Waardeoverdracht heeft zeker zin bij klein pensioen

Ieder jaar veranderen zo’n 500.000 mensen van werkgever. Een nieuwe baan betekent vaak ook een nieuw pensioenfonds. Neem je je oude pensioen mee naar je nieuwe fonds? Dat is een lastige keuze.

„Als mensen in een nieuwe pensioenregeling terechtkomen waarbij de hoogte van het pensioen gebaseerd is op hun laatste loon, dus een eindloonregeling, is het altijd goed om het pensioen over te dragen”, zegt Leny van der Heiden van de Pensioenfederatie.

In eindloonregelingen groeien de pensioenaanspraken mee met het loon. In feite doet een pensioenfonds alsof er altijd premie betaald is op basis van dat laatste – doorgaans hoogste – loon en wordt er een hoog pensioen uitgekeerd. Werknemers doen er daarom verstandig aan om al het pensioen dat ze in hun leven hebben opgebouwd onder te brengen in een eindloonregeling. Die mogelijkheid bestaat sinds 1994, toen het wettelijk recht op waardeoverdracht werd ingevoerd. In dat jaar bouwde maar liefst driekwart van de werknemers pensioen op in een eindloonregeling. Dankzij de nieuwe wet waren zij eindelijk verlost van pensioenbreuken, losse eindjes pensioen die niet meegroeiden met hun salaris.

Inmiddels zijn eindloonregelingen zeldzaam. Slechts 1 procent van de werknemers zit nog in zo’n regeling. 80 procent van de werknemers bouwt pensioen op in een middelloonregeling – dan is de hoogte van het pensioen gebaseerd op het gemiddelde loon.

Heeft waardeoverdracht dan nog zin? „Bij kleine pensioentjes zeker”, vindt pensioenjurist Emilie Schols, „De pensioenuitvoerder mag die na twee jaar afkopen. Dan krijg je een bedrag ineens. Dat is jammer, zeker naarmate je jonger bent. Want dan kan dat bedrag in de loop der jaren toch nog uitgroeien tot een aardig pensioen.” Van der Heiden is het daarmee eens. „Drie kleine pensioentjes zijn samen misschien toch de moeite waard.”

Waardeoverdracht is ook vaak aan te raden als mensen van een beschikbare premieregeling overstappen naar een middelloonregeling. Bij een beschikbare premieregeling is het pensioen volledig afhankelijk van de beleggingsresultaten en de rente op het moment dat het pensioen ingaat. „Dat weet je van tevoren niet”, zegt Van der Heiden, „Een middelloonregeling geeft meer zekerheid.” Schols wijst erop dat het omgekeerde ook geldt. „Als je van een middelloonregeling naar een beschikbare premieregeling gaat, moet je naar mijn idee nooit voor waardeoverdracht kiezen. Want dan verplaats je aanspraken uit een tamelijk zekere regeling naar een onzekere regeling.”

In de praktijk stappen de meeste werknemers over van de ene middelloonregeling naar de andere. „Of waardeoverdracht dan gunstig is, hangt af van de indexeringskwaliteit van beide fondsen. Vraag naar hun indexatieambitie en naar hun dekkingsgraad in de afgelopen vijf jaar.” Maar resultaten uit het verleden bieden toch geen garanties voor de toekomst? „Nee, zekerheid krijg je niet”, erkent Schols. Uit onderzoek blijkt dat de meeste mensen die in zo’n situatie voor overdracht kiezen het overzichtelijk vinden als hun pensioen bij één fonds is ondergebracht. „Tegenwoordig zie je op mijnpensioenoverzicht.nl een volledig overzicht van al je pensioenaanspraken”, zegt Van der Heiden, „Het is dus al overzichtelijk. Vanuit het oogpunt van risicospreiding kun je ook afzien van waardeoverdracht.”

Ook het partnerpensioen – een uitkering voor de partner na het overlijden van de werknemer – speelt een rol. Veel fondsen hebben een partnerpensioen op risicobasis. Dan is er alleen recht op een uitkering voor de partner zolang de werknemer actief deelneemt aan het fonds. Deze uitkering wordt doorgaans berekend vanaf de datum van indiensttreding. „De voorgaande jaren tellen dan niet mee”, waarschuwt Van der Heiden, „Met waardeoverdracht kun je dat soms voorkomen.”

Wilma van Hoeflaken vervangt Erica Verdegaal die de komende weken met vakantie is.