Klaar voor de nieuwe wereldorde?

In de zomer dacht ik diep na. Daar heb je zo’n zomer voor. Niemand thuis, niemand die luistert, dus waarom zou je niet op zoek gaan naar de waarheid? Die slik ik, dacht ik, wel weer in als iedereen thuis is en we terug zijn in ons gewone doen.

Aanleiding voor de zoektocht was een bericht over zwakbegaafden en mensen met een lichte verstandelijke beperking. In Nederland, stond in de krant, hebben 2,2 miljoen mensen een IQ onder 85. Dat maakte nieuwsgierig naar de verdere verdeling van begaafdheid, en het sloot aan bij mijn oude fascinatie voor het verschijnsel dat gesprekken over politieke en maatschappelijke onderwerpen worden gevoerd op één en hetzelfde vaststaande niveau van abstractie.

Het discours beweegt zich binnen een uiterst smalle band: zowel de thema’s als het intellectuele niveau zijn vooraf bepaald, er is een gemeenschappelijk jargon en een verbluffende eensgezindheid over wat geldt als argument en wat niet. Schiet je aan de ene kant uit die band, dan vindt iedereen je verhaal te moeilijk en wordt het als ‘geleerd en onbegrijpelijk’ terzijde geschoven. Schiet je aan de andere kant uit de band, dan ben je te laag opgeleid, te emotioneel of krankzinnig. Het gesprek wordt gevoerd in een nauwe tunnel, zou je kunnen zeggen. Ik werk ook in die tunnel, maar ik hunker wel eens naar wat daarbuiten leeft en lonkt.

Dus probeerde ik de blik naar buiten te richten. Ik begon de maand juli met een uitstapje naar een populaire, min of meer spirituele beweging die het gevoel beschouwt als een ‘onuitputtelijke bron van macht’. Volgens de bijbehorende teksten moest je de zeggenschap herwinnen op autoriteiten die hun best doen je eronder te houden.

Nog maar net was ik begonnen me in deze stroming in te lezen of ik stuitte op de bewering van een der inspirationele leiders, dat ze een kwart van de mensheid wilde uitroeien om een paradijs te kunnen stichten. „Wij zijn belast met Gods selectieproces voor de planeet Aarde. Hij selecteert, wij vernietigen. We are the riders of the pale horse, Death.”

Dat dit een minder onzinnige excursie naar buiten was dan in die eerste week van juli misschien leek, bleek kort daarop uit het manifest van de terrorist Breivik uit Oslo. Hier trof je dezelfde anti-autoritaire retoriek, dezelfde mix van oude heilsverwachtingen, mythische levensbeschouwing en dodelijk geweld. Die mix kun je krankzinnig of waanzinnig noemen, en de terreurdaad in Oslo ook, maar dan maak je het jezelf wel heel gemakkelijk. Want als het gedachtegoed van Breivik al waanzin is, dan is het op zijn minst een georganiseerde vorm van waanzin. In veel geheimzinnige hoeken van de samenleving huist het eeuwenoude, utopische verlangen naar een nieuwe wereldorde, te realiseren door uitverkoren leiders die als enigen de tekenen van de tijd verstaan. Dat verlangen spookt in de kelders en op de zolders van de Hollandse huizen – en het schemert onder de politiek van Wilders.

Mijn tweede uitstapje naar buiten was een licht teleurstellende duik in de theorie over een lawless society. Ditmaal had ik gehoopt op onafhankelijke instituties die een beetje uit de band zouden springen. Die de menselijke biodiversiteit zouden beschermen tegen een steeds legalistischer wordende overheid. Want regeringen in Europa mogen dan rechtser worden, liberaler worden ze bepaald niet, en ze verstevigen hun greep op de mensheid met spoed. Denk aan het instellen van minimumstraffen, de toename van controle, administratie en opsporingsbevoegdheden, de aanvallen op het mensenrechtenverdrag.

Ik had gehoopt dat mensen in de juridische wereld zich met verve zouden storten op de verdediging van de individualiteit, de casuïstiek en de ongrijpbare veelvormigheid van de menselijke soort. Maar die verve bleef vooralsnog uit.

Het derde uitstapje was een blik op het verschijnsel enhancement. Dat mikt op verbetering van het individu ten behoeve van het collectief. En dan niet via taal en discussie, maar door fysiek in te grijpen in de geest en het gedrag van mensen. Terwijl overal in de academische wandelgangen gezellig wordt gedebatteerd over de vraag of de vrije wil nu wel of niet bestaat, wordt intussen in de werkelijkheid aan die vrije wil gemorreld met behulp van pillen en neurotechnologieën.

Al met al leidde dit tot de dringende vraag: wie bepaalt welke kant de mensheid op zal gaan? Als waanzin ons beheerst, de staat de macht grijpt, mensenrechten onder vuur liggen – welk politiek programma gaan we dan volgen bij het toedienen van die pillen?

In de vierde week van juli ging ik op een steen zitten en steunde mijn kin in mijn handpalm. Het kan mijn eigen midlifecrisis zijn, al dit getob over de toekomst, dacht ik. En ik gaf die gedachte vervolgens de nodige aandacht. Maar uiteindelijk geloofde ik toch van niet. Je ziet meer scribenten hun geloof verliezen in het gangbare discours met zijn gevestigde belangen en zijn gerommel in de marge.

Je kunt je blijven blindstaren op je eigen positie en op electorale effecten, maar aan het eind van mijn zomerronde kwam ik tot de conclusie dat de buitenwereld intussen met gevaarlijke ijver zijn eigen gang gaat.

    • Marjolijn Februari