Noren willen open en aardig blijven

De Noorse politie bleek niet in staat snel in te grijpen tegen massamoord buiten Oslo. De politie is ingesteld op vriendelijk optreden. Hé, daar staat koning Harald.

Na twee dagen begint het op te vallen: de kalmte en de informele omgangsvormen van de Noren. Hier en daar een snik, maar nergens zie je hysterische taferelen. De bloemenzee bij de Dom groeit met het uur, maar ook daar heerst serene stilte.

Soldaten bewaken de gehavende straten rondom het regeringsgebouw, maar ze ogen vriendelijk, bijna gemoedelijk. Even wapperen met een perskaart en je mag door. Af en toe wuiven zij gedienstig dat de verslaggever wegens gevaar van vallend glas beter aan de andere kant van de straat kan gaan lopen. Bij het Ulleval-ziekenhuis, waar de gewonden liggen, was geen bewaking te bespeuren.

Ook bij de herdenkingsmis in de Dom was gisteren nauwelijks zichtbare beveiliging. Koning Harald, koningin Sonja en het voltallige kabinet liepen op nog geen tien meter afstand van het publiek de kerk uit en bleven staan om de bisschoppen van de Lutheraanse kerk te omhelzen.

De jonge overlevenden liepen gewoon tussen de toegestroomde mensen het plein af. De mensen weken rustig uiteen, respectvol. Om de hoek is een ‘warzone’, maar in de rest van de stad is niets te merken. Premier Jens Stoltenberg herhaalt het keer op keer en de Noren zeggen het hem na: dit is een open samenleving en dat willen wij zo houden.

Maar kan dat nog?

Het zijn de vragen die in Nederland opdoken na de moord op Fortuyn en Van Gogh: mag minister Donner nog wel op de fiets naar zijn werk? Die vraag is nu ook in Noorwegen aan de orde en daar heeft het kleine land met 4,8 miljoen inwoners het moeilijk mee.

Politici wandelen nog gewoon over straat, de koning lijkt een huisvriend van de bisschop. „Noorwegen is een extreem egalitaire samenleving”, zegt Gunnar Kagge van de krant Aftenposten. „Wij hebben de adel in 1814 weggedaan en wij houden niet van mensen die zich beter voelen dan anderen.” Die informaliteit is prachtig, maar heeft ook een keerzijde. De onopvallende efficiëntie van de Londense politie na de terreuraanslagen van 2005 is hier ver te zoeken. Anders Breivik begon na zijn aankomst op het eiland Utøya, kort na 17 uur, direct te schieten. Het arrestatieteam uit Oslo landde pas om 18.25 uur op het eiland, na een autorit uit de hoofdstad – de helikopter was niet vliegklaar - en na moeizame pogingen een bootje te bemachtigen dat de agenten en hun materieel kon vervoeren zonder te zinken.

Breivik (die zijn daad „gruwelijk maar noodzakelijk” noemde) kon meteen worden ingerekend. De Noren staan nu voor de vraag of een snellere reactie van de politie mogelijk was geweest - en Breiviks schieten dus eerder gestopt.

De eerste melding van de schietpartij op vrijdag kwam op 17.26 uur bij de lokale politie binnen. De Noorse politie draagt geen wapens, die heeft ze achter slot en grendel in de auto. De vraag of de lokale politie bij Utøya daarom niet in actie is gekomen tegen een krankzinnige die bewapend was met een machinegeweer, wil Arne Johannessen, voorzitter van de Politievakbond, niet beantwoorden.

In ieder geval vroeg het politiebureau ter plaatse om bijstand vanuit Oslo en dat leidde tot kostbaar tijdverlies. Intussen waren omwonenden zelf al aan de evacuatie van de jongeren begonnen.

Er zal zeker discussie ontstaan over de efficiëntie van de politie, zegt psycholoog Ragnhild Bjørnebekk, die aan het Politie College onderzoek doet naar extreem geweld. Maar zij verwacht vooral dat de moorden van Breivik een tegenovergesteld effect zullen hebben dan hij beoogde. „Ik bespeur geen haat, geen woede, maar gevoelens van solidariteit. Mensen willen elkaar steunen. Het zal veeleer een keerpunt zijn voor hen die kritiek hebben op de immigratiepolitiek, of misschien zelfs racistische gedachten hebben. Zij zijn geschokt omdat ze zien tot welke daden zulke gedachten kunnen leiden. Zelfs jonge patiënten van mij, die extreem geweld hebben gebruikt, zeggen me nu dat ze politiek actief willen worden om dit onmogelijk te maken. Er is een enorme solidariteit met de Arbeidspartij. Dat heeft me verrast.”

Noorwegen is een welvarend land met een hoge levensstandaard, zegt Bjørnebekk. „Iedereen heeft hier de kansen om zich positief te ontwikkelen. Er zijn dus weinig externe redenen om zo te ontsporen als Breivik. Mensen die toch ontsporen, hebben vaak zeer ernstige persoonlijkheidsstoornissen. De koele berekening waarmee hij zijn daad heeft uitgevoerd, doet vermoeden dat Breivik een psychopathologische aanleg heeft.”

Of Breivik nu een eenzame psychopaat was of niet, Noorse commentatoren vrezen toch dat het met de onschuld van Noorwegen gedaan is. „We wisten dat ook Noorwegen getroffen kon worden door terreur, maar niemand heeft voorzien dat die niet van buitenaf zou komen”, zegt Harald Stanghelle van Aftenposten. „Niemand heeft hier voor mogelijk gehouden dat één enkele Noor zo’n grote aanslag zou kunnen plegen met zó veel slachtoffers. Dit zal Noorwegen voorgoed veranderen.”