Dichteres dwaalt door een feminiene wereld

Siri Hustvedt: De zomer zonder mannen. Vert. Caroline Meijer en Saskia vd Lingen. De Bezige Bij, 223 blz. € 17,90 **

‘Veel vrouwen lezen fictie, de meeste mannen niet’, stelt dichteres Mia Fredericksens in Siri Hustvedts roman De zomer zonder mannen. Bovendien: ‘Als een man een roman openslaat, heeft hij graag een mannennaam op de kaft staan; dat stelt hem gerust. Je weet maar nooit wat er kan gebeuren met je uitwendige genitaliën als je jezelf onderdompelt in denkbeeldige handelingen die zijn verzonnen door iemand die het zaakje aan de binnenkant heeft zitten.’ Ik ben een man. Toch heb ik me gewaagd aan Deze zomer zonder mannen, vanuit de overtuiging dat literatuur universeel is.

Wanneer De zomer zonder mannen begint, is Mia Fredericksen, een relatief onbekende dichteres van middelbare leeftijd, net ontslagen uit een psychiatrisch ziekenhuis. Om op adem te komen vertrekt Mia naar Bonden, Minnesota, een klein dorpje waar ze de zomer doorbrengt te midden van de vriendinnen van haar moeder (de Vijf Zwanen), van een vilein clubje tieners dat een poëziecursus bij haar volgt en een buurvrouw die veel te stellen heeft met haar opvliegende echtgenoot. In deze feminiene wereld zal Mia haar identiteit kunnen reconstrueren en haar levenslust terugvinden.

Hustvedts soepele taal en brein kunnen niet verhullen dat dit boek in de voegen kraakt. Mia analyseert de verschillen tussen de seksen, en beargumenteert overtuigend dat ze overdreven worden. Steeds meer begint Hustvedt te meanderen – filosofische, neurologische en literaire terzijdes doorbreken de kaders van de vrouwenwereld van Bonden, zonder dat de elementen tot een soepel geheel worden gesmeed. De toon van het boek verandert: Mia richt zich rechtstreeks tot de lezer. Ze lijkt intellectueel vooral gestimuleerd te worden door mailtjes van ene Mr. Nobody en door (vaak mannelijke) filosofen en auteurs; ze laat de chronologie der gebeurtenissen los.

Gek genoeg zijn de terzijdes vaak boeiender dan het verhaal. Mia wint aan vuur – en betweterigheid – zodra ze op de beschouwende toer gaat. Is dit Hustvedts poging ‘intelligente’ chick-lit te schrijven?

Waar ik mee achterbleef was een ambigu gevoel, dat niet alleen aan mijn sekse kan liggen, maar dat ook Hustvedts eigen ambiguïteit weerspiegelt. De zomer zonder mannen lijkt op essentiële punten te oppervlakkig om te blijven boeien. Mia bewijst met haar interesses en de diepgang waarmee ze de wereld bevraagt, dat die armoede niet per se ‘vrouwelijk’ is. Maar door haar keuze van bijkarakters, en haar afnemende interesse, bevestigt Hustvedt het vooroordeel waar haar hoofdfiguur zich met recht tegen verzet.

Auke Hulst

    • Auke Hulst