Droogte geeft bij hongersnood het laatste duwtje

Op beelden van de hongersnood in de Hoorn van Afrika zie je veel dorre landbouwgebieden, uitgedroogde gewassen, opgedroogde rivieren. De droogte, staat in de bijschriften is extreem en uitzonderlijk – de ergste in zestig jaar. En daarmee lijkt het klimaat de belangrijkste oorzaak van de honger. Maar is dat wel zo? In Somalië, dat het

Mensen in Zuid-Somalië vluchten door droogte en honger. (Foto AP)Mensen in Zuid-Somalië vluchten door droogte en honger. (Foto AP)

Op beelden van de hongersnood in de Hoorn van Afrika zie je veel dorre landbouwgebieden, uitgedroogde gewassen, opgedroogde rivieren. De droogte, staat in de bijschriften is extreem en uitzonderlijk – de ergste in zestig jaar. En daarmee lijkt het klimaat de belangrijkste oorzaak van de honger.

Maar is dat wel zo? In Somalië, dat het ergst is getroffen, maar ook elders in Oost-Afrika, spelen sociale factoren een veel belangrijker rol bij het ontstaan van honger dan de extreme weersgesteldheid van de afgelopen maanden.

Somalië wordt al ruim twintig jaar geteisterd door een alles-ontwrichte burgeroorlog. De snelle bevolkingsgroei, de jarenlange marktverstoring door geïmporteerde voedselhulp en het gebrek aan structurele veranderingen om de weerbaarheid van boeren te vergroten, versterken de gevolgen van het geweld. (lees bijvoorbeeld dit interessante opiniestuk in the Washington Post). Droogte is hooguit het laatste duwtje in de richting van een hongersnood (zie ook de uitgebreide productie over de hongersnood vandaag in NRC Handelsblad).

Maar toch, in een column op de nieuws website van het tijdschrift Nature legt Chris Funk van de Climate Hazard Group van de universiteit van Californië wel degelijk een relatie tussen honger en klimaatverandering. Funk, die nauw betrokken is bij het Famine Early Warning Systems Network (FEWS NET) van het Amerikaanse agentschap voor ontwikkelingshulp, heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de relatie tussen de relatief snelle stijging van de temperatuur van het water in de Indische Oceaan en droogte in het oosten van Afrika. Op grond van die studie, zag hij al in december vorig jaar aankomen dat het mis zou gaan (zie ook dit rapport).

Funk stelt dat het IPCC in 2007 ten onrechte heeft voorspeld dat Oost-Afrika natter zal worden. Het tegendeel is volgens hem te geval. Dit jaar werd het effect van de algemeen toenemende droogte versterkt door La Niña, die juist in het doorgaans natte seizoen van oktober tot december, verantwoordelijk was voor het uitblijven van neerslag (lees hier over een zojuist verschenen artikel in Science over La Niña en de droogte):

Declines in agricultural capacity are exacerbated by warming of the Indian Ocean, which is reducing the onshore flow of moisture during the spring rainy season, creating more frequent droughts. These trends are having an impact in southern Ethiopia, central and eastern Kenya and southern Somalia — those regions that have been hardest hit this year. Warmer and drier weather is shrinking the amount of land that is suitable for farming, leaving burgeoning food-insecure populations exposed to more frequent and severe climate shocks.

De klimaatmodellen van het IPCC zijn volgens Funk tot nu toe ongeschikt voor het voorspellen van regionale veranderingen. Er is, zegt hij onvoldoende studie gemaakt van ‘klimaatwetenschap die is gebaseerd op lokale waarnemingen’. Als de globale conclusie van het IPCC tot uitgangspunt worden gemaakt van het landbouwbeleid in de regio, kan dat tot nieuwe drama’s leiden:

Several agencies are building long-term plans on the basis of the forecast of wetter conditions. This could lead to agricultural development and expansion in areas that will become drier. More climate science based on regional observations could be helpful in addressing these challenges.

    • Paul Luttikhuis