Keihard werken in games

Bestaat er vervelender werk dan spijkerbroeken naaien aan de lopende band in een ontwikkelingsland? Er komt zo snel niets in me op. Toch speelde ik laatst met plezier een game over dit onderwerp.

Het is echt zo, games kunnen je voor de lol rotwerk laten doen. Weinig mensen zouden voor geld kraaltjes op kleur sorteren en toch zijn hele volksstammen verslaafd aan Bejeweled. Zoals de Amerikaanse schrijver Steven Johnson opmerkte: ‘The dirty little secret of gaming is how much time you spend not having fun.’ Die schijnbaar onmogelijke puzzel of dat eindeloos herhalende gangenstelsel vergeet je zodra je een in-game schouderklopje hebt gekregen.

In Sweatshop, gratis te spelen via Playsweatshop.com, wordt deze eigenschap op slinkse wijze uitgebuit. Het spel is bedoeld om de arbeidsomstandigheden in derdewereldlanden onder de aandacht te brengen, maar de makers wrijven hun punt pas gaandeweg goed in. Je plaatst dan al met geestdrift en enthousiasme werknemers achter de lopende band, fabriceert steeds meer producten en installeert onder andere watercoolers en radio’s om de beuk erin te houden.

Er waren eerder al games die fabriekswerk leuk maakten. In Boxlife (Nintendo DSi) snij je karton op maat en vouw je dozen. In Async Corp. (iOS) stel je pakketjes samen. Diner Dash en andere ‘time management games’ draaien om stressvolle beroepen waarin je constant van alles moet regelen. En dan zijn er de simulatiegames, van Flight Simulator tot het recent verschenen Street Cleaning Simulator – waarin je, echt waar, een borstelwagentje bestuurt.

Niet eerder was een ‘werkgame’ zo schrijnend als Sweatshop. Als je je medewerkers te hard laat werken, bijvoorbeeld door de lopende band op dubbele snelheid te zetten, dan vallen ze in slaap, worden ze ziek en gaan ze zelfs dood. Of wat dacht je van de mogelijkheid om kindarbeiders in te huren – doen lang over hun taken, maar zijn lekker goedkoop?

Een ‘karmameter’ geeft aan of je ‘good’ of ‘evil’ speelt, maar als je gouden trofeeën voor elk level wilt halen, word je gedwongen om je nobele beginselen aan de wilgen te hangen. Al snel foeter je je werknemers uit als ze op het verkeerde moment insoezen. Steeds vaker kies je voor goedkope werkslaafjes van een jaar of tien.

Tot je jezelf ineens achter je laptop ziet zitten. Een schmutzige fabriekshal op je scherm. Overal verdrietige kinderen. Arbeiders wier handen tussen de lopende band zijn gekomen. En een megawinst - voor jou, voor je baas en voor een anoniem A-merk. Je beseft dat er nog steeds plekken in de wereld zijn waar dit echt gebeurt, en dat de makers van Sweatshop in hun opzet zijn geslaagd.

Niels ’T hooft

In deze rubriek schrijven freelance journalist Niels ’t Hooft en gamewetenschapper David Nieborg elke week over games

    • Niels `t Hooft