Na 17,5 uur is er weer eten en drinken

Tijdens de vastenmaand is alles anders. De sfeer in de moskee, maar ook thuis, schrijft redacteur Hanina Ajarai, zelf moslim. Haar dilemma: „Doe ik het zonsondergangsgebed voor of na mijn kom soep?”

Een maand van verlichting, eenheid en samenwerking. Dertig dagen van opoffering en strijd voor het goede. De islamitische vastenmaand, ramadan, is zo veel meer dan alleen niet eten en niet drinken overdag. Het is het moment om het beste uit jezelf te halen: vriendelijkheid betonen, vergevingsgezind zijn, niet liegen of schelden. Elke ruzie met een geliefde of familielid moet worden bijgelegd nog voor de ramadan is begonnen. Dat is wat God wil.

Het zal niemand verbazen dat de praktijk er heel anders uitziet. De familievetes waar ik van op de hoogte ben, hebben al meerdere ramadans moeiteloos overleefd. Opgewektheid en vriendelijkheid zijn niet direct de eigenschappen waar je aan denkt bij een vastende moslim. Gebrek aan slaap en cafeïne maakt ieder mens kribbig, wat de intenties ook zijn.

Sowieso is eenheid doorgaans ver te zoeken in de Arabische wereld, getuige het bekende gezegde: Arabieren zijn het slechts over één ding eens, namelijk dat ze het nooit eens zullen worden. Neem alleen al de eindeloze discussie die ieder jaar de kop opsteekt over of je nou wel of niet mag tandenpoetsen als je vast. Zelfs over de exacte begindatum van de ramadan is ieder jaar weer onenigheid tussen moslimlanden. Bijna elk jaar begint de Marokkaans-Nederlandse moslim een dag eerder met vasten dan zijn familie in Marokko. De vastenmaand begint pas als de nieuwe maan is waargenomen met het blote oog en de koning van Marokko ziet hem om onduidelijke redenen meestal pas een dag na de meeste islamitische landen.

En tóch is er een onmiskenbaar ramadangevoel te ontwaren in de maand van bezinning, die maandag begon. Misschien niet voor de buitenstaander, maar ga op de eerste avond van de vastenmaand naar een moskee om te bidden en je voelt de saamhorigheid. Mensen zijn vriendelijk en helpen elkaar.

Het begint thuis al, bij het verbreken van de vasten. Waar je je op je werk vooral een eenzame gek voelt („Mag je ook geen water?” „Nee.” „Echt niet, zelfs geen druppel?!” „Nee *zucht*, zelfs geen druppel.”) zit je thuis rond 21.30 uur met de hele familie te wachten totdat die ene minuut van de zonsondergang voorbij gaat. Een dampende megakom harira-soep voor je neus, een dadel in de aanslag. Ontpit, want dat scheelt tijd als je je straks mag volproppen.

Als het dan zover is, is het hoofd zo leeg dat er slechts één dilemma overblijft om van mening over te verschillen: doe ik het zonsondergangsgebed voor of na mijn kom soep? Je mag namelijk al eten, alleen de ware vromen stellen het schransen vrijwillig met een paar minuten uit.

Het laatste gebed van de dag is tijdens de ramadan het gebed dat je bij voorkeur in de moskee uitvoert. Het tijdstip van dit gebed valt dit jaar bijzonder laat, vanwege de lange dagen, rond kwart over elf ’s avonds. De lange zomerse dagen maken de ramadan moeilijker. Het vasten begon gisteren bij zonsopgang om vier uur ’s ochtends. Dat betekent 17,5 uur zonder water, eten, een sigaret of seks. En dan moet de allermoeilijkste ramadan nog komen, over een jaar of vier wanneer de maand samenvalt met de langste dagen van het jaar.

In de moskee doen moslims deze maand ook extra tarawih-gebeden. Daarmee wordt gedurende één maand geprobeerd de hele Koran uit te lezen. Elke dag een dertigste deel. Eén zo’n deel past in pakweg tien gebeden van elk twee onderdelen (rak’as) waarbij je knielt. Dat is, kortom, best veel op en neer knielen voor God. Vooral met de harira nog klotsend in je maag.

Toch is het enorm druk op deze eerste avond. Het gevoel samen te strijden voor een groter goed geeft kennelijk de kracht om meer inspanning te leveren dan normaal.

Het is deze eerste avond zo druk dat er rond de moskee in Rotterdam-West nauwelijks parkeerplaatsen zijn te vinden. Pas als een Pakistaanse vader en zijn zoons hun auto’s wegrijden, waarschijnlijk op weg naar een Pakistaanse moskee, komt er plek vrij. Want zo eendrachtig dat een Pakistaan in een Marokkaanse moskee gaat bidden, zijn moslims ook weer niet, zelfs niet in de ramadan.

Eenheid heerst echter wel binnen de muren van het gebedshuis. Het mannengedeelte is vol, alle deuren staan open vanwege de warmte. Veel vakantievierders zijn eerder naar huis gekomen omdat vasten in het mediterrane thuisland nog net iets moeilijker is dan in Nederland. Te warm, en zonder eten is er trouwens toch geen vakantie. Een man in een oranje hesje vraagt jongeren die nog buiten zitten of ze naar binnen willen gaan. Ze gehoorzamen meteen.

Ook de drie aparte vrouwenruimtes lopen langzaam vol. Zelfs de gang wordt gebruikt. Naast de oude vrouwtjes die er elke vrijdag komen bidden, zijn er opvallend veel jonge vrouwen. Iedereen groet bij binnenkomst. Er hangt een serene stilte, het voelt heel anders dan de gewone vrijdagen. De oplettendheid van vaste bezoekers, die normaal bijna vijandig aanvoelt als iemand er weer eens van langs kreeg voor een rinkelende telefoon, heeft nu een veel zorgzamer karakter. Er worden voortdurend flesjes water, plastic bekers en gebedskralen uitgedeeld. Twee vrouwen lezen samen uit de Koran. Een groepje meisjes vooraan is in de weer met mobieltjes. De rest bidt wat extra’s of prevelt smeekbeden in afwachting van de imam die weldra uit de speakers zal klinken.

Als het gebed begint, verzoekt de imam de gelovigen in rechte rijen naast elkaar te gaan staan. Wat normaal een moment van geduw, getrek en geïrriteerd verwijten is, blijkt nu geen enkel probleem op te leveren. Er vormen zich naadloos rechte rijen in de vrouwenruimte waar ik zit. Het lijkt wel of niemand de vrome sfeer wil verpesten. Misschien omdat moslims al op vroege leeftijd leren dat de vastenmaand een speciale maand is: de maand waarin profeet Mohammed voor het eerst een openbaring van de engel Gabriël ontving. Het is de maand waarin volgens de overlevering alle duivels even opgeborgen zijn om het de vastende mens wat makkelijker te maken. Een moslim die zijn ramadan tot een goed eind weet te brengen, kan erop rekenen dat al zijn voorgaande zonden worden vergeven. Ervaringsdeskundigen zeggen dat het saamhorigheidsgevoel van de ramadan het gevoel van samenzijn tijdens de bedevaart in Mekka een beetje benadert.

Om twaalf uur stipt zijn de gebeden afgelopen. De moskee mag van de gemeente niet later dan middernacht sluiten. De imam vraagt of de gelovigen rustig het pand willen verlaten en direct naar huis gaan, want „de buren slapen”. Bij de uitgang staat weer de man in het oranje hesje om alles in goede banen te leiden. Hij hoeft nergens in te grijpen, de gelovigen waaieren geruisloos over de straten rond de moskee.

    • Hanina Ajarai