Veiligheidsmaatregelen beschermen niet tegen mensen als Breivik

Wat rechts-populistische politici ook beweren – je helpt angstgevoelens niet de wereld uit door allerlei zaken te verbieden, betoogt Marian Donner.

Illustratie Riber Hansson

Tussen veiligheid en zekerheid bestaat een groot verschil. Dit legde de Poolse socioloog Zygmunt Bauman onlangs uit in het tv-programma Lux. Veiligheid heeft te maken met persoonlijke zaken – bezittingen die niet worden gejat, in het donker over straat durven of een zandbak voor de kinderen zonder drugsspuiten erin. Zekerheid gaat daarentegen over je plek in de wereld – over status en zelfvertrouwen, identiteit en waardigheid.

Een gebrek creëert in beide gevallen angst. Zowel onveiligheid als onzekerheid maakt mensen bang.

En bang zijn we, niet alleen nu – al denken velen dat we in een angstcultuur leven. We zijn altijd bang geweest. Het verschil is dat vroeger vooral de veiligheid in het geding was (het gevaar kwam van wilde dieren, rovers en ziekten), waar de pijn tegenwoordig meer schuilt in een gebrek aan zekerheid.

Het gevaar is diffuser geworden, en veelzijdiger. Elke dag berichten de media over nieuwe rampen – massaontslagen, resistente bacteriën, vergrijzing en ‘verdampte’ pensioenen. We lijken nooit te weten welke klap waarvandaan zal komen. We weten alleen dat er eentje komt. „Vloeibare angst”, noemt Bauman dat.

Ook Anders Breivik was bang – bang voor de ondergang van de westerse, joods-christelijke cultuur, bang voor een islamitische kolonisatie en bang dat Europa zou verworden tot ‘Eurabië’. Daarin staat hij niet alleen. Bart Jan Spruyt sprak over Breivik als een „duivelse karikatuur van een goede en juiste visie”. Op telegraaf.nl staat in de reacties onder elk bericht minstens tien keer „Nederland wordt wakker!!” – maakt niet uit waarover het gaat.

Op een bepaalde manier hebben ze gelijk. Culturen zijn aan het verdwijnen. Het Nederland van de jaren vijftig verschilt radicaal van dat van nu. Hetzelfde geldt voor samenlevingen in het Midden-Oosten, Azië, Afrika en Zuid-Amerika. Dit heeft niet zozeer te maken met ‘vijandige’ buitenlandse invloeden als wel met globalisering en de dominantie van een neoliberaal, kapitalistisch systeem.

Om een klein voorbeeld te noemen – de reden dat in de meeste Nederlandse steden nauwelijks nog een ‘authentieke’ bakker of visboer is te vinden, komt niet door de aanwezigheid van Marokkaanse toko’s, maar doordat op elke straathoek een Albert Heijn is gevestigd. Het is diezelfde Albert Heijn – of, eigenlijk, Ahold – die ervoor verantwoordelijk is dat steeds meer kleine boeren in Zuid-Amerika hun land verliezen aan grote sojaplantages, mede met behulp van de Wereldbank. Die soja is vooral bestemd voor westers veevoer en voor televisiemaaltijden.

Een ander voorbeeld – ook in Iran zijn winkels van Gucci en Louis Vuitton gevestigd. Ook daar volgen mensen de laatste westerse trends. Via internet zien vrouwen westerse reclames en videoclips. Ayatollah of geen ayatollah, de consumptiecultuur heerst ook hier. Niet voor niets vrezen ook fundamentalistische moslims, net als in het Westen fundamentalistisch rechts dat doet, dat hun cultuur wordt geïnfiltreerd door vijandige elementen van buitenaf.

Globalisering brengt schaalvergroting, op elk gebied. In welk land je je ook bevindt, iedereen wil een Blackberry of een iMac. We dragen dezelfde kleren (H&M). We luisteren naar dezelfde muziek. We lezen dezelfde boeken (Harry Potter!). We zien dezelfde films. Allemaal zijn we elkaars concurrenten op een wereldwijde arbeidsmarkt. Grote bedrijven outsourcen steeds meer onderdelen naar lagelonenlanden. Arbeidsimmigranten komen naar hogelonenlanden om het werk te doen waarvoor de rest zich te goed voelt. Het is een onafgebroken stroom van mensen, goederen en vooral geld. Zoals Francis Fukuyama betoogde – de sociaal-culturele evolutie van de mens is gestopt na de val van de Berlijnse Muur. Het gaat niet meer om een ideologie, maar om de vrije markt.

Met 9/11 leek die ideologie terug van weggeweest. De aanslagen gaven het Westen iets om zich op te concentreren. Dit was een Clash of Civilisations, Jihad vs. McWorld. Dit was een aanval op de westerse vrijheid, zo luidde de verklaring. Een vijand wilde ons vernietigen. Onze veiligheid was in het geding. Door deze framing werden onze angsten gekanaliseerd. Ze kregen een doel. Schakel het beest uit en alles is weer goed.

Ondertussen groeide het neoliberale, kapitalistische systeem rustig door – overigens zonder Fukuyama’s automatische democratisering, zie landen als China en Dubai.

Als iets deze dominantie van het neoliberale, kapitalistisch systeem bewezen heeft, is het de economische crisis wel. Honderden miljarden dollars en euro’s zijn inmiddels in het systeem gepompt. Banken, beleggers en speculanten bepalen wat er gebeurt. Het kan niet anders, wordt ons steeds verteld. We moeten door, anders trekken schulden, oplopende rentes en een stagnerende groei iedereen met zich mee de afgrond in. Dan zijn het onze banen, onze pensioenen en onze spaargelden die verloren gaan.

Dientengevolge wordt overal bezuinigd. Banen staan op de tocht. De waarde van huizen keldert. Pensioenfondsen zijn miljarden kwijtgeraakt. Het oude verdwijnt. Wat daarvoor precies in de plaats komt weet niemand nog. Wie niet bang is, let niet op.

De enigen die deze angsten vooralsnog benoemen, zijn – in het Westen – rechts-populistische politici. „Stem op ons en wij zullen je beschermen”, luidt hun belofte. Ze ageren tegen het verval van de maatschappij, tegen het verval van normen en waarden en tegen de inmenging van ‘buitenlandse invloeden’.

Wat ze daarbij doen, is de angsten omvormen tot een veiligheidsprobleem. Slechteriken moeten worden uitgeschakeld, via de stembus natuurlijk, zoals Geert Wilders betoogt, maar het is niet verwonderlijk dat af en toe iemand het recht in eigen hand neemt – zoals dat ook niet verwonderlijk is bij mensen uit landen waar helemaal geen stembus is.

Hoeveel moskeeën je bij wijze van spreken ook verbiedt, hoezeer je de grenzen ook dichtgooit, hoeveel surveillancecamera’s je ook plaatst, hoeveel gated communities je ook creëert – geen van deze zaken zal de angst wegnemen die momenteel heerst.

Het gaat niet om veiligheid. Het gaat om (bestaans)zekerheid. Als politici dat nu eens zouden adresseren, zou de wereld een stuk beter zijn beveiligd tegen mensen als Anders Breivik.

Marian Donner is schrijfster. Haar meest recente boek is Lily.