Soepele plooien tussen stenen beelden

De klassieke plooien in de kleding van modeontwerpster Madame Grès komen perfect tot hun recht tussen de rauwe beelden in het Parijse ateliermuseum van Antoine Bourdelle. Een voorbeeldige modetentoonstelling.

Madame Grès was een beeldhouwer van plooien. Het is dan ook volstrekt logisch dat haar oeuvre – van de jaren dertig tot tachtig – geëxposeerd wordt in het Parijse Musée Bourdelle, voormalig atelier en woning van beeldhouwer Antoine Bourdelle (1861-1929), assistent van Rodin tot 1908. De ontwerpen van Grès komen op een heel bijzondere manier tot hun recht tussen zijn expressieve beelden.

Madame Grès, la couture à l’oeuvre is geen chronologische tentoonstelling. Curator Olivier Saillard, tevens de nieuwe directeur van het Parijse modemuseum Galliera dat nu wordt verbouwd en in 2013 heropent, heeft ruim honderd jurken verspreid over verschillende ruimtes: van de slaapkamer en het atelier van Antoine Bourdelle tot de hoge entreehal waar een ontwerp van Grès pronkt op een piëdestal: een ivoorkleurige avondjurk uit 1945. De Grieks gedrapeerde jurk wordt geflankeerd door gipsen beelden van onder andere een stervende centaur.

Madame Grès opent in 1933 onder de naam Alix haar eerste modehuis in Parijs. Ze is geen emancipator zoals Coco Chanel, die de vrouw bevrijdt uit te strakke kleding. Maar voor een overweldigende verschijning op een bal heeft Grès altijd de juiste kleding paraat, perfect van stofval en techniek.

Grès (1903-1993, geboren als Germaine Krebs) excelleert in op zijn Grieks gedrapeerde jurken. Eigenlijk wil ze beeldhouwer worden, dat mag niet van haar ouders. Ze plooit sculpturen van vloeibaar vallende zijden jersey, een materiaal dat ze ontdekt in 1934 en speciaal in de ongebruikelijke breedte van bijna drie meter door de fabrikant laat weven, zodat er flink wat stof te plooien valt.

In 1942 opent Krebs onder de naam Grès (anagram van Serge, de voornaam van haar man) haar modehuis, dat tot 1988 zal blijven bestaan. In de jaren veertig en vijftig is ze een van de meest invloedrijke modeontwerpers ter wereld. Ze heeft een uitgesproken identiteit, ‘le pli grès’ wordt een begrip. In de jaren die volgen blijft ze haar plooitechniek verbeteren.

Dat ze zich niet beperkt tot ‘Griekse’ robes is te zien in een zaal vol ontwerpen uit de periode 1942-1960. Hoewel de invloed van tijdgenoten als Balenciaga en Dior zichtbaar is, is het knap dat Grès in haar mantels en jurken silhouetten creëert zonder de dan gebruikelijke hulpmiddelen als schoudervullingen en korsetten. Opvallend eigentijds is een zwarte cocktailjurk uit 1948 met brede Lady Gaga-schouderpartij.

Grès’ couture uit de jaren tachtig staat eveneens ver af van haar sculpturale Griekse jurken. In het discotijdperk maakte ze kleurrijke, zwierige jurken die bloter waren dan ooit. Geen wonder dat Guy Bourdin ze graag fotografeerde voor glamourglossy Vogue. Ook grootheden als Richard Avedon, Horst P. Horst, Henry Clark en Cecil Beaton vereeuwigden de geplooide jurken graag om hun dramatische karakter. De vaak zeer bekende modefoto’s komen op de expositie voor het eerst samen met de jurken en dat zorgt voor spannende contrasten. Op de zwart-witfoto’s ogen de jurken als witte beeldhouwwerken, in het echt blijken ze heel vrouwelijk en vaak kleurrijk met tinten als babyblauw, flessengroen en bordeauxrood.

Ook fascinerend is een van de schriften waarin Grès de maten – altijd 22 voor een perfecte pasvorm – noteerde van haar klanten onder wie Indiase prinsessen en sterren als Greta Garbo, Marlene Dietrich, Edith Piaf, Jackie Kennedy en Barbra Streisand. En indrukwekkend is de schat aan ontwerptekeningen, geselecteerd uit een archief van drieduizend stuks dat afkomstig is uit een schenking van de Foundation Pierre Bergé-Yves Saint Laurent. Heel ontroerend is de foto waarop een buigende Pierre Bergé, de partner van Yves Saint Laurent, vol eerbied de hand kust van Madame.

Madame Grès, la couture à l’oeuvre laat niet alleen zien hoe de ontwerpster zich in de loop van vijftig jaar ontwikkelt terwijl haar (drapeer) techniek een constante is, de tentoonstelling roept op verschillende vlakken emoties op. Zo zijn de opstellingen van een emotionerende schoonheid door de intense manier waarop ze samenwerken met de beelden en de ruimtes van Bourdelle. In zijn atelier, nu bedekt onder een laag bruin patina, staat een diep oranje, perfect gedrapeerde jurk uit 1977 als een lichtgevende Romeinse zuil.

Dramatisch ook is het levenseinde van Grès, die in 1993 armlastig overlijdt in een bejaardenhuis waar ze is opgeborgen door haar ziekelijk jaloerse dochter. Die dochter verzwijgt haar dood een jaar lang voor de buitenwereld en maakte dat het leven van een legendarisch ontwerper eindigde als een Griekse tragedie.

Dat Grès mode heeft ontworpen op een niveau dat ver boven de wisselende seizoenen uitstijgt, bewijst de grote regelmaat waarin ontwerpen in haar stijl – soms vrijwel letterlijk gekopieerd – op de internationale catwalks voorbij komen. Deze tentoonstelling bevestigt haar status als een van de grootsten van de twintigste-eeuwse mode. En zelden werkte een locatie zo goed samen met de getoonde ontwerpen.

Madame Grès, la couture à l’œuvre. Musée Bourdelle,16 rue Antoine Bourdelle, Parijs. T/m 28/8 , di-zo, 11-18 uur. Inl: bourdelle.paris.fr