Libië: eerst aanvallen stoppen, dan praten

Van steeds meer landen hoeft Gaddafi zijn land niet te verlaten.

De Libische regering zal niet in gesprek gaan met de opstandelingen over het beëindigen van het conflict totdat de NAVO-luchtaanvallen stoppen. Dat zei premier Al-Baghdadi Ali al-Mahmoudi gisteren op een persconferentie.

De regering onder Moammar Gaddafi is niet beschikbaar voor onderhandeling, aldus de premier kort na een bezoek van een VN-gezant. Mahmoudi: „Deze agressie (de luchtaanvallen) moet onmiddellijk stoppen, anders kunnen we geen dialoog beginnen en geen problemen in Libië oplossen.” VN-gezant Abdul Elah al-Khatib bezocht de Libische hoofdstad Tripoli, na gesprekken te hebben gevoerd met opstandelingen in het rebellenbolwerk Benghazi.

De inspanningen om een overeenkomst te sluiten die een einde maakt aan de vijf maanden durende oorlog in Libië zijn geïntensiveerd nu Gaddafi van geen wijken weet ondanks de luchtaanvallen. Khatib zei dat hij op zoek is naar een „politiek proces” om de oorlog te beëindigen.

Ondertussen hebben verschillende Westerse landen hun harde standpunten over Gaddafi afgezwakt. Zo sloot de Britse minister van Buitenlandse Zaken, William Hague, zich aan bij de opvatting dat de Libische leider Gaddafi wel de macht moet opgeven, maar zijn land niet hoeft te verlaten. Hij zei maandag in Londen voor een ontmoeting met zijn Franse collega Alain Juppé dat Londen er wel de voorkeur aan geeft dat Gaddafi ook uit zijn land vertrekt. Eerder had Juppé al in een verschuiving van het Franse standpunt verklaard dat Gaddafi kan blijven.

NAVO-gevechtsvliegtuigen hebben afgelopen weekend aanvallen uitgevoerd op volgens NAVO-mededelingen militaire doelen in het centrum van de Libische hoofdstad Tripoli. Het versterkte kazernegebied waar Gaddafi zijn hoofdkwartier heeft, zou daarbij „uitgebreide schade” hebben opgelopen. (Reuters)