Japanse ambtenaren laan uit om kernramp

De Japanse regering heeft vanmorgen gezegd dat ze drie hoge ambtenaren die zich met de nucleaire veiligheid en met kernenergie bezighielden uit hun functie zet.

Premier Naoto Kan en zijn kabinet komen hiermee tegemoet aan critici die na de ernstige crisis bij de kerncentrale Fukushima Dai’ichi van dit voorjaar betoogden dat de nucleaire industrie en de toezichthouders van de overheid te nauw met elkaar verstrengeld waren geraakt.

Kan heeft onlangs verklaard dat de nucleaire sector meer verantwoording moet afleggen voor de wijze waarop ze werkt. Eerder was er opschudding ontstaan over pogingen van ambtenaren die belast waren met het toezicht op de nucleaire sector om de publieke opinie te beïnvloeden ten gunste van het gebruik van kernenergie. Ze bleken medewerkers van nutsbedrijven te hebben aangespoord om positieve e-mails over kernenergie te sturen naar een openbaar forum voor de discussie over het gebruik van kernenergie.

Minister van Handel en Industrie Banri Kaieda zei vanmorgen dat de drie functionarissen verantwoordelijk worden gehouden voor fouten die gemaakt zijn bij het beheer van de centrale, die in maart door een tsunami zwaar beschadigd raakte. Kaieda zelf heeft eveneens laten weten dat hij wil opstappen omdat hij zichzelf verantwoordelijk acht voor fouten onder zijn supervisie, al heeft hij nog niet gezegd wanneer hij precies opstapt. De minister barstte onlangs in het parlement in snikken uit bij een debat over de kwestie.

Het gaat bij de drie ontslagen ambtenaren om het hoofd van het agentschap voor toezicht op de nucleaire veiligheid, Nobuaki Terasaka, het hoofd van het agentschap voor energie, Tetsuhiro Hosono, en een onderminister van handel, Kazuo Matsunaga. (Reuters, AP, BBC)