Pijn wordt naar 2013 geschoven

De VS en de EU schuiven de rekening van de crisis van 2008 weer door.

Het schuldenprobleem in het Westen is allerminst opgelost.

Econoom Jaap van Duyn had maandag slecht nieuws. In het Radio 1 Journaal waarschuwde hij burgers in de VS en Europa voor het jaar 2013. „Dat wordt cruciaal”, zei Van Duyn. „Dan zit er een nieuwe president in de VS, heeft China een nieuwe president en loopt in Europa het Europese noodfonds af om landen in problemen te helpen.” Zijn advies? Sparen. „Burgers moeten er rekening mee houden dat de rente gaat oplopen. Dat betekent dat schulden duurder worden.”

De afgelopen weken werden zowel de VS als Europa getekend door economische paniek. In Europa moest Griekenland opnieuw worden gered en kwam Italië in de problemen omdat beleggers panikeerden over de hoge staatsschuld en een uiteindelijk gesuste regeringsruzie over bezuinigingen. In de VS dreigde een totale verlamming van de staat omdat het land het zelf opgelegde schuldenplafond van 14.300 miljard dollar dreigde te overschrijden. Met politiek duw- en trekwerk werd op het laatste moment op beide continenten een ramp afgewend, met de voorspelbare opluchting op de beurzen tot gevolg. Maar in hoeverre is het schuldenprobleem nu echt weg?

Het antwoord: in het geheel niet.

De VS en de EU schuiven harde beslissingen zover mogelijk voor zich uit. Het is een veelgebruikte metafoor, maar ze trappen een – inmiddels flink gebutst – blikje voor zich uit. Alle zogenaamde oplossingen zorgen nauwelijks voor een verlichting van de torenhoge schuldenlast. Dat verklaart ook de weer vandaag oplopende rente op staatsobligaties uit Europese probleemlanden – met name Italië en Spanje – en de uiteindelijk negatieve beursreactie op het schuldenakkoord in de VS.

Waar zitten de werkelijke problemen? De huidige schuldencrises vormen het voorlopig sluitstuk van de rekening die loopt sinds de val van zakenbank Lehman Brothers in 2008. Overheden waren dat jaar gedwongen hun eigen schuldenlast op te pompen, om te voorkomen dat banken, bedrijven en consumenten zouden bezwijken onder hun private schuldenlast. Pimco-topman Mohamed El-Erian vatte maandag de problemen van Europa en de VS het bondigst samen. Wat nodig is, schrijft hij, is het daadwerkelijk afbouwen van de schulden. Dat gebeurt aan geen van beide zijdes van de Atlantische Oceaan.

De VS verhogen juist hun schuldenplafond. Op korte termijn wordt daarmee voorkomen dat het land een afwaardering krijgt en financiële markten echt in paniek raken. Maar kredietbeoordelaars hebben al gezegd dat een bezuiniging van 2.400 miljard dollar eigenlijk onvoldoende is om een verlaging van de rating definitief af te wenden. Het grote probleem van de VS is dat er nog steeds te weinig inkomsten staan tegenover de uitgaven. Op federaal niveau bedragen de belastinginkomsten nu 14 procent. Dat is lager dan de 18 procent in de Reagan-jaren.

De Europeanen zorgen er met veel financieel gegoochel voor dat de grootste schuldenlanden aan hun verplichtingen kunnen blijven voldoen met kapitaalinjecties en garanties. Maar ook hier gaat de schuld niet of nauwelijks omlaag. En het onderliggende probleem van de euro (wél een muntunie, maar géén bindende begrotingsafspraken en concurrentiemaatregelen) is er niet mee opgelost. Herstel van een stevige economische groei – de enige manier waarop landen als Griekenland, Portugal, Ierland en Spanje uit de problemen kunnen komen – is ver weg. De werkloosheid is hoog, in Spanje zelfs boven de 20 procent.

Het doorschuiven van de problemen tot 2013 is niet willekeurig. Dan is het internationale verkiezingsjaar 2012 voorbij waarin presidenten als Obama in de VS en Sarkozy in Frankrijk moeten hopen dat ze aan de macht mogen blijven van hun kiezers. Met een ontevreden electoraat is dat een lastige opdracht voor de regeringsleiders. Onvrede heerst overal. Populistische bewegingen die daarvan profiteren zijn in opkomst. In de VS blokkeert de Republikeinse Tea Party-factie elke belastingverhoging. Zij staat een kleinere overheid voor, en de rest is bijzaak. In Frankrijk wint het Front National sterk aan populariteit, terwijl de regering-Sarkozy sterk onder druk komt om door forse bezuinigingen de Franse staatsschuld in te dammen. In Duitsland staan politici onder druk van de machtige boulevardpers, die zich sterk kant tegen elke steun aan de ‘knoflooklanden’.

Groeiende werkloosheid en toenemend populisme kunnen de roep om protectionisme doen opleven. Handelsbeperkende maatregelen zijn sinds 2008 fors toegenomen, rapporteerde de Global Trade Alert, een samenwerkingverband van internationale economen, vorige maand. Vooral de westerse landen voeren invoerbeperkingen door ter stimulering van de binnenlandse industrie en ten koste van buitenlandse concurrenten. Daarmee wordt de wereldhandel (en economische groei) beperkt.

Want dat is nog een overeenkomst: de groei blijft uit. De makkelijkste manier om een schuldenlast dragelijk te maken is zorgen dat je nationaal inkomen sneller groeit dan je schuld. Maar het omgekeerde gebeurt. Zowel de VS als Europese landen zien hun economische groei alweer teruglopen. In de VS bleek de groei vorige week op een teleurstellende 1,3 procent uit te komen. De zogenoemde inkoopmanagersindex, een belangrijke indicator van de verwachting voor de economie, viel gisteren in de VS zwaar tegen. Dat wijst erop dat herstel niet aanstaande is.

De trage groei is een tegenvaller voor de regering-Obama. Die heeft sinds haar aantreden in 2009 voor vele honderden miljarden aan steun in de economie gepompt om economische groei op peil te houden door onder meer te investeren in infrastructuur. Ondanks dat blijft de werkloosheid hoog en – zorgwekkender – werklozen zitten steeds langer zonder baan. De vaak geroemde flexibiliteit van de arbeidsmarkt stokt, de groep kanslozen (stemvee voor populisten) groeit. Geld om opnieuw te investeren is er niet en het huidige pakket is in 2012 uitgewerkt.

In Europa is sinds vorig jaar wel vooruitgang geboekt. Het tijdelijke noodfonds, dat volgens de oorspronkelijke opzet zou functioneren tot 2013, is omgezet in een permanent crisismechanisme. Alleen weet nog niemand hoe dat gaat werken.

Europa en de VS maken zich zo op voor een harde landing in 2013. Toenemende vraag uit de BRICS-landen (Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika) zou ze uit het slop moeten trekken, zij zijn de enige potentiële aanjagers van de wereldeconomie. Maar met toenemend protectionisme wordt juist die landen pijn gedaan. En die pijn zal de koers van een land als China, cruciaal als financier van Amerikaanse schuld, voor een belangrijk deel bepalen. Toeval of niet, ook in Peking komt in 2012 een nieuwe president aan de macht.

Lees meer over de schuldencrisis op Opinie, ‘Slechtste van twee werelden’, op pagina 18 en 19

    • Daan van Lent
    • Egbert Kalse