aan pijpleidingen. De productie vorig jaar bedroeg 925.000 vaten per dag en daarmee benadert het concern zijn maximale capaciteit. Shell stopte in 1993 de oliewinning in de Delta-regio Ogoniland, waar de twee olielekken tot stand kwamen.