Hoe schrijf je 'n seksscène?

In Engeland zijn ze ermee begonnen en nu doen ze het overal: de verkiezing van de slechtste seksscène van het jaar. Waarom is dat zo leuk, leuker bijvoorbeeld dan een prijs voor de slechtste natuurbeschrijving of de slechtste achtervolgingsscène? Natuurlijk om te beginnen omdat seks als zodanig altijd leuk is. Je hoeft er maar over te beginnen of er wordt al gegniffeld. En omdat iemand die uitgebreid vertelt over een neukpartij door velen al gênant wordt gevonden, is er niets gênanters dan iemand die er slecht over vertelt. Een slecht vertelde seksscène is gêne in het kwadraat.

Daar komt bij dat het hondsmoeilijk is om een goede seksscène te schrijven. De kans op mislukking en het bijbehorende gegniffel en leedvermaak is levensgroot. En hoewel het zo moeilijk is, waagt bijna elke schrijver zich eraan. De roman lijkt er haast voor te zijn uitgevonden om te vertellen hoe mensen met veel omwegen bij elkaar in bed belanden.

De reden dat het zo moeilijk is om een goede seksscène te schrijven, is dat je een daad beschrijft die ondanks de mogelijke variaties behoort tot de meest voorspelbare handelingen die er bestaan. Daarbij is het net als echte seks: voor jezelf misschien uiterst opwindend, maar voor wie gedwongen wordt ernaar te kijken toch vooral nogal onsmakelijk. Specifieke details die je toevoegt in je beschrijving, zoals zijn gloeiend hete neukstaaf die haar dreigt uiteen te rijten, zijn misschien voor jezelf effectief omdat ze bepaalde herinneringen bij je oproepen, maar ze wekken bij de lezer walging, onverschilligheid of lachlust op. Bovendien word je gedwongen telkens lelijke woorden te gebruiken als ‘lul’ en ‘kut’. En als je daarop gaat variëren met ‘glanzende speer’, ‘liefdesgrotje’, ‘kloppende roede’, of ‘soppende perzik’ maak je het alleen maar erger.

Daarom de volgende drie tips.

Eén: een goede seksscène is niet per se een scène over goede seks. Goede seks is saai, slechte seks is oneindig veel interessanter omdat de lezer zichzelf er in herkent en omdat het veel meer bijdraagt aan de karakterisering van de personages en hun frustraties.

Twee. De grootste erogene zone zit tussen de oren, zoals Thomas Blondeau het treffend heeft geformuleerd. Dat geldt niet alleen voor je lezers, maar vooral voor je personages. Schrijf over wat ze denken en fantaseren, over wat ze het liefst zouden willen maar niet durven en over wat ze eigenlijk nooit hadden gewild, in plaats van over wat ze doen.

Drie. Tenzij je een dichter bent en geniale metaforen hebt bedacht, moet je zo goed mogelijk luisteren naar de straattaal. Zoals die jongens en meisjes over seks praten in de tram, dat is uiteindelijk het eerlijkst en daarmee het minst belachelijk. Stem je stijl daarop af.

Ilja Leonard Pfeijffer