Rusland vreest na 'Libië' misbruik Syrië-resolutie

De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties is er vannacht opnieuw niet in geslaagd het eens te worden over een resolutie die het Syrische regime veroordeelt wegens zijn gewelddadige optreden tegen demonstranten. Met name Rusland, dat vetorecht heeft in de Veiligheidsraad, verzet zich tegen een resolutie uit angst dat deze zal leiden tot gewapend ingrijpen in Syrië naar het Libische voorbeeld.

Wel breidde de Europese Unie haar sancties uit tegen individuele Syrische leiders. Onder anderen minister van Defensie Ali Habib werd toegevoegd aan de lijst van Syrische leiders wier eventuele tegoeden in de EU zijn bevroren en die geen inreisvisum krijgen. Er staan nu 35 Syriërs op de lijst, onder wie president Assad.

De Veiligheidsraad kwam in New York in spoedzitting bijeen op verzoek van Duitsland nadat president Bashar al-Assads bewind tanks de stad Hama had ingestuurd om een einde te maken aan de opstand tegen het gezag. Daarbij vielen zondag volgens onbevestigde berichten van Syrische mensenrechtenorganisaties naar schatting honderd doden. Gisteren, de tweede dag van de militaire operatie, zouden in Hama tien doden zijn gevallen. Ook in andere steden werden doden gemeld.

Eind mei deden vier Europese landen in de Veiligheidsraad een eerste poging een resolutie aangenomen te krijgen waarin Syrië werd veroordeeld wegens schending van de mensenrechten. Anders dan de resolutie die de raad half maart aannam over Libië was in deze tekst geen sprake van een machtiging tot gebruik van geweld door de internationale gemeenschap om burgers te beschermen. Op basis van de Libische resolutie bombarderen NAVO-vliegtuigen sindsdien een brede reeks van militaire en andere doelen van het Libische regime.

Rusland, dat zich destijds met nog enkele andere landen van stemming onthield, heeft zich sindsdien zeer ontevreden getoond over de uitwerking van de resolutie door de Verenigde Staten en andere westerse landen. De Russische VN-ambassadeur, Vitali Tsjoerkin, verbond Moskous ontstemming over de kwestie-Libië gisteren met zoveel woorden met zijn opstelling ten aanzien van Syrië. „We bevinden ons nog in de schaduw van de gebeurtenissen in Libië, toen een door de Veiligheidsraad aangenomen resolutie naar onze mening zeer frivool werd aangepakt”, zei hij. „We moeten dat in het achterhoofd houden als we overwegen wat de Veiligheidsraad kan doen en niet kan doen ten aanzien van Syrië.”

Tsjoerkin zei dat hij wel kan instemmen met een persverklaring, waarvoor unanimiteit is vereist maar die niet bindend is. Dat zou al een stap verder zijn: eind april blokkeerde Rusland een kritische verklaring over Syrië nog.

Westerse landen noemden de Russische angst voor militair ingrijpen op basis van een VN-resolutie gisteren uit de lucht gegrepen.

De hoogste Amerikaanse militair, admiraal Mike Mullen, zei vandaag nog dat er „geen enkele aanwijzing” is dat de VS direct betrokken zullen raken in Syrië. Ook Londen heeft militaire interventie uitgesloten. De hoge kosten van de oorlog in Libië, inmiddels al vele honderden miljoenen euro’s, ontnemen westerse regeringen elke lust een nieuwe oorlog te beginnen.