Seedorf heeft nog altijd grootse plannen met Suriname

Clarence Seedorf zit nog vol ambities: de Champions League voor de vijfde keer winnen en wie weet Oranje. Maar het Surinaams voetbal is een ander verhaal.

Clarence Seedorf blijft altijd positief. Met al het voetbaltalent in Suriname moet het toch een keer lukken? Toegegeven, plaatsing voor het WK van 2014 wordt lastig, maar op termijn voorziet hij een grootse toekomst voor het Surinaamse voetbal. Toch moet ook Seedorf zich achter de oren krabben, wanneer hij deze maand na vier jaar terug is in zijn geboorteland om de tiende verjaardag van het door hem opgezette sportcomplex te vieren.

Het nationale voetbal is er niet op vooruit gegaan. De beste Surinaamse voetballers trainen weinig, hebben een gebrekkige mentaliteit en lijken alleen geïnteresseerd in wedstrijdpremies. De nationale ploeg? Begin september start de WK-kwalificatie, maar de selectie is sinds november vorig jaar niet in actie geweest. Sterker, er is niet eens een bondscoach.

Terwijl de aanleg van het Seedorf- sportcomplex juist was bedoeld het lokale voetbal een impuls te geven. Er kwam een interne competitie voor de voetbaljeugd van het district Para. Ook stapte de familie Seedorf, met vader Johan als animator, vlak achter elkaar in twee verschillende clubs uit de hoogste klasse die in het stadion hun thuiswedstrijden speelden. De eerste club degradeerde vorig jaar, de andere vereniging overkwam dit seizoen hetzelfde.

Of Seedorf zijn doel heeft gerealiseerd met het project? De voetballer wijst op de geleidelijke aanpak die ze hebben gekozen. „Op langere termijn willen we met jonge spelers iets bereiken. Dat kost acht, tien, misschien zelfs twaalf jaar. Die hoofdklasseclubs zijn bedoeld om voeling te houden met de nationale top.”

Er bestaat ook een snellere weg naar voetbalontwikkeling, via de Surinaamse voetbalbond (SVB), maar daarmee botert het niet. Ruim drie jaar geleden liepen gesprekken over een samenwerking met Seedorfs organisatie ON International op niets uit. Alleen het bedrag dat ermee gemoeid was bleef hangen: drie miljoen euro. Hoe welkom ook, de bond wees het voorstel af. Uit angst voor te veel bemoeienis van de Seedorfs en vermoedelijk ook uit eigenbelang. Zoals nieuwe ideeën wel vaker op weerstand stuiten in Suriname.

De Seedorfs lieten het er niet bij zitten en namen het een jaar later, bij de bestuursverkiezingen van de voetbalbond, op tegen het zittende bestuur. Zijn organisatie presenteerde blauwdrukken voor de invoering van profvoetbal, een stappenplan voor het Surinaams elftal en een solide financiering. Het bleek opnieuw vergeefse moeite. De tientallen leden met stemrecht kozen voor consolidatie. Volgens hardnekkige geruchten en in de traditie van verkiezingen bij internationale voetbalorganen, had het herkozen bestuur daar de nodige vergoedingen tegenovergesteld.

Zo ver reikt de informatie van Seedorf niet. Wel spreekt hij van „eilandjes” binnen de Surinaamse sport. „Hoe kan het dat in een land met 500.000 inwoners zoveel mensen langs elkaar heen werken? In Milaan wonen tien keer zoveel mensen die elkaar prima weten te vinden. We moeten de krachten bundelen. Ik ben hier ook om een beroep te doen op het lokale bedrijfsleven. Dat moet in het voetbal investeren.”

Datzelfde bedrijfsleven zou ook geld moeten reserveren voor de nieuwe sportacademie van de Caricom, een samenwerkingsverband van landen in de regio die de Surinaamse regering naar zich toe heeft getrokken. Het project is bedoeld voor topsporters uit de Caraïben en verrijst volgens plan vanaf volgend jaar naast zijn eigen stadion. Seedorf is er speciaal voor op audiëntie geweest bij president Desi Bouterse. „Het valt onder verantwoordelijkheid van de overheid. Wij hebben met ons complex en met ons management aangeboden samen te werken. Het is aan de regering daar invulling aan te geven.”

Na tien dagen stapt de vedette weer in het vliegtuig. In Italië wacht een nieuw seizoen. Met mogelijk een nieuwe landstitel voor AC Milan, zijn vijfde zege in de Champions League en wie weet ook een basisplaats in Oranje. „Veel mensen verklaren me zo langzamerhand voor gek, maar zo lang ik nog in de Europese top speel, kan ik echt van waarde zijn voor Oranje. In mijn hart verlang ik nog altijd naar een eindtoernooi.”

Vorig jaar in Zuid-Afrika heeft hij als BBC-commentator genoten van de resultaten van het Nederlands elftal. Niet zozeer van het spel, voegt hij er fijntjes aan toe. „Meestal is het andersom bij Nederland.” En eerlijk gezegd, op sommige momenten vond hij dat hij op het middenveld had „willen, kunnen en waarschijnlijk ook had moeten staan.”

Aan het WK van 2014 denkt de nu 35-jarige Seedorf voorlopig niet. Tegen die tijd is hij misschien allang gestopt. Hij wil afscheid nemen als topspeler, aan afbouwen doet hij niet. En voor alle duidelijkheid: dat gebeurt niet in Ajax-shirt, hoe zeer die club hem ook nog aan het hart gaat. Maar hij zit alweer twaalf jaar in Italië; zijn kinderen gaan er naar school en dan is een verhuizing naar Nederland geen logische optie.

Vlak voor zijn vertrek kondigt Seedorf de oprichting van een sportfonds aan. „Om de nationale sport naar een hoger niveau te tillen”. Ook wil hij met zijn stichting Champions for Children een trapveldje aanleggen voor kinderen voor wie sportbeoefening niet vanzelfsprekend is – inclusief sociaal-maatschappelijke begeleiding. De reacties zijn gematigd. Mooie plannen, maar wie gaat ze uitvoeren? Als het net zo’n vaart loopt als met dat sportcomplex, heeft het alleen slaagkans als hij langer in Suriname blijft. Tien dagen positieve energie zijn niet genoeg.