'Ajax was afgelopen seizoen de terechte landskampioen'

Theo Janssen (30) speelt vanavond met Ajax om de Johan Cruijff Schaal, tegen zijn oude club FC Twente. ‘Ik heb prijzen gewonnen, wat ik niet had verwacht.’

‘Of je nou kampioen wordt of je verliest, als ik ’s avond thuis kom ben ik het vergeten. Misschien heeft dat bij die wedstrijd tegen Ajax wat langer geduurd. Een dag of twee. Maar na de huldiging de volgende dag in Enschede voor de bekerwinst was ik er wel klaar mee.”

Wedstrijd van de eeuw? Theo Janssen denkt nog amper terug aan die wedstrijd op 15 mei om de landstitel waarin ‘zijn’ FC Twente het aflegde tegen ‘zijn’ Ajax. „Eigenlijk alleen als je ernaar vraagt. Ik heb het een beetje weggestopt.”

Ook op een lome dag in Beieren, tijdens een trainingskamp van Ajax in het Duitse Fürth, heeft hij weinig zin om er nog woorden vuil aan te maken. Het interview duurt „een half uurtje, toch?”, wil hij duidelijk hebben. „Want ik wil zo nog even gaan liggen.” Hij is nog druk met zijn telefoon als hij zich voorstelt.

Janssen speelde in die kampioenswedstrijd dominant, onaangedaan door de heksenketel in de Arena. Met een prachtig doelpunt hield hij zijn ploeg na rust in de strijd. „Voor mij was het duidelijk dat we gingen winnen”, blikt hij terug. Maar Twente bezweek. ‘Schandalig’ zei hij direct na de wedstrijd, bitter teleurgesteld over de prestatie van zijn toenmalige club.

Inmiddels is hij milder. „Het had niet zo mogen zijn”, zegt Janssen. „Ik weet niet waar het aan lag, ik kan niet in de koppies van anderen kijken. Je kan gewoon niet altijd pieken wanneer je dat wilt. Anders werd iedereen wel wereldkampioen. We waren die middag gewoon niet allemaal bij de les.”

Hij heeft het er eigenlijk ook niet meer over gehad met zijn teamgenoten van toen. Niet tijdens de terugreis naar Enschede. Niet tijdens de uitgestelde huldiging voor de bekerwinst, en ook niet tijdens zijn vakantie. Wat heeft terugblikken ook voor zin? Kort na die zinderende slotwedstrijd vertrok hij immers naar Ajax.

En zo speelt hij vanavond in de wedstrijd om de Johan Cruijff Schaal voor de tegenstander van toen. Een reprise van de kampioenswedstrijd en de bekerfinale van vorig jaar, met naast de inzet eigenlijk maar een verschil: het shirt om de schouders van Theo Janssen. Die spreekt nog steeds van ‘zij’ die kampioen werden, en ‘wij’ die verloren.

De selectie van Ajax heeft zojuist ontspannen getraind op het complex van sponsor Adidas in Zuid-Duitsland. Met Rodney Sneijder (broer van) werkt Janssen nog wat ballen op doel, maar de fraaiste trap komt van de voet van trainer Frank de Boer. Na het maken van de teamfoto drukt doelman Maarten Stekelenburg wat plagerig de schaal van de landskampioen in de handen van nieuweling Theo Janssen. Voetbalhumor.

Of leek dat maar zo?

„Ik denk dat mensen zich dingen verbeelden als ze iets graag willen zien. Ik denk dat jij dat zo wil zien.”

Er wordt toch wel eens een dolletje gemaakt?

„Nee, nee. Zo werkt het niet.”

Hoe werkt het dan?

„Het is gewoon iets dat is gebeurd in het verleden. We zijn nu bezig met dit seizoen, het is niet belangrijk wat er vorig jaar is gebeurd. Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet één keer heb gehad dat ze mij probeerden te dollen of zo op een bepaalde manier omdat ik vorig jaar... Nee.”

Zou je er om kunnen lachen?

„Ja. Ja. Dat is iets... Zij hebben natuurlijk iets heel moois bereikt vorig jaar, ik had dat ook graag gehaald. Als zij daar een grapje over maken, geen probleem.”

Is Ajax de terechte kampioen?

„Als je aan het einde van het seizoen bovenaan staat, ben je de terechte kampioen.”

En dieper dan dat?

„Het is niet dieper dan dat. Heel Nederland had het al over de kampioen van de armoede. Maar op een gegeven moment krijg je nog zo’n mooie wedstrijd, waarbij een van de twee kampioen kan worden. Toen was het in een keer allemaal heel bijzonder en hoorde je niets meer over de kampioen van de armoede. Het is maar een momentopname, zij hebben gewoon die wedstrijd verdiend gewonnen en zijn dus verdiend kampioen.”

Is 15 mei voor jou een zwarte bladzijde?

„Nee.”

Erger kan het toch niet, het kampioenschap verliezen op de laatste dag?

„Nee, ik zie het zelfs als winst. Wie kan nou zeggen dat-ie in de laatste wedstrijd om de titel heeft mogen strijden? Dat zijn maar heel weinig mensen. Heel veel mensen die dat graag zouden doen, en ik heb dat twee keer gedaan. Ik heb één keer gewonnen [in het seizoen 2009-2010], een keer verloren. Nee, ik zie dat niet als verlies.”

Een overgang naar Ajax pakt niet voor iedereen succesvol uit. Trek je daar lering uit?

„Nee. Ga ik ook niet doen. Ik vind dat je altijd jezelf moet blijven en moet doen wat je kan. Ajax heeft mij met een reden gekocht. Omdat ze denken nodig te hebben wat ik bezit. En dan moet ik niet gaan veranderen, want dan word ik niet de speler die ik moet zijn, hier. Dus nee, ik kijk niet naar andere mensen.”

Zijn oog viel pas op Ajax na de kampioenswedstrijd, bezweert hij. Maar toen was de keuze ook snel gemaakt. Janssen heeft bij zichzelf gemerkt dat het „goed is na een paar jaar weer aan iets nieuws te beginnen. En je hebt die laatste wedstrijd nog vers in je hoofd en dan denk je aan al die jongens bij Ajax. Jong en gretig, in een goed elftal. Als je die bij elkaar kan houden kan er iets moois groeien.”

Hij is gekocht als leider voor een jonge ploeg, als viceaanvoerder misschien wel bij een vertrek van doelman Stekelenburg. Past hij wel bij Ajax? Met al die tatoeages. En hij rookt. En in Arnhem en Twente stortte hij zich nu en dan vol overgave in het nachtleven. Dat is passé, hopen ze bij Ajax. „Voor mijn gezin zorgen,” is zijn belangrijkste bezigheid. „Maar over mijn passies buiten het voetbal praat ik niet.”

Met de keuze voor Ajax heeft hij besloten in Nederland zijn carrière af te sluiten. Het Europees kampioenschap volgend jaar is „een toetje” aan het einde van dit seizoen, waar hij graag bij aanschuift. „Maar ik moet eerlijk zeggen dat ik de laatste jaren helemaal geen doelen meer heb gesteld. Vroeger ook niet echt. Ik wilde het Nederlands elftal halen en bij een grote club in Nederland spelen. Dat is allemaal gelukt. Ik heb prijzen gewonnen met Twente, wat ik niet had verwacht. Ik sta wel waar ik wilde staan. Ik ben tevreden met wat ik heb.”