Wil je naar het Witte Huis? Hier tekenen

Conservatieve pressiegroepen in de VS hebben een nieuw wapen: de politieke gelofte.

Die moet de kandidaat afleggen om steun te krijgen.

Hij spreekt in zijn leven slecht twee geloftes uit. Aan de Amerikaanse vlag en aan zijn vrouw. Met die grap probeert Jon Huntsman, een presidentskandidaat voor de Republikeinen, de druk te omzeilen om zijn handtekening te zetten onder de groeiende stapel wensenlijstjes van belangengroepen.

„Dat is nou een man met principes”, zegt McNamara Buck over Huntsman. De 61-jarige eigenares van een kinderdagverblijf eet een ijsje op een pleintje in Cambridge, Massachusetts. Jammer dat hij Republikein is, anders zou ze op hem stemmen.

Belachelijk, vindt Buck de zogeheten pledges, een vondst van meestal conservatieve clubs om presidentskandidaten te laten beloven dat ze, eenmaal in het Witte Huis, bepaalde beleidpunten zullen uitvoeren. Zoals het schrappen van het recht op abortus of het homohuwelijk, en het blokkeren van nieuwe belastingen.

Een president moet juist vrij zijn om zelf beslissingen te nemen, zegt Buck op deze warme zomeravond. „Het idee is dat een politicus open staat voor debat, bereid is om te leren en van mening te veranderen.” Principes moeten daarom niet in steen gebeiteld staan, zoals de geloftes beogen.

Afgezien van Huntsman hebben alle potentiële Republikeinse presidentskandidaten de afgelopen weken een of meerdere geloftes ondertekend. Schadelijk voor de democratie, vinden tegenstanders, want politici verkopen hun ziel aan belangengroepen. Integendeel, zeggen voorstanders, het is juist goed dat kiezers zwart-op-wit kunnen zien waar een presidentskandidaat voor staat.

De groeiende populariteit van de politieke geloftes toont de invloed van het denkpatroon van conservatieve religieuze groepen op de Amerikaanse politiek, vindt McNamara, zelf katholiek opgevoed. „De opstellers horen vaak bij christelijke stromingen die denken in termen van goed of kwaad. Alleen zij die de goede kant kiezen, gaan naar de hemel. De rest zal branden. Dit zwart-wit-denken zie je terug in de pledges.”

De meest omstreden gelofte is de Marriage Vow. Ondertekenaars beloven het huwelijk niet open te stellen voor homo’s. Maar er staat nog meer in de gelofte, opgesteld door Bob Vander Plaats, de voorzitter van The Family Leader, een christelijke organisatie uit Iowa die „het gezin wil versterken en beschermen”. Er staat bijvoorbeeld in dat zwarte kinderen beter af waren in 1860, voor de afschaffing van de slavernij, omdat hun ouders toen een grotere kans hadden om bij elkaar te blijven dan onder Obama. Deze zin veroorzaakte zoveel consternatie dat The Family Leader de passage snel schrapte uit de Marriage Vow. Maar Michele Bachmann, de enige vrouw in de Republikeinse race en een uitgesproken tegenstander van abortus en het homohuwelijk, hield vast aan haar steun voor de wensenlijst van Vander Plaats. Net als Rick Santorum, de meest conservatieve kandidaat van het veld.

Wie tekent, kan rekenen op de stem van zijn achterban, heeft Vander Plaats, een invloedrijk figuur in Iowa, beloofd. Het zijn dan ook vooral de presidentskandidaten die mikken op de conservatieve, religieuze rechterflank van de partij die dergelijke geloftes tekenen.

Neem de ‘Susan B. Anthony List’, een gelofte om abortus te verbieden en financiële steun te stoppen aan Planned Parenthood en alle andere ziekenhuizen en klinieken in Amerika die abortussen uitvoeren. Naast Bachmann en Santorum is deze gelofte getekend door Ron Paul, Newt Gingrich en Tim Pawlenty, allemaal kandidaten die strijden om de conservatieve stem. Op de website van de anti-abortusclub staat een groen vinkje bij hun foto’s.

In Cambridge is het lastig om mensen te vinden die de geloftes een goed idee vinden. Het universiteitsstadje is dan ook overwegend Democratisch. De tweelingzussen Emma en Kate Rome (24), allebei verpleegster, vinden de pledges misleidend. Op het eerste gezicht lijken de geloftes te zorgen voor transparantie, alsof een politicus vergezeld gaat van een garantiebewijs, net als een nieuwe televisie. Maar in de praktijk is het valse zekerheid, want eenmaal in het Witte Huis kunnen de ondertekenaars niets doen zonder steun van het Congres.

Bovendien zijn de geloftes een teken van intellectuele luiheid, zegt verpleegster Kate. „Alsof je één keer in je leven stelling kunt nemen, en dan nooit meer over een onderwerp hoeft na te denken.”

Maar het blijkt lastig voor Republikeinse presidentskandidaten om afstand te houden van de pledges. Niet tekenen kan ook worden uitgelegd als een statement. Toen ex-gouverneur Mitt Romney, een van de meest kansrijke kandidaten voor de Republikeinse nominatie, het aanbod afsloeg om mee te doen aan de Marriage Vow en de Susan B. Anthony List, werd dat meteen tegen hem gebruikt. „We hebben onze pledge opgesteld juist om mensen als Romney te ontmaskeren”, zei Vander Plaats van The Family Leader. „Het is bekend dat Romney met alle winden meewaait.”

Progressieve groepen komen ondertussen met hun eigen acties. Planned Parenthood heeft een eigen gelofte, al heeft die niets te maken met steun afdwingen van politici. Deelnemers aan hun actie ‘Pledge-a-Protester’ beloven dat ze voor iedere anti-abortusactivist die demonstreert voor de deur van een kliniek een vast bedrag per dag doneren, bijvoorbeeld 30 dollarcent. Een poster achter het raam vertelt de demonstranten hoeveel geld ze bezorgen aan Planned Parenthood.