Dit is wat oorlog doet

Ilse en Femke van Velzen maakten een documentaire over verkrachting in Congo. De militaire daders kijken er naar bij wijze van therapie. „Ze moeten onder ogen zien wat ze gedaan hebben.”

De Congolese soldaat Kaseraka, voormalig rebel van de Mai Mai Simba-groep, vertelt dat hij vrouwen niet alleen verkrachtte, maar ook hun borsten en schaamlippen afsneed. „Die legden wij te drogen. Van de as maakte onze magiër tatoeages, die ons beschermden. Hierdoor raakten de kogels ons niet, maar die van ons de vijand wel.” Hij buigt voorover, knoopt zijn hemd open en laat als bewijs enkele donkere vlekken op zijn borst zien. „Het kan ons niets schelen; zo is het leger. Zelfs mijn vader kan ik vermoorden. Zelfs mijn moeder.”

De eeneiige tweeling Ilse en Femke van Velzen (30) kijkt in de documentaire Weapon of war naar de massale verkrachtingen in Congo vanuit het perspectief van de dader. De film, bekroond met een Gouden Kalf en tal van prijzen op buitenlandse festivals, wordt vanavond vertoond door de IKON. Ilse en Femke van Velzen werken al ruim vijf jaar in Congo. In hun eerdere film, Fighting the silence, stonden juist de slachtoffers van verkrachting centraal.

Hoe is het om een man als Kaseraka tegenover je te hebben?

IvV: „Tijdens de opnames van Fighting the silence zagen we alle soldaten als de vijand. En ja, als zo’n jongen met droge ogen uitlegt waarom hij borsten afsnijdt, dan wordt dat bevestigd. Hij heeft een zieke geest. Zulke jongens heb je veel in Congo.”

FvV: „Hij heeft ook letterlijk gezegd dat hij onze borsten kon afsnijden. De tolk had dat in eerste instantie niet vertaald. We kwamen er pas later achter, toen we met vertalers door al ons materiaal heengingen. Er ontstond een lacherige sfeer. Het was zó bizar.”

IvV: „Hij was kapot. Er zat geen licht meer in zijn ogen.”

FvV: „Maar in de film komen ook andere mannen aan het woord. Kapitein Basima bekent zes verkrachtingen, maar zet zich nu in voor het terugdringen van verkrachtingen. Het is zijn missie geworden, hij doet het met volle overgave. Het is een bepaalde manier van boetedoening. Hij wil nog iets bereiken in zijn leven.”

Wat willen jullie bereiken met de documentaire?

FvV: „Ons doel is om het probleem van verkrachting bespreekbaar te maken binnen het nationale leger van Congo.”

IvV: „Bij hulpverleningsorganisaties in Congo is op dit moment een grote nadruk op opvang van slachtoffers. Dat is goed en noodzakelijk. Tegelijkertijd: als je niet kijkt naar de oorzaken van het probleem, dan kom je niet verder. Veel militairen beseffen niet wat ze kapot maken. Ze hebben al hun ellende weggestopt. Zo kunnen ze niet terugkeren naar de samenleving. Onder ogen komen wat ze hebben gedaan, daar begint het mee.”

Zijn jullie journalisten of activisten?

FvV: „In eerste instantie willen wij mooie films maken. Maar als de film af is, komt stiekem toch de activist naar boven. Wij willen niet, zoals veel documentairemakers, dat onze films alleen in westerse bioscopen en theaters worden vertoond. Wij willen echt iets teweeg brengen.”

IvV: „Tijdens het filmen in Congo vroegen veel mensen of ze de film konden zien. Dan kan je wel een set dvd’s opsturen, maar daar schieten ze niet zo veel mee op. Ze hebben geen dvd-spelers, ze hebben geen stroom. Voor Fighting the silence hebben wij daarom een mobiel cinemaproject opgezet dat met de film langs Congolese dorpen rijdt.”

FvV: „Voor Weapon of war zijn we een samenwerking aangegaan met het nationale leger. Dat is de grootste groep in Congo die aan verkrachtingen doet. Het leger bestaat uit verschillende groepen oud-rebellen met uiteenlopende achtergronden; veel soldaten zijn getraumatiseerd.”

IvV: „Het nationale leger wil het probleem van verkrachtingen aanpakken, het probleem wordt serieus genomen. We hebben zes korte filmpjes gemaakt van ons filmmateriaal, die vanaf deze week worden getoond aan de soldaten. De films worden begeleid door workshops met speciaal opgeleide trainers. Het is de bedoeling dat alle bataljons de films te zien krijgen.”

FvV (na korte stilte): „We zijn niet ‘activistisch’ in de zin dat we de toeschouwer een bepaalde kant opsturen, zoals Michael Moore dat in zijn films doet. We willen laten zien wat oorlog met mensen doet, zonder een oordeel uit te spreken. In een oorlog is het moeilijk om eenduidig van ‘goed’ of ‘fout’ te spreken. Alle grenzen vervagen. Zoals een van de soldaten het zegt in de film: je verandert van een mens in een beest.”

Voor westerse kijkers bieden jullie weinig context. De kijker wordt direct geconfronteerd met daders en krijgt geen achtergrondinformatie over het conflict. Leidt dat wel tot meer begrip?

FvV: „Wij blijven dicht bij de mensen zelf. Dat is een keuze. We willen geen experts aan het woord of een voice over die uitleg geeft. Onze visie als filmmakers is: het kleine verhaal vertelt het grote verhaal.”

IvV: „Met onze film geven wij geen overzicht van het thema ‘verkrachting als oorlogswapen’. Wij laten een aantal mensen aan het woord die de eerste stap zetten om over hun ervaringen te spreken. Het klopt dat je als toeschouwer met vragen kan blijven zitten. Maar wij denken dat als ons publiek echt geïnteresseerd is, zelf extra informatie zal opzoeken.”

Weapon of war eindigt met een scène waarin en meisje haar verkrachter vergeeft. Zien jullie vergeving als oplossing?

IvV: „Verzoening is een veel voorkomende praktijk in Congo. Het gebeurt, wij laten het zien. Dat betekent niet dat wij het als dé oplossing presenteren.”

FvV: „Wij hebben de scène gebruikt omdat het meisje zo ongekend sterk was. Vooraf was ze zwijgzaam, maar toen ze met haar verkrachter aan tafel zat ging ze lós! We wisten niet wat we zagen.”

IvV: „Verzoeningsrituelen vinden vaak plaats in dorpen waar de inwoners geen geld hebben voor een rechtszaak. Uit onderzoek blijkt dat het slachtoffers gemiddeld tweehonderd dollar kost om een dader voor het gerecht te krijgen – zonder garantie dat hij veroordeeld wordt. Onze nieuwe film Justice for sale, die uitkomt in november, gaat over het falende rechtsysteem in Congo.”

Jullie hebben een drieluik gemaakt?

IvV: „Ongemerkt hebben we een drieluik gemaakt over seksueel geweld in Congo. Dat waren we, toen we op ons 25ste naar Congo trokken, niet van plan. Maar er bleven nieuwe vragen komen.”

FvV (lacht): „Justice for sale wordt de laatste!”

Weapon of war, Ned. 2, 23.15-00.15.

    • Eva de Valk