Dankzij verbluffende eindsprint

Femke Heemskerk klokte de snelste tijd en zwom de ploeg naar de eerste plaats.

Het was geen makkelijke overwinning. „We hebben er hard voor moeten knokken.”

De Nederlandse estafettezwemsters hebben gisteren bij de wereldkampioenschappen in Shanghai hun wereldtitel op de 4x100 meter vrije slag geprolongeerd. In 3.33,96 minuten waren Inge Dekker, Ranomi Kromowidjojo, Marleen Veldhuis en uitblinker Femke Heemskerk ruim een halve seconde sneller dan de Verenigde Staten, die tweede werden. Duitsland moest genoegen nemen met het brons. De tijd van de Nederlandse estafettezwemsters was ruim twee seconden langzamer dan het wereldrecord dat ze twee jaar geleden in Rome zwommen.

De overwinning van de Nederlandse estafetteploeg was zwaarbevochten. Startzwemster Inge Dekker, die op de 100 meter vlinderslag teleurstelde en er niet in slaagde zich te plaatsen voor de finale op dit individuele nummer, kon in de estafettefinale niet meekomen in het sprintgeweld van de concurrentie. Dekker zakte na een derde plaats halverwege weg tot de zevende positie en tikte aan in een tegenvallende tijd van 54,91 seconden.

Ranomi Kromowidjojo zwom beduidend sneller (53,26) en bracht Nederland terug naar de tweede plaats achter de Amerikaanse ploeg. Vervolgens dichtte Marleen Veldhuis (53,33) in haar tweede baan bijna het gat met de koploper.

Femke Heemskerk liet daarna zien waarom ze gekozen was als slotzwemster. De in Marseille trainende Heemskerk snelde direct voorbij de Amerikaanse Dana Vollmer. Heemskerks 100 meter splittijd van 52,46 seconden bleek ruimschoots de snelste te zijn in de finale. „Het was heel spannend, maar ik had er vanaf het begin heel erg het geloof in dat we het zouden gaan halen”, zei een lachende Heemskerk na haar verbluffende explosie tegen de NOS. „Ik stond op het blok en dacht: nu gaan we ook winnen ook.”

Dekker was zichtbaar opgelucht na het behalen van het goud. „Ik ben niet helemaal in goeden doen”, erkende ze. „Gelukkig maken die meiden het goed af. Beter kun je je het niet wensen.” Veldhuis verklaarde na de finale dat deze wereldtitel „misschien wel de mooiste titel” is na het olympisch goud bij de Spelen in Peking (2008). Veldhuis veroverde haar eerste wereldtitel als moeder. „Het was voor mij wel een nadeel dat ik niet als laatste startte. Het was nu nog spannender.” Ook Kromowidjojo was „superblij”. „Ik ben trots op ons alle vier. Het was niet met twee vingers in de neus. We hebben er echt keihard voor moeten knokken.”

Bondscoach Jacco Verhaeren, wiens zwemploeg gisteren in Shanghai verder geen succes behaalde, noemde de wereldtitel van de estafettezwemsters „on-Nederlands”. Verhaeren prees het gouden kwartet. „Ze zijn iedere keer de favorieten. Dat is niet gemakkelijk, maar toch maken ze het weer af. Als de één iets laat liggen, dan staat een ander op. Zo ging dat bij de Spelen van 2008, bij de WK van 2009 en nu weer. Dat is het mooie aan deze groep. Fantastisch. Ongewoon goed.”

Bij de mannen ging de wereldtitel op de 4x100 meter vrije slag naar Australië. James Magnussen, Matthew Targett, Matthew Abood en Eamon Sullivan tikten aan na 3.11 minuten. Met een tijd van 47,49 verbeterde startzwemmer Magnussen het wereldrecord (in textiel) van Pieter van den Hoogenband (47,84). Frankrijk werd tweede op 0,14 seconde, de Verenigde Staten eindigden als derde.