Cruijff is binnen de regels op zijn best

Johan Cruijff lijkt rake argumenten te geven voor zijn ‘eigen regels’, maar juist binnen bestaande kaders is hij een virtuoos gebleken, vindt Jan Maarten Slagter. Cruijffs indirecte strafschop was volledig legaal.

Illustratie Siegfried Woldhek

Het genie van de voetballer Johan Cruijff was dat hij de indruk kon wekken dat hij niet aan dezelfde wetten is gebonden als de rest van het veld. Kijk op YouTube naar het beroemde penalty-een-tweetje waarmee hij in 1982 met Jesper Olsen scoorde tegen Helmond Sport. Niemand had ooit bedacht dat je een strafschop ook indirect kon nemen, maar Cruijff deed het. Ook na bijna dertig jaar blijven dit fascinerende beelden.

Wezenlijk aan deze historische actie was dat Cruijff weliswaar buiten de orde leek te stappen, maar ondertussen netjes binnen de KNVB-spelregels bleef. Zie Olsen aanlopen van buiten het strafschopgebied – als hij er al binnen had gestaan toen Cruijff de bal voor het eerst raakte, was de goal ongeldig geweest. Zie Cruijff inhouden, opdat hij achter Olsen stond toen hij de bal terugkreeg – anders stond hij buitenspel. Het genie creëert nieuwe ruimte binnen de bestaande kaders.

Ik wil maar zeggen: spelregels doen ertoe, ook voor Cruijff. In zijn inmiddels omstreden Telegraaf-column van deze week ontkent hij dat: „Hoe meer ik over de regels van de raad van commissarissen [van Ajax] nadenk, hoe meer ik tot de conclusie kom dat ik mijn eigen regels moet maken.” Die uitspraak zal ongetwijfeld de geschiedenis ingaan als vermakelijk ‘Cruijffisme’. Dat doet de nieuwe Ajax-commissaris onvoldoende recht. Uit de column blijkt dat hij goed heeft nagedacht over een belangrijk corporategovernancevraagstuk. Hoe moet je je opstellen als expert binnen de collectiviteit van een raad van commissarissen?

Cruijff zou Cruijff niet zijn als hij niet was gekomen tot oorspronkelijke – en voor een groot deel verstandige – ideeën. „Volgens de regels moet ik naar buiten toe mijn mond houden. Zelfs als ik zie dat er iets fout gaat, maar de meerderheid is het niet met me eens, mag ik daar niets over zeggen. Ook al gaat het om iets waar ik van alle commissarissen het meeste verstand van heb en uiteindelijk ook op word afgerekend”, aldus de bestuurder. Hij concludeert dat hij, in het belang van de club, in zo’n geval wel degelijk de publiciteit zal zoeken. „Krijg ik daarmee voor elkaar dat Ajax beter gaat functioneren, dan gaan de aandelen vanzelf omhoog. Terwijl als ik zie dat het fout gaat en dan mijn mond houd, het belang van Ajax en de aandeelhouders alleen maar wordt geschaad”.

Deze redenering is te volgen, maar Cruijff miskent dat hij zich daarmee buiten zijn team plaatst. Cruijff bevindt zich in dezelfde positie als een juridische, financiële of operationele expert die, vanwege die specifieke achtergrond, is gevraagd om plaats te nemen in een raad van commissarissen. Zijn stem heeft om die reden uiteraard groot gewicht bij besluiten die zijn expertise betreffen. Het is evenwel denkbaar dat hij op bepaalde momenten toch wordt overstemd, bijvoorbeeld omdat ook andere overwegingen een rol spelen. In dat geval heeft hij twee opties: hij accepteert de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het besluit of hij stapt uit de raad. In het laatste geval staat het hem vrij om de redenen voor dit aftreden publiekelijk toe te lichten. Daar zouden wij namens de aandeelhouders ook prijs op stellen.

Een tussenweg bestaat niet. De raad van commissarissen kan alleen inhoud geven aan zijn collectieve verantwoordelijkheid als meningsverschillen intern worden uitgevochten. Het is wel heel belangrijk dat die gesprekken worden gevoerd op het scherp van de snede.

Naar buiten toe spreekt de raad van commissarissen met één stem. Als dit niet zo is, verliest hij snel ieder gezag.

Het is aan Cruijff om – net als in zijn tijd als speler – effectief te zijn binnen de beperkingen van zijn rol. Als hem dat lukt, kan hij een zeer waardevolle commissaris zijn voor Ajax.

Jan Maarten Slagter is directeur van beleggersvereniging VEB.

    • Jan Maarten Slagter