Wat is er precies gebeurd?

Vrijdagmiddag, 15:26. Een autobom explodeert bij een regeringsgebouw in het centrum van de Noorse hoofdstad Oslo. Premier Jens Stoltenberg is op dat moment niet op het kantoor aanwezig; hij werkt die dag thuis. Bij de aanslag vallen zeven doden en tientallen gewonden. De ravage is enorm: door de explosie sneuvelen bijna alle ruiten van het zeventien verdiepingen tellende gebouw. Het plein voor het hoofdkantoor van de Noorse regering ligt bezaaid met gebroken glas en puin. Ook omliggende panden raken beschadigd.

Rond 16:50. Een als politieagent verklede man opent het vuur op een groep jongeren op het eilandje Utøya, zo’n 45 kilometer verderop. Zevenhonderd jongeren van de regerende Arbeiderspartij, tussen de 13 en 25 jaar oud, hielden op het kleine eiland (10,6 hectare) een zomerbijeenkomst om zich voor te bereiden op de verkiezingen in september.

De schutter is met een boot van de organisatie op het eiland gekomen. Tegen de schipper zou hij hebben gezegd dat hij een ‘routinecontrole’ moest uitvoeren, vanwege de bomaanslag in Oslo. Onder zijn politie-uniform draagt hij een kogelwerend vest en hij heeft een pistool en een automatisch geweer bij zich.

17:26. De politie in de provincie Buskerud krijgt per telefoon de eerste melding van de schietpartij. Tien minuten later vertrekt een speciale eenheid vanuit Oslo naar het eilandje Utøya. Ze besluiten via de weg te gaan en niet per helikopter, omdat dat te veel tijd zou kosten.

Een zestienjarige die de schietpartij overleefde, zegt achteraf: „We hadden ons verzameld in het hoofdgebouw om over de gebeurtenissen in Oslo te praten, toen we plotseling schoten hoorden. We dachten eerst dat het niets was, maar toen begon iedereen te rennen. Ik zag een man verkleed als agent, met oordoppen in. Hij zei dat hij iedereen wilde verzamelen en begon toen op mensen te schieten. We renden naar het strand en begonnen te zwemmen.”

De afstand naar het vasteland bedraagt circa één kilometer en het water is koud. Een graad of zeventien, achttien. Een ooggetuige ziet aan de oever de lichamen van tientallen jongeren drijven. Andere jongeren proberen zich in de gebouwen en bosjes te verstoppen, maar de schutter kamt het dichtbeboste eiland nauwkeurig uit. De schietpartij duurt dertig à veertig minuten, de lezingen hierover lopen uiteen.

Rond 18:00. De speciale eenheid van de politie bereikt het meer, maar verliest veel tijd tijdens de oversteek naar het eiland. Dat komt door een overbeladen politieboot, die te klein en te zwaar beladen is met agenten en materieel.

18:25. Een uur na de eerste melding arriveert de politie op het eiland. Enkele minuten later wordt de 32-jarige autochtone Noor Anders Breivik ingerekend. Hij geeft zich zonder verzet over.

Aanvankelijk sprak de Noorse politie over tien doden op het eiland, later wordt het dodental bijgesteld tot 86. Nog altijd wordt gezocht naar vermisten, zowel op de plek waar de bom afging als op het eiland. In totaal komen, voor zover nu bekend, 93 mensen om het leven. Er vielen 97 gewonden.

Breivik bekende gisteren tegenover de politie zowel de massamoord op Utøya als de bomaanslag in Oslo. Hij zou bereid zijn mee te werken aan het politieonderzoek en wil praten over zijn daad. Vandaag wordt Breivik voorgeleid aan de rechter.

De Noorse politie maakte gisteren eveneens bekend dat de autobom die een ravage aanrichtte in Oslo bestond uit een mix van kunstmest en benzine. Breivik kocht begin mei grote hoeveelheden kunstmest en zou daarmee de bom hebben gemaakt.

Een Noorse antiterreureenheid deed aan het begin van de middag invallen in diverse panden in een woonwijk in het oosten van Oslo. Zes mensen werden aangehouden, maar niet veel later werden zij weer vrijgelaten. Eerst hield de politie er nog rekening mee dat de schutter een handlanger had, maar gisterochtend maakte zij bekend dat hiervoor geen aanknopingspunten zijn gevonden.