'Ik speel niet voor Jan Huppeldepup'

Van der Bos bij de vorige PC in 2010. Foto Koopmans/Dronrijp

Naam: Gert-Anne van der Bos

Leeftijd: 22

Prestaties: Winnaar PC Franeker kaatswedstrijd (2009, 2010), Tweevoudig PC-koning Franeker (2009, 2010)

Waarom is de PC in Franeker zo speciaal?

„De sfeer in Franeker is uniek. Er is enorm veel publiek: we krijgen niet elke dag de kans om voor zo een groot publiek te spelen. De energie die al die toeschouwers je als sporter geven, is immens. Nergens wordt zo luid gejuicht als in Franeker. Het is ook meer dan kaatsen, het is naast een grote wedstrijd ook de hele dag een groot volksfeest. Voor mij persoonlijk is het natuurlijk extra speciaal omdat we vorig jaar gewonnen hebben.

Je bent de voorbije twee jaren uitgeroepen tot PC-koning. Wat houdt dat in?

De PC-koning is de topschutter van het toernooi in Franeker. De commissie van het toernooi houdt per speler de scores bij. Op het einde van de dag belonen ze zo de volgens hen beste kaatser. De koning van het vorige jaar wordt aan het begin van het toernooi met zijn teamgenoten in een open koers rondgereden.”

Hoe afmattend is een wedstrijddag?

„Je moet de hele dag geconcentreerd zijn. Die concentratie vergt veel van je krachten. Je mag die ganse dag maar met een ding bezig zijn: die wedstrijd winnen. Tijdens een wedstrijd zit ik in een soort flow. Het rennen en het kaatsen zelf is best wel vermoeiend, maar daar merk ik tijdens de wedstrijd niets van. Wanneer ik aan het spelen ben, telt maar een ding: winnen. Al die pijntjes voel je pas de dag erna. Maar dan voel je ze wel duidelijk.”

Een kaatsploeg bestaat uit drie. Op basis van wat kies je je ploeggenoten?

„Je zoekt ploeggenoten die bij je passen, zowel qua spel als sociaal. Niet dat je buiten het veld perse goede vrienden moet zijn, maar je moet wel zonder ruzie de dag doorkomen. Ik zoek vooral strijdlust bij mijn ploegmaten. Ik speel niet voor Jan Huppeldepup, ik speel altijd om te winnen. De komende PC-wedstrijd speel ik samen met Taeke Tiemstra en Daniël Iseger. Dat zijn dezelfde ploegmaats met wie ik vorig jaar ook al gewonnen heb. Ik speel graag met hen, omdat het gewoon de beste kaatsers van het land zijn. Ze zijn ook ouder dan ik, ze hebben dus meer ervaring dan ik. Door met hen samen te spelen leer ik veel op tactisch gebied. Hun ervaring maakt van mij een betere kaatser.”

Jullie kaatsen met de blote hand. Is dat pijnlijk?

„Nee, daar voel je niets van. Kaatsspelers hebben een dikke laag eelt op de handen. Wij trainen twee keer in de week en in het weekend spelen we wedstrijden. Tijdens zo’n training doen we vaak meer dan honderd opslagen. Voor beginners kan ik me inbeelden dat het wel pijnlijk kan zijn. Ik kaats al vanaf mijn zevende. Doordat ik nu al vijftien jaar kaats, heb ik een eigen techniek ontwikkeld.”

De kaatscompetities lopen van mei tot september. Wat doe je buiten het kaatsseizoen?

„In het tussenseizoen probeer ik mijn conditie op peil te houden. Ik ga veel fitnessen en speel zaalvoetbal. Vanaf januari beginnen we intensiever op de conditie te werken. Kaatsen is een sport waarvoor je vooral explosiviteit nodig hebt, dus dat zijn vaak sprints. Dat combineren we met boslopen, om het uithoudingsvermogen op te verbeteren. En natuurlijk doen we ook in de winter ‘series’, waarin we onze slagen oefenen. Onze trainer gooit dan een bal in het veld en wij proberen hem dan terug te spelen. Het is een beetje als een tennistraining, maar dan anders.”

    • Jeroen Zuallaert