Hadzic komt voor en zwijgt over schuldvraag

VN-rechter O-Gon Kwon gaf hem dertig dagen extra bedenktijd.

De voormalige president van de Kroatische Serven Goran Hadzic (52) weigerde gisteren voor het Joegoslaviëtribunaal in Den Haag te zeggen of hij zich schuldig of onschuldig acht wat betreft de 14 punten van de aanklacht. Zijn advocaat zei tegen VN-rechter O-Gon Kwon uit Zuid-Korea dat het niet nodig was de aanklacht helemaal voor te lezen. De rechter gaf hem dertig dagen extra bedenktijd. De eerste voorgeleiding wordt dus over ongeveer vier weken voortgezet.

Hadzic was de laatste voortvluchtige van 161 politieke en militaire leiders op de Balkan die sinds de oprichting van het Joegoslaviëtribunaal in 1993 zijn aangeklaagd.

Hadzic wordt beschuldigd van misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden, begaan in de periode van 1991 tot en met 1993. Hij zou deze misdaden hebben begaan toen hij de leider was van de Krajina, een gebied dat de Serviërs innamen toen Kroatië zich in 1991 onafhankelijk verklaarde van het toenmalige Joegoslavië.

Tot de misdrijven die Hadzic worden aangerekend behoort de verwoesting van het stadje Vukovar en de gevangenneming van 260 gewonden uit het plaatselijke ziekenhuis, die vervolgens op een nabijgelegen boerderij werden gemarteld en vermoord.

De etnische Serviër Hadzic werd vorige week opgepakt, na zeven jaar voortvluchtig te zijn geweest. Vrijdag werd hij overgevlogen vanuit Belgrado en opgesloten in een van de speciale VN-cellen in de gevangenis van Scheveningen. Zijn arrestatie vond een kleine twee maanden na de aanhouding van kopstuk Ratko Mladic plaats, die al ongeveer zestien jaar op de vlucht was. Ook hij wordt verdacht van oorlogsmisdaden. (AP)