Warmte en kou opslaan in de grond lukt nog niet goed

Energiebesparing door warm en koud water op te slaan in de bodem is populair, maar het mislukt nogal eens. Er worden fouten gemaakt bij ontwerp, aanleg en beheer, waardoor veel minder energie wordt bespaard dan mogelijk is.

Fitnesscentrum Sports World in Amsterdam-Oost heeft sinds drie jaar een warmte-koude-opslagsysteem. Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold amsterdam gebouw sports world verhaal over aardwarmte foto nrc rien zilvold

Lichamen werken zich in het zweet. Op hometrainers, loopbanden, roeiapparaten. Buiten is het broeierig warm, binnen bij fitnesscentrum Sports World in Amsterdam-Oost is het aangenaam koel. Nu wel.

Dat was vorig jaar wel anders, vertelt eigenaar Bert Elzinga. En het jaar daarvoor ook. Het koelsysteem, dat drie jaar geleden is aangelegd, werkte niet goed. Soms werd het zo warm dat klanten wegbleven. Elzinga: „Het was een drama.”

Oorzaak van alle ellende is een duurzame technologie die gemeentes, woningcorporaties, ziekenhuizen en universiteiten steeds vaker toepassen in hun ambitie energie te besparen en CO2-uitstoot te verminderen. Ze verwarmen gebouwen niet meer met gasgestookte cv-ketels en koelen ze niet meer met stroom vretende koelmachines en airconditioners. In plaats daarvan passen ze warmte-koude-opslag (wko) toe. Daarbij wordt warm dan wel koud water van een diepte van 50 tot 300 meter opgepompt, door één of meer gebouwen geleid, en weer terug in de bodem gebracht.

In 2000 waren er in Nederland 200 van zulke systemen in gebruik. Inmiddels zijn het er 1.350. En het aantal zal, gezien de populariteit, naar verwachting snel groeien naar 10.000 en misschien wel 20.000 in 2020. Maar met de technologie blijkt in de praktijk geregeld iets mis te gaan. Zoals de laatste jaren aan het licht is gekomen in onder meer Zutphen, Rijssen, Alphen aan den Rijn, Den Haag. En onlangs ook in Amsterdam-Oost.

Het stadsdeel koos voor wko in Oostpoort, een gebied dat wordt herontwikkeld en het kloppende, duurzame hart moet worden van het stadsdeel. Zowel in de aanleg en het beheer van het systeem ging veel verkeerd, zo blijkt uit een eerder dit jaar gepubliceerd onderzoek.

Lieke Thesingh geeft desgevraagd toe dat er fouten zijn gemaakt. Ze is sinds een jaar stadsdeelwethouder en nu verantwoordelijk voor deze kwestie. „Niemand had de regie bij de aanleg van het systeem”, zegt ze. Daardoor kozen de verschillende afnemers van energie – behalve Sports World onder meer het Stadsdeelhuis en muziekcentrum MuzyQ – apart van elkaar een installatie voor hun gebouw om warmte en koude te leveren.

De installaties werden niet op elkaar afgestemd, maar draaiden wel in één systeem. Al snel kwamen er problemen aan het licht. Het Sportfondsenbad kreeg niet genoeg warmte, het sportcentrum niet genoeg koeling. Bovendien bleek het beheer van het systeem, dat officieel bij de gemeente lag, slecht. „Er zou een maatschappij voor worden opgericht, maar die is er nooit gekomen”, zegt Thesingh.

Drie maanden geleden liet het stadsdeel weten dat er naar schatting 600.000 euro extra nodig is om het wko-systeem in orde te maken. Dat bedrag komt bovenop de 1,4 miljoen euro die de gemeente er al in heeft geïnvesteerd. Thesingh zegt nu op zoek te zijn naar een commerciële partij die het beheer wil overnemen. De gemeente mist hiervoor zelf de expertise en de technische kennis. „Het beheer van zo’n systeem is niet iets wat je als overheid goed kunt regelen”, zegt ze.

Volgens energieconsultant Teus van Eck gaat er te vaak iets mis bij het ontwerp, de aanleg en het beheer van wko’s. Hij kent een geval in Katwijk waarbij de gemeente een nieuw pand wilde voorzien van een wko. In eerste instantie zou het pand zonwering krijgen. Dat werd op het laatste moment geschrapt om kosten te besparen. Het wko-systeem moest daardoor meer koeling leveren en zou eigenlijk aangepast moeten worden. Dat gebeurde niet. De gemeente moest nog eens tonnen investeren om het systeem in orde te krijgen.

Door een gebrekkige opzet van projecten en door slecht beheer wordt in de praktijk veel minder energie bespaard dan mogelijk is. Hoeveel er dan wel wordt bespaard, weet Van Eck niet. Niemand die het meet.

Ook Guido Bakema zegt dat een groot deel van de tot nog toe aangelegde 1.350 wko-systemen niet optimaal werkt. Hij is directeur van IF Technology, een adviesbureau voor bodemenergie, en tevens voorzitter van de Vereniging voor Ondergrondse Energieopslagsystemen. De sector heeft besloten strengere eisen op te leggen aan bedrijven die wko-systemen willen ontwerpen, aanleggen of beheren. Ze zullen eerst certificaten moeten halen.

Ook zijn er plannen om bij technische opleidingen speciale leergangen op te zetten over wko-technologie en moeten provincies strenger gaan toezien op de handhaving van de zogeheten energiebalans. Eigenlijk moeten zij meten hoeveel water er jaarlijks heen en weer wordt gepompt tussen de warme en de koude ondergrondse waterbron.

De hoeveelheid die heen gaat, moet op jaarbasis in balans zijn met de hoeveelheid die terug gaat. Maar daar wordt amper op toegezien. IF Technology deed er in 2007 een onderzoek naar. Het bekeek 67 wko-systemen. Bij tweederde was er een onbalans van meer dan 15 procent. Als dat jaren aanhoudt, kan er op termijn een tekort aan warm of koud water ontstaan.

Er dreigt nog een ander gevaar: op sommige locaties, zoals de Zuidas in Amsterdam en het gebied rond het Centraal Station in Utrecht, zijn zó veel wko-systemen gepland en komen ze zó dicht bij elkaar te liggen, dat ze elkaar kunnen gaan beïnvloeden. De overheid gaat nu samen met de sector veertig gebieden waar wko een hoge vlucht aan het nemen is nauwkeurig in kaart brengen om ontwerp, aanleg en beheer beter op elkaar af te stemmen.

Tot die gebieden horen bijvoorbeeld het centrum van Arnhem en verschillende tuinbouwgebieden. In Amsterdam liggen vijf van zulke gebieden; behalve de Zuidas bijvoorbeeld ook het Science Park en Slotervaart. Volgens Bakema van IF Technology is het logisch dat Amsterdam er zo vaak bij zit. „Voor wko vind je hier de beste ondergrond van Nederland.” Dat wil zeggen, een laag poreus zand van enkele honderden meters dik, waar makkelijk water in en uit te pompen is.

Er beginnen grote onderzoeken naar de effecten van warmte-koudeopslag. IF Technology kijkt samen met Wageningen Universiteit en het Groningse bodembedrijf Bioclear naar de effecten op de ondergrond op de lange termijn. Treden er chemische veranderingen op? Wat gebeurt er met de organismen in de bodem? Verder zal de TU Delft, samen met ingenieursbureau Tauw, een plan opstellen dat moet leiden tot een betere monitoring van alle initiatieven en een betere onderlinge afstemming.

Volgens energieconsultant Teus van Eck moet de sector een omslag maken. Anders dreigt deze technologie, waarmee in potentie veel energie valt te besparen, volgens hem een trieste dood te sterven.

    • Marcel aan de Brugh