Politie was laat, maar 'fantastisch'

Veel ging mis bij het optreden van de Noorse politie bij de terreuraanval van vrijdag. In Noorwegen groeit de kritiek op de trage reactie.

Strenge veiligheidsmaatregelen lagen niet voor de hand bij een bijeenkomst van enkele honderden Noorse sociaal-democratische jongeren op een vriendelijk eilandje in de buurt van Oslo. Toch was er wel een agent aanwezig, toen het veerpontje vrijdagmiddag rond vijf uur de terrorist Anders Breivik afleverde op Utøya.

En die agent is nu een verhaal. Trond Berntsen, in zijn vrije tijd naar het eiland gekomen als lid van de sociaal-democratische familie, was niet alleen de stiefbroer van prinses Mette-Marit, de vrouw van de Noorse kroonprins Haakon. Hij was ook een van de eerste doden die Breivik, die zelf verkleed was als een agent, op het eiland maakte. Dat gebeurde nadat een organisator, de sociaal-democrate Monica Bøsei, op hem afstapte. Volgens veerbootgangers kwam ze tegelijk met Breivik op Utøya aan, en wilde zij Berntsen waarschuwen omdat ze argwaan koesterde na nors gedrag van de blonde man.

Misschien was de Noorse politie op het vasteland dus sneller gewaarschuwd geweest, als Breivik zijn moordpartij op het eiland niet zó was begonnen.

Maar het is de vraag of dat de discussie had voorkomen die nu in Noorwegen op gang is gekomen over het optreden van de politie. Want ook toen zij eenmaal in actie kwam, ging er veel mis. De tocht naar het eiland verliep langzaam, de juiste middelen waren niet beschikbaar, en toen Breivik eenmaal was ingerekend, ontstond er chaos bij het tellen van de doden. Op een persconferentie op zaterdag werd gezegd dat er „ten minste tachtig” doden waren. Toen er nieuwe lichamen werden gevonden, werden die bij die tachtig opgeteld: er zouden 86 doden zijn. Inmiddels blijkt het te gaan om 68 doden.

De Noorse politie ontkent dat er grote fouten zijn gemaakt. Nadat de politie in Oslo een officieel verzoek om bijstand had gekregen, duurde het veertien minuten voordat zij bij de oever tegenover het eiland was. En nog eens zeventien minuten voordat er een boot beschikbaar was. Intussen voeren kampeerders in de buurt al naar het eiland om mensen uit het water op te pikken.

„We hadden geen idee van de ernst van de situatie op het eiland”, zei de lokale politiechef Sissel Hammer in de krant Dagensavisen. „We waren niet aan het wachten, die zeventien minuten waren om ons voor te bereiden.” De politie uit Oslo had een boot bij zich, maar die bleek veel te klein om alle agenten en hun uitrusting mee te nemen. Er werd gezocht naar andere boten en daardoor duurde het uiteindelijk tot 18.25 uur voordat de speciale politie-eenheid op het eiland aankwam. Twee minuten later gaf Breivik zich over.

„Een snellere reactie was niet mogelijk”, aldus politiecommissaris Johan Fredriksen in een verklaring. „We zouden het de volgende keer opnieuw zo doen, tenzij we meer middelen zouden krijgen.”

Gebrek aan middelen was ook de reden waarom de politie niet kon beschikken over een helikopter. „We hebben één helikopter die maar beperkt inzetbaar is”, zei Fredriksen. Om kosten te drukken wordt de helikopter in de zomer niet gebruikt en de bemanning met verlof gestuurd.

Minister van Justitie Knut Storberget wees de groeiende kritiek vanochtend van de hand. De politie heeft „fantastisch werk” geleverd, vindt hij. Oeystein Maeland, de hoogste politiechef, belooft het politieoptreden te evalueren. „Het is natuurlijk goed om te zien wat we van deze ervaringen kunnen leren.”