Half volwassen zelfvernietigers

Net als Amy Winehouse stierf een hele reeks popsterren met 27 jaar.

Is dat toeval, of verkeert een 27-jarige vaak in een cruciale en labiele levensfase?

Toen ik 27 was, zat ik huilend bij de psycholoog. Ik was gedoemd de rest van mijn leven te slijten in een kantoortoren. Ik had een baan met pensioenopbouw, Blackberry en toekomstperspectief, en ik vond er geen zak aan. Ik was een goudvis in een glazen toren, zonder vaste relatie of toekomstplan. „Ik wil gewoon Carrie Bradshaw zijn uit Sex and the City in New York”, brulde ik als openingszin bij sessie één. 27 heb ik ervaren als een hele moeilijke leeftijd.

Daarin sta ik niet alleen.

Amy Winehouse is zatermiddag toegetreden tot de ‘club van 27’, het illustere genootschap van rocksterren die op 27-jarige leeftijd het leven lieten. De rock-’n-roll-legendes die Amy vergezellen stierven om uiteenlopende redenen. Een zelfgemaakte cocktail van drank en drugs voor Jimi Hendrix, een heroïneoverdosis voor Janis Joplin, en Pete Ham hing zichzelf op in de garage. Er is er een die kopje onder zou zijn geduwd door een klusjesman in het zwembad, Brian Jones, en een die werd geliquideerd, rapper ‘Fat Pat’. Maar zelfmoord, direct of indirect, is wel degelijk een belangrijke doodsoorzaak onder leden van de club van 27.

Waarom culmineert al die zelfhaat juist eind twintiger jaren in een fatale actie? Is 27 een kritieke leeftijd?

„Ja”, zegt Jan Derksen, hoogleraar klinische psychologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. „Ik denk dat 27 een hele moeilijke leeftijd is. Je wordt verwacht de postadolescente fase te hebben afgerond. Dat betekent dat je de koers voor de rest van je leven moet hebben uitgezet. Belangrijke keuzes in intieme relaties, werk en vriendschappen moeten dan wel zijn gemaakt.”

Oorspronkelijk werd de grens tussen het jongemensenleven en het volwassenenbestaan rond het vijfentwintigste levensjaar gesteld. Maar de welbekende quarterlife crisis schuift op, vertelt Derksen. „Dat komt omdat onze samenleving complexer is geworden. Daardoor moeten we steeds meer keuzes maken en een duidelijk identificatiemodel ontbreekt. Vroeger wilde je alles gewoon zoals je ouders doen. Denk aan de jaren vijftig zoals Reve die beschrijft. Verschrikkelijk saai natuurlijk, maar het was wel een stuk makkelijker. Het beste kan je mensen maar laten kiezen uit vier of vijf opties, anders is het een te grote aanslag op hun hersenen. Door alle mogelijkheden krijgen ze keuzestress en daardoor stellen ze steeds meer uit. Dat zie je bijvoorbeeld aan het aantal jongeren dat steeds opnieuw een studie begint en weer afbreekt.”

Uit cijfers van het GGZ en het CBS blijkt overigens geen piek in het aantal aanmeldingen voor de geestelijke gezondheidszorg rond het 27ste levensjaar. Maar niet iedereen die rondloopt met zwaarmoedige gedachten, trekt aan de bel. „Op die leeftijd wil je het graag zelf doen”, zegt Derksen. Voor sommige mensen is psychische hulp vragen nog steeds een taboe. Van het aantal mensen met suïcidale gedachten krijgt maar 56 procent hulp, blijkt uit onderzoek van het Trimbos-instituut, het landelijk kennisinstituut voor geestelijke gezondheidszorg, verslavingszorg en maatschappelijke zorg.

Rocksterren hebben het bovendien nog moeilijker dan normale stervelingen. Het sterftecijfer onder popsterren is twee keer hoger dan onder ‘normale mensen’, blijkt uit onderzoek van de Liverpool John Moores University. Dat is niet zo verrassend. Veel creatieve geesten scoren hoog op de schaal voor een ‘schizotypische persoonlijkheidsstoornis’. Ze hebben een hoog IQ en sterke creatieve vaardigheden, maar kunnen last krijgen van psychoses, vooral onder druk.

In tegenstelling tot iemand met schizofrenie, een psychische aandoening die zich meestal openbaart tussen het vijftiende en dertigste levensjaar, kan je onder een schizotypische persoonlijkheid je hele leven op terugkerende momenten lijden. „Veel schilders, dichters en musici hebben er last van”, vertelt hoogleraar klinische psychologie Derksen. „Als je dan ook nog aan roem wordt blootgesteld, is het een enorme klus om jezelf in balans te houden.” Artiesten en schrijvers hebben zelfs twee tot drie keer meer kans op een psychose, zelfmoordpoging of stemmingsstoornis dan personen die even succesvol zijn in het bedrijfsleven, blijkt uit onderzoek van de Kentucky University.

„Popsterren staan onder geweldige druk en staan aan veel verleidingen bloot. Ze verdienen veel geld en dat geeft ze te veel keuzes”, zegt Derksen. Ze verliezen het contact met hun binnenwereld en worden heel erg gestuurd door hun omgeving, vervolgt hij. De weg terugvinden is vaak lastig. Om het ongenoegen of de onrust daarover te maskeren, gebruiken ze drank en drugs. „Zo’n Amy Winehouse had natuurlijk drie keer per week bij de psychotherapeut moeten zitten om de boel weer een beetje op de rit te krijgen. Ook popsterren hebben last van de quarterlife crisis, alleen komt daar nog eens de roem bij.”

Maar een dipje is nog geen depressie, laat staan een zelfmoordpoging. En de onderzoeken uit Liverpool en Kentucky bieden nog geen antwoord op de vraag waarom al die artiesten, depressief of niet, juist op hun 27ste kiezen voor de nooduitgang. Eric Segalstad heeft die verklaringen wel. Er sterven meer rocksterren op 27-jarige leeftijd dan op iedere andere leeftijd, schrijft hij in The 27s: The Greatest Myth of Rock & Roll. Na de dood van Kurt Cobain zag hij een patroon in de leeftijd waarop rocksterren overlijden. Het fenomeen was op dat moment nog nauwelijks beschreven, volgens Segalstad. Hij baseert zijn conclusie op het eerder genoemde onder zoek van de Liverpool University. Het boek dat Segalstad vervolgens schreef, won de Independent Publisher Book Award for Popular Culture in 2009. De telefoon stond het afgelopen weekend roodgloeiend bij de in Californië woonachtige Noorse journalist. Na televisieoptredens voor CNN en ABC gaf hij zijn verklaringen voor het verschijnsel aan nrc.next.

Segalstad gelooft in numerologie: „Het getal drie is een belangrijk getal in onze westerse cultuur, denk aan de heilige drie-eenheid. Drie tot de macht drie is het getal 27.” De quarterlife crisis is volgens hem dan ook een astrologisch verschijnsel. „Je ziet vaak dat de popartiesten die op hun 27ste overleden, vlak voor dat moment een beetje verloren waren. Dat is typerend voor de terugkeer van Saturnus op dezelfde plek in het sterrenstelsel als je geboortedag. Zoals Jimi Hendrix, die van het podium gefloten werd bij het Peace & Love-festival. Of Amy, tijdens haar optreden in Belgrado. Haar moeder voorspelde een dag voor haar overlijden nog dat ze dood zou gaan.”

Segalstad geeft ook een meer rationele verklaring in het boek: „Als je popartiest bent en je bent zo’n vijf of zes jaar bezig , dan is het op een gegeven moment mooi geweest. Dan kies je: of je wordt relaxter, of je gaat eraan kapot.” En kapot gaan aan drank of drugs gaat makkelijker als je lichaam na een aantal jaar rock-’n-roll in slechte conditie is geraakt.

Maar een sluitende verklaring voor het fenomeen heeft Segalstad niet, hij signaleert naar eigen zeggen alleen tekenen. De dood van Amy Winehouse zag hij naar eigen zeggen aankomen. Hij voorspelde die zelfs in zijn boek. „Ik heb daarin Janis Joplin geciteerd. Zij zei dat, onbewust of niet, mensen hun blueszangers graag ongelukkig zien. We hebben deze muzikanten daarvoor nodig, om te voelen wat wij voelen en te zijn wat wij willen zijn en niet kunnen, zei zij. Daaronder schreef ik: zie Amy.”