Delft, Rotterdam en Leiden fuseren

Elke universiteit wil studenten uit China. Maar dan moet je wel hoog staan in de internationale ranglijsten.

In Zuid-Holland geloven ze: dan kunnen we beter fuseren.

De helft van de ministers in het kabinet-Rutte en de helft van de bestuurders van beursgenoteerde Nederlandse bedrijven studeerden aan de universiteit van Leiden, Rotterdam of Delft. Dit staat – niet zonder trots – in een ontwerpversie van een position paper, de opmaat voor een gezamenlijke toekomst van de drie universiteiten.

Door te fuseren, zo melden universitaire bronnen, willen de drie een plaats verwerven tussen de universiteiten van wereldklasse. Dat is nodig, zo staat in het jaarverslag 2010 van de Universiteit Leiden, „om getalenteerde studenten en academisch toptalent aan te trekken, om innovatieve bedrijven voor de regio te interesseren en om meer externe en aanvullende financiering te werven.” De nieuwe universiteit zou met zo’n 55.000 studenten de grootste academische instelling van Nederland vormen.

Onderzoekers, studenten en financiers kijken bij de keuze voor een universiteit naar de internationale ranglijsten. Gewilde studenten uit China letten vooral op de zogeheten Shanghai-ranking. Daarin staat Leiden nu op 70, de andere twee ergens onderin de top-200. Samen zouden de drie Zuid-Hollandse universiteiten met stip stijgen op de internationale ranglijsten. De fusieplannen worden ook ingegeven door bewegingen in het hoger onderwijs in Nederland. De commissie-Veerman spoorde de universiteiten in het voorjaar van 2010 aan om in deze tijden van geldgebrek meer te gaan samenwerken. Het is volgens Sijbolt Noorda, voorzitter van de vereniging van universiteiten VSNU, „een logische, volgende stap” dat de Zuid-Hollandse universiteiten hun krachten bundelen om hun belangen nog beter af te stemmen en, bijvoorbeeld, om dubbele investeringen te vermijden. „Er wordt al veel samengewerkt tussen universiteiten in Nederland, zeker in vergelijking met het buitenland. Maar dit gaat een stap verder.” De samenwerkingsplannen hebben het afgelopen jaar een veel vastere vorm gekregen bij gesprekken tussen de drie universiteitsbesturen. Die zijn de laatste maanden in een stroomversnelling geraakt, zozeer dat nu wordt af gekoerst op een fusie.

In één grote Zuid-Hollandse universiteit zullen de drie onderdelen zich concentreren op hun specialiteiten, ‘kerncompetenties’ in het jargon. De rechtenfaculteit van Leiden bijvoorbeeld, dat met zijn studie internationaal recht hoge ogen oogt. De zonneceltechnologie in Delft, dat ook een internationaal toonaangevend centrum voor nanotechnologie herbergt. De managementstudies in Rotterdam. De parels in de kroon zijn de universitaire medische centra in Leiden en Rotterdam. Alle UMC’s in Nederland samen scoren met hun publicaties in wetenschappelijke tijdschriften 40 procent hoger dan het internationale gemiddelde van vergelijkbare centra. De absolute uitblinker is het Erasmus MC in Rotterdam, dat vooral door het epidemiologische onderzoek onder 10.000 Rotterdammers hoog scoort in publicaties.

Roel in ’t Veld, bijzonder hoogleraar governance and sustainability in Tilburg, ziet voordelen in de fusie, waarvan hij overigens geen details zegt te kennen. „Er zijn administratieve besparingen, op langere termijn zie ik een voordeel in het creëren van een krachtig Hollands bolwerk in Europa dat sterk genoeg is om de concurrentie met de andere Europese universiteiten aan te kunnen.”

Het is maar de vraag of een fusie helpt om de top te bereiken, zegt Hans Schenk, hoogleraar economie in Utrecht. Schenk toonde ooit aan dat driekwart van de fusies in het bedrijfsleven mislukt: „Fusies van universiteiten zijn nooit onderzocht, maar mijn idee is dat er overeenkomsten zijn met bedrijfsfusies.” Juist de vorming van echt grote instellingen schept hogere kosten en meer bureaucratie, leren volgens Schenk de fusies van bijvoorbeeld hbo-instellingen, corporaties en ziekenhuizen: „Dan denkt het bestuur van zo’n fusie-instelling: we zijn groot, we hebben extra personeel en een hoofdkantoor nodig.”

De scepsis van Schenk leeft ook in de politiek, mede door de afschrikwekkende gevolgen van de schaalvergroting in het hoger beroeps onderwijs. Hogeschool InHolland is daarvan een berucht voorbeeld. De Tweede Kamer en staatssecretaris Zijlstra (Onderwijs, VVD) hebben dan ook al aangegeven geen verdere schaalvergroting te willen. Dat is lastig voor de Zuid-Hollandse universiteiten, omdat voor de fusie een wetswijziging nodig is. In de Wet op het hoger onderwijs staan de instellingen met name genoemd. De bestuurders van de drie universiteiten moeten op eieren lopen, zegt Noorda van de VSNU: „De fusie staat of valt met medewerking van wetenschappers en andere medewerkers. Ook de precieze vormgeving van de krachtenbundeling luistert nauw. Je wilt niet dat het leidt tot een mastodont van een onderwijsinstelling. Je moet rekening houden met veel processen en partijen. Juist in een universiteit, waar veel onafhankelijkheid en autonomie bestaat, moet je behoedzaam opereren.”