Geen sterren - wel goeie wc's

Een melkboer besloot 41 jaar geleden een festival te organiseren op zijn weiland.

Inmiddels is Glastonbury een voorbeeld voor menig festival, ook voor Lowlands.

„Did you bring your wellies love?” vraagt de vrouw achter de informatiebalie. Met een misprijzend oog neemt ze mijn gymschoenen in ogenschouw. Hoe kom ik van Bristol naar Glastonbury, had ik gevraagd. Maar in plaats van een beschrijving van de route krijg ik een beschrijving van de verschrikkelijke omstandigheden op het muziekfestival. Weinig douches. Geen wc-papier. En, vooral, enkelhoge modder. Vandaar: heb je kaplaarzen meegenomen liefje?

Modder en muziek. Het zijn de twee hoofdelementen van Glastonbury, het befaamde muziekfestival in het westen van Engeland, dat mede model stond voor Lowlands. Het festival is beroemd om de slechte omstandigheden waaronder het wordt gehouden – en om de grote namen die het elk jaar weet te trekken.

Ook dit jaar presenteert het festival, dat plaatsvond in het laatste weekend van juni, een groots programma. Op vrijdag sluit U2 de avond af, op zaterdag Coldplay en op zondag brengt Beyoncé het festival ten einde. En als er op vrijdagmiddag een verrassingsact wordt aangekondigd, op een verafgelegen podium, staat Radiohead daar ineens. Kom daar maar eens om bij Lowlands.

Glastonbury is dan ook een voorbeeld voor menig muziekfestival in Europa. Lowlands-directeur Erik van Eerdenburg verklaarde vorig jaar in een interview met NRC Handelsblad „alleen jaloers” op Glastonbury te zijn. „Wij zetten twee tipi’s neer, zij hebben 250 tipi’s. Of ze laten 400 mensen jongleren met vuurpotjes. Heel feeëriek.” En inderdaad, het festival is heel sfeervol en, vooral, heel groot: ruim 170.000 mensen bezoeken er volgens de festivaldirectie tachtig podia. Ter vergelijking: Lowlands trekt jaarlijks zo’n 55.000 mensen en telt dertien podia.

De grootsheid laat zich het beste zien vanaf de omringende heuvels. Een afgeragde ‘party-dubbeldekker’ brengt de bezoekers van Bristol naar het festival. Het terrein openbaart zich in de laatste bocht, tienduizenden mensen, tentjes en auto’s zijn samengeperst in een sprookjesachtige vallei en vleien zich als een lichtsnoer tegen de glooiende hellingen op.

Glastonbury begon 41 jaar geleden. Melkboer Michael Eavis had een concert in het nabijgelegen Bath bezocht en besloot daarop zelf een festival te organiseren op zijn weiland – voor de bezoekers was er gratis melk. Het werd een financiële misser; na afloop moest Eavis de hoofdact, Marc Bolan van T-Rex, diens gage van 500 pond uit eigen zak betalen. Desalniettemin organiseerde hij een jaar later opnieuw een festival. Toen stond David Bowie voor twaalfduizend mensen in het weiland.

Lowlands begon 23 jaar later, in 1993. Een aantal medewerkers van concertpromotor Mojo was ontevreden met het toenmalige concertaanbod. Ze besloten een festival te organiseren waar ze vooral zelf naartoe wilden gaan. Maar net als bij boer Eavis viel de eerste editie financieel tegen. Toch kwam er een tweede Lowlands, en een derde, en een vierde...

In vier decennia kampte Glastonbury met meer tegenslagen dan Lowlands – dat komt waarschijnlijk doordat Lowlands vanaf het begin werd georganiseerd door professionals uit de evenementenindustrie, terwijl Glastonbury werd opgezet door een melkboer die later hulp kreeg van goededoelenorganisaties als Greenpeace.

Dat ging niet altijd goed. Niet alleen protesteerden boze dorpsbewoners in de jaren zeventig tegen de stonede bezoekers die naar verluidt naakt over hun erven liepen, ook kampte Glastonbury met rellen, plunderingen en georganiseerde criminaliteit. Daar heeft Lowlands niet mee te maken. Desalniettemin staat het Britse festival nog altijd fier overeind tussen de honderden andere Europese festivals.

En dat is tekenend voor Glastonbury. Iedere zichzelf respecterende popmuzikant wil op het festival staan dat een ongewoon sterke aantrekkingskracht heeft op rockartiesten en andere sterren. Zo werden onder anderen model Kate Moss en actrices Kirsten Dunst en Gwyneth Paltrow deze keer gesignaleerd – op kaplaarzen uiteraard. Het was overigens Kate Moss die in 2005 de kaplaarzentrend op Glastonbury zette. Sinds die tijd is geen festival, ook Lowlands, compleet zonder meisjes met blote benen in rubberen laarzen.

Die sterrenstatus heeft Lowlands nog niet. Maar het zijn niet alleen actrices en modellen die Glastonbury allure verlenen. Het festival is vooral heilige grond voor de muzikant. Of, zoals een oprecht verrukte Beyoncé het dit jaar verwoordde: „Een droom komt uit. Ik heb altijd een rockster willen zijn. Nu ben ik een rockster.”

Overigens was de komst van de Amerikaanse superster omstreden, al liep het debat minder hoog op dan bij het optreden van haar man Jay-Z. Die sloot in 2008 als eerste rapper het festival af, waarna het kritiek regende dat Glastonbury niet langer een rockfestival was en een knieval voor de commercie had gemaakt.

Op één gebied steekt Lowlands zijn Britse collega evenwel naar de kroon: de logistiek. Zo telt het festival in Biddinghuizen warme douches, doorspoel-wc’s en rijdt men bij het eerste regenbuitje al de houtvezels uit.

Op Glastonbury daarentegen, loopt de urine binnen de kortste keren uit de dixi’s in de modder en wordt pas op zaterdagmiddag, als we al 48 uur tot over onze enkels vast in de prut zitten, een armzalig hooibaaltje uitgestrooid. En de artiesten worden backstage bijkans gek van de bureaucratie. Hun komst op het festival gaat vergezeld van een lawineachtige hoeveelheid aan formulieren, pasjes, raamstickers, polsbandjes en nog meer formulieren – tenzij je Beyoncé heet natuurlijk.

Na drie dagen komt het festival, net als in Biddinghuizen, ten einde. Zondag om middernacht is het klaar. Duizenden mensen vertrekken. De weggetjes in het lieflijke Somerset staan binnen de kortste keren muurvast. Op het festivalterrein zijn honderden stinkende laarzen achtergelaten. In één zo’n berg is een bordje gestoken: ‘wellie graveyard’.

Langzaam steken de achterblijvers de fik erin.

Volgend jaar is er geen Glastonbury. Werknemers en vrijwilligers staan dan ten dienste van de Olympische Spelen die in Londen worden gehouden.