De eurozone staat er nu echt beter voor

De eurozone staat nog steeds voor grote budgettaire en economische problemen, maar heeft belangrijke stappen gezet op weg naar de oplossing van de schuldencrisis.

Griekenland zal enig respijt krijgen, en het steunfonds van de monetaire unie – de Europese Financiële Stabiliteits Faciliteit (EFSF) – zal een grotere rol krijgen en zich zowel met mogelijke ontwrichtingen van de markt als met financiële problemen op de langere termijn bezighouden. Dit zal ertoe bijdragen besmetting in andere schuldenlanden te voorkomen. En in ruil voor serieuze concessies van Duitsland hebben de lidstaten van de eurozone ingestemd met het principe van een – redelijk bescheiden – bijdrage van de particuliere crediteuren van Griekenland.

Het plan kent nog steeds een paar gaten die moeten worden gevuld. Maar de topconferentie heeft aangetoond dat de regeringen van de eurostaten in staat zijn het eens te worden – zelfs na wekenlang hun onderlinge verschillen op een zelfdestructieve manier te hebben geëtaleerd.

De afgelopen weken heeft de Europese Centrale Bank (ECB) erop gezinspeeld haar steun voor de Griekse banken te zullen intrekken als het plan zelfs maar tot de kleinst mogelijke vorm van een bankroet zou leiden. Maar nu heeft de ECB gekregen wat zij echt wilde: krachtiger toezeggingen van regeringen om meer verantwoordelijkheid op zich te nemen, en de bank de rommel niet te laten opruimen.

Sommige Griekse staatsobligaties kunnen ‘technisch’ failliet gaan, maar de regeringen zullen uiteindelijk de financiering van de banken op zich moeten nemen, terwijl de EFSF zal bijdragen aan hun herkapitalisering. De ECB is er ook in geslaagd de eurolanden zo ver te krijgen dat ze hebben beloofd nooit meer te zullen overwegen de privésector bij een reddingsoperatie te betrekken.

De leiders van de eurolanden hebben de vraag opengelaten hoe groot de EFSF in de toekomst zal moeten worden. Voor de uitbreiding van het mandaat van het fonds is parlementaire goedkeuring nodig, en het staat te bezien of de potentiële vuurkracht van 440 miljard euro zal volstaan voor nieuwe missies. Een groot deel is reeds besteed aan de hulp aan Ierland en Portugal.

Volgens de schattingen van de regeringsleiders zou het plan de Griekse schuldenlast kunnen terugdringen met 24 procentpunt van het bruto binnenlands product (bbp). Maar die last zal naar verwachting pieken op meer dan 170 procent van het bbp in 2012, dus Athene zal blijven kampen met een zware schulden. Andere eurolanden zullen daar ook nog jarenlang onder gebukt gaan, terwijl ze proberen hun financiën op orde te krijgen en hun groei op te voeren. De zwakkere staten weten nu echter dat ze kunnen rekenen op steviger steun. En dat zou moeten helpen de markten ervan te overtuigen niet tegen de nieuwe vastberadenheid van de eurozone te gaan speculeren.

Pierre Briançon

Vertaling Menno Grootveld