Dit stuk kunt u altijd nog lezen

Chronische uitstellers zijn geen perfectionisten, zegt Piers Steel. Het zijn mensen die geen verleidingen kunnen weerstaan. Maar daar valt wat aan te doen.

Het is moeilijk om het over uitstelgedrag te hebben zonder grappen te maken. „Zijn computer is aan het procrastineren!”, grinnikten collega’s van Piers Steel, toen zijn powerpointpresentatie bleef hangen tijdens een internationaal wetenschappelijk congres over procrastinatie, afgelopen vrijdag en zaterdag, georganiseerd door de Universiteit van Amsterdam. Even later in de pauze kent Steel er ook nog een paar: „Het excuus dat Dorothy Parker ooit gaf toen ze een deadline niet haalde: het potlood was in gebruik. En weet je wat de allerbeste grap over procrastinatie is? Of nee, die vertel ik je volgende week wel.”

Misschien vindt u het wat laat om nu nog te lezen over een congres van afgelopen weekend. Maar daar staat tegenover dat Steel, hoogleraar aan de Haskayne School of Business (Calgary, Canada) een boek heeft geschreven over uitstelgedrag dat pas na de zomer in Nederlandse vertaling uitkomt – dus wat dat betreft zijn we er vroeg bij. Op de redactie lachten verschillende collega’s al dat ze zo’n boek goed konden gebruiken. Maar of het hen zou helpen? „Dat uitstelgedrag blijft bestaan”, zegt Steel met droge ogen, „komt niet doordat onbekend is wat we eraan moeten doen, maar doordat mensen het uitstellen om er iets aan te doen.”

Genoeg gelachen. Waarom is uitstelgedrag eigenlijk zo’n dankbaar onderwerp voor grappen en cartoons? „Het is een veelvoorkomend probleem, iedereen kent het gevoel”, zegt Steel. „Er grappen over maken neemt spijt en schuldgevoel weg. Freud zou het een verdedigingsmechanisme noemen. Mensen hebben de meeste spijt over dingen die ze niet gedaan hebben – veel meer dan over mislukkingen, want die dingen hebben ze in elk geval geprobeerd.”

In zijn boek vat Steel de wetenschappelijke literatuur over procrastinatie samen en geeft hij wetenschappelijk verantwoorde tips. Chronische uitstellers zijn over het algemeen geen perfectionisten, schrijft hij, maar impulsieve mensen die geen weerstand aan verleidingen kunnen bieden. En het zijn niet per se sensatiezoekers. „Jij houdt van de thrill van een deadline? Wil je dat gevoel eerder hebben, zodat je meer gedaan krijgt? Dan moet je jezelf deadlines stellen. O, dat lukt niet? Dan waren het geen echte deadlines. Dan moet je er maar eens 1.000 euro op zetten.” Dat soort vallen moet je voor jezelf opzetten, zegt Steel, zo kun je je onbewuste aan het werk zetten.

Het limbisch systeem in onze hersenen, legt hij uit, het ‘dierlijke deel’, houdt van concreet, specifiek, direct. „Met jezelf afspreken dat je morgen precies om tien uur begint.” En het houdt van gewoontegedrag – wilskracht kost aandacht en energie, gewoonte niet. „Een gewoonte is iets geweldigs. Wat moeilijk is, is om een gewoonte aan te leren.” In een onderzoek naar lichaamsbeweging, vertelt hij, duurde het gemiddeld twee maanden voordat een net opgepakte sport een gewoonte was geworden bij de deelnemers en ze er niet meer over na hoefden te denken. Tot die tijd moet wilskracht, zegt hij, dezelfde rol vervullen „als korsetten en apparaten in fysiotherapie bij mensen die opnieuw moeten leren lopen. Als je eenmaal de routine hebt, heb je ze niet meer nodig.”

Hij klinkt allemaal alsof hij zelf zijn leven volledig geregeld en gepland heeft. Maar daarop zegt hij bedachtzaam: „Je zou kunnen zeggen dat ik meer motivatieproblemen heb dan de gemiddelde mens. Er zijn dingen die ik niet kan doen, want dan zouden ze meteen een verslaving worden.” Zoals wat? „Computerspelletjes. En roken – ik zou zoveel gaan roken dat het niet eens lekker meer was.” Dan weer met een grijns: „Gelukkig heb ik het niet met alcohol.”

In zekere zin, geeft hij toe, is Steel de Allen Carr van de procrastinatie: ooit zelf verslaafd aan uitstellen, nu helpende hand voor mensen die er ook vanaf willen komen. En daarin zeer serieus. Steel beschrijft hoe procrastinatie onder meer gezondheid, carrière, vriendschappen en relaties kan schaden. En hoe de huidige maatschappij gelegenheid geeft voor een procrastinatiepandemie: „We doen alsof we betere mensen zijn dan we zijn. Onze maatschappij biedt talloze mogelijkheden voor instant behoeftebevrediging. Je kunt voortdurend eten, voortdurend jezelf afleiden met YouTube of spelletjes als je eigenlijk moet werken – en dat gebeurt zelfs met werk waar je hart echt in ligt. Het is alsof we een hoge brug hebben gebouwd zonder hek erlangs en nu zeggen: iedereen moet zelf maar zorgen dat hij er niet afvalt.”

Zoals hij erover praat, lijkt het alsof hij uitstelgedrag moreel verkeerd vindt. Is dat zo? Nadenkend: „Veel misdaad komt wel voort uit impulsief ingaan op verleidingen. En ontrouw ook. Ik wil dat mensen een goed leven hebben, een betekenisvol leven. Niet dat ze ingeplugd zijn op instant geluk. Ik gun mensen dat ze iets in hun leven hebben waarvoor ze willen lijden. Als je leven zin heeft, kan zelfs lijden gelukkig maken.”

Piers Steel: ‘The Procrastination Equation. How to Stop Putting Things Off and Start Getting Stuff Done’. De Nederlandse vertaling, ‘Uitstelgedrag’, verschijnt binnenkort bij uitgeverij Ten Have.