Bescherm de bevolking tegen misdadige leiders

In Somalië begaat de ‘staat’ misdaden tegen de bevolking door hulp te weigeren.

De VN zouden moeten ingrijpen, desnoods met geweld.

In vakantieperiodes is het extra ongemakkelijk om het lijden van anderen te zien. Nog erger is het wanneer achter dat dagelijkse nieuws onsmakelijke verbanden schuilgaan. Zoals bij de catastrofe in Somalië. Die lijkt het gevolg te zijn van droogte. Maar droogte is maar een deel van het verhaal – en jammer genoeg het deel dat het makkelijkst opgelost had kunnen worden.

De veel moeilijker aan te pakken oorzaak is de politieke impasse waarin het land zich al decennia bevindt. Vanaf 1991 is er in feite geen regering die de bevolking van Somalië ten dienste staat: sinds de val van dictator Mohamed Siad Barre hebben clanhoofden het land ontwricht. De overgangsregering ‘TFG’ volgde in 2006 het regime van de Hoge Raad van Islamitische Rechtbanken op, maar geen van de overgangsregeringen is er sindsdien in geslaagd ook maar het begin van een rechtsstaat te vormen.

De voortdurende onveiligheid leidt tot gebrek, tot verval van onderlinge verhoudingen, tot een overlevingsdrang die gepaard gaat met schaamteloosheid en straffeloosheid en uiteindelijk tot eigenrichting en misdaad. Een vicieuze cirkel van steeds meer wetteloosheid en gebrek. Pas wanneer de misdaad zich over de grenzen van het land begeeft, volgt eindelijk een internationale reactie. Dat gebeurde toen Somaliërs overgingen tot piraterij.

We zijn al lange tijd betrokken bij Somalië, maar willen het kennelijk niet weten. De internationale gemeenschap besteedt sinds 2002 zo’n 1,5 miljard euro per jaar aan patrouilles voor de Somalische kust. Daarnaast worden tientallen miljoenen uitgegeven aan berechting van opgepakte piraten.

De Nederlandse antropoloog John Kleinen raadde de NAVO enkele jaren geleden al aan om activiteiten niet tot de zee te beperken: hij had ontdekt dat dit nog nooit in de geschiedenis van de piraterij tot resultaat had geleid. Afgelopen mei leek men eindelijk bereid zijn raad ter harte te nemen, toen defensieminister Hillen (CDA) en zes Europese collega’s in Brussel verklaarden, de piraterij in de Somalische wateren harder te willen aanpakken. Al maanden werd toen gesproken over een aanpak die verder ging dan af en toe een schip de pas afsnijden: piraten zouden al in de havens van Somalië moeten worden aangepakt, en desnoods op het land.

Was het maar gebeurd, zou je denken. Dan was misschien eerder aandacht geweest voor de droogte en de catastrofale hongersnood die er nu huishoudt. De droogte is zonder enige twijfel een belangrijke factor, maar iedereen weet inmiddels dat misdadig gedrag van leiders nog belangrijker is. De achterliggende oorzaak van de piraterij is dus dezelfde als die van de huidige hongersnood, die de levens van honderdduizenden mensen verwoest. Want ook al honger je zelf niet dood, toch moet je leven met de gevolgen van verlies van familieleden, geliefden, huis en haard, en van alle waardigheid en sociale geborgenheid.

De hulporganisaties zijn weer aanwezig. Hoe broodnodig die aanwezigheid ook is, die vraagt zijn tol. Mensen zijn overgeleverd aan hulp waar ze niets over te zeggen hebben.

De ‘staat’ Somalië bestaat uit wel tien verschillende delen die door facties worden bevochten zonder enige aandacht voor het welbevinden van de bevolking. De Al Shabaab-groep heeft geweigerd hulp toe te laten en belemmert het hulp zoeken van mensen. Zo’n 43 procent van de bevolking is nu afhankelijk van humanitaire hulp en ruim 1 miljoen mensen zijn ontheemd.

De internationale gemeenschap moet daarom alle diplomatieke, humanitaire en andere vreedzame middelen inzetten om de bevolking tegen deze misdaden te beschermen.

Indien een staat zijn bevolking niet beschermt, wordt hij in feite de dader van misdaden en moet de internationale gemeenschap bereid zijn om hardere maatregelen te nemen, waaronder het collectief gebruik van geweld door de Veiligheidsraad.

In 2005 werd op de wereldtop van de Verenigde Naties een nieuwe norm voor veiligheid en mensenrechten vastgesteld. Als reactie op het falen bij genocide zoals in Rwanda, is de groep International Coalition for the Responsibility to Protect (ICRtoP) opgericht om een nieuw geweten voor de internationale gemeenschap vorm te geven. Deze groep rapporteert rechtstreeks aan de secretaris-generaal van de Verenigde Naties.

Je zou hopen dat de groep nu van zich laat horen en iets doet aan de lethargie van politieke besluitvormers. Want ondanks de hulpverlening wordt aan de oorzaken van het probleem niets gedaan. Van de toegezegde hulp door overheden is nog niet de helft daadwerkelijk betaald. We betalen ruimhartig voor ons eigenbelang, zoals de bescherming van onze koopvaardij (bijvoorbeeld de 2,5 miljoen euro voor vier maanden inzet van Hr. Ms. Zeven Provinciën). Voor een fractie van dat geld bestrijden we de oorzaak van de piraterij en hongersnood tezamen.

Willem van de Put is directeur van HealthNet TPO, een Nederlandse hulporganisatie die werkt aan de (weder)opbouw van gezondheidszorg in gebieden die getroffen zijn door oorlog of rampen.