'We houden van wat onzekerheid'

Met een sterke groei loopt Randstad vooruit op het internationale economische herstel. Alleen in Nederland en Groot-Brittannië blijft de publieke sector achter.

DIEMEN - Uitzendbedrijf Randstad heeft in het tweede kwartaal zijn omzet niet verder zien wegzakken. Maar het is nog te vroeg om te zeggen dat de bodem in de uitzendmarkt is bereikt aldus CFO Robert Jan van der Kraats vandaag tijdens de presentatie van de halfjaarcijfers. Dijkstra bv

Voor de tweede keer binnen een week tijd komt Randstad met goed nieuws. In september moet de overname van de SFN Group (circa 500 miljoen euro) in de VS en Canada rond zijn. Vandaag komt het uitzendbureau met gunstige halfjaarcijfers. Ondanks de schuldencrises in de VS en Europa herstelt de economie zich volgens traditionele lijnen, zegt Robert-Jan van de Kraats, financieel directeur van het een na grootste uitzendbureau ter wereld.

De economie en de werkgelegenheid herstellen zich nog traag. Hoe komt Randstad aan die goede cijfers?

„De trend van herstel, die eind 2009 in de VS begon in de uitzendsector, is geleidelijk overgewaaid naar Europa. De groei wordt gestuurd door de industriële sector. Vervolgens trekt de administratieve sector aan, daarna de groep professionals, hbo’ers en academici. Het is een klassiek patroon van economisch herstel: niet tijdelijk, maar ook geen rechte lijn.”

Wordt u niet zenuwachtig van de schuldencrises in de VS en Europa?

„Wij hebben graag een beetje onzekerheid, hè. Een klant in onzekerheid kijkt eerder naar tijdelijke oplossingen voor vacatures. Die kijkt meer naar arbeidsproductiviteit en zal heel bewust personeel inkopen. Maar goed, te veel onzekerheid remt de macro-economische groei af. Dat is mijn common sense, tenminste.”

Ondanks de goede cijfers is het aandeel Randstad sinds begin dit jaar met 21,7 procent gedaald: dat is veel.

„Wij vinden een bedrijf managen al moeilijk, laat staan de beurs. Bij beleggers speelt vertrouwen in de toekomst een grote rol. Wij kunnen alleen met goede prestaties komen, maar de koers niet beïnvloeden.”

Waarom vallen de resultaten eigenlijk alleen in Groot-Brittannië tegen?

„Dat is de krimp van de publieke sector, net als in Nederland, en dat doet pijn. Een atypische ontwikkeling. Als sector zijn we gek op de overheid. In tijden van recessie zorgt de overheid normaal gesproken voor minder volatiliteit in de omzet. Nu zie je dat de inzet van externe mensen echt wordt beperkt. Zeker in het Verenigd Koninkrijk – in de gezondheidszorg en het onderwijs – maar ook in Nederland. Hier maakte de overheid vroeger bijna 20 procent van de omzet uit, dat is nu teruggelopen tot 13 procent. De krimp in Nederland is wel stabiel. In Engeland nog niet.”

Waar gaat het herstel het snelst?

„Over de hele wereld zie je de industrie aantrekken, de levensmiddelensector is heel stabiel, het transport trekt aan. De financiële dienstverlening gaat in het ene land goed en het andere minder. In Duitsland bijvoorbeeld is het verloop in de sector wat vlak, terwijl je in de VS nu een sterke groei ziet. In Amerika is tijdens de crisis flink gereduceerd, in Duitsland zijn minder mensen vertrokken – vandaar. Duitsland gaat wel goed, de publieke sector trekt flink aan. Frankrijk gaat goed. De it-sector zie je over de hele wereld groeien.”

En Nederland...

„Staat als een huis. De prestaties zijn boven de marktverwachtingen. Het herstel gaat in Nederland alleen iets langzamer, omdat het industriële segment hier relatief klein is. Maar Nederland blijft na Frankrijk onze grootste markt. Als we SFN overnemen, zijn we in de VS het grootst.”

Heeft de overname van Fujistaff in Japan in 2010 de aardbeving doorstaan?

„Het viel mee. De impact mocht tot 5 miljoen dollar in het tweede kwartaal oplopen. Ik was twee weken geleden nog in Japan. Ongelofelijk om te zien hoe kordaat de mensen op zo’n crisis reageren. Veel werknemers die in het rampgebied in Oosten werkten, hebben we nu in het Westen gedetacheerd. En we leveren veel mensen om op te ruimen.”