Het gevaar van de geïsoleerde pedoseksueel

De weerzin tegen pedofilie is groot. Maar zorgt een hetze niet juist voor meer gevaar? „Pedoseksuelen die in een isolement komen, recidiveren eerder.”

Goed nieuws voor Vereniging Martijn. De ramen zijn weliswaar ingegooid, de voorzitter is opgepakt en na de zomer bespreekt de Tweede Kamer een mogelijk verbod van de pedofielenorganisatie. Maar deze week meldde zich spontaan een nieuw lid: schrijver Anton Dautzenberg. Hij deed dat „uit sympathie. Uit mededogen. Uit protest ook”.

Net als schrijver Arnon Grunberg vindt Dautzenberg dat er een heksenjacht gaande is op pedofielen. „Ik geef het je te doen, eerlijk verslag doen van je fantasieën en wensen, verantwoording willen afleggen zelfs, om daarna verklaard te worden tot dé paria van onze samenleving.”

De hetze tegen pedoseksuelen is ook contraproductief, zeggen verschillende experts zoals arts en neuropsycholoog Dick Swaab en Sjef van Gennip, directeur van Reclassering Nederland.

Pedoseksualiteit „kun je niet afleren”, zegt Dick Swaab. „Het is een seksuele voorkeur die in de baarmoeder of mogelijk in de eerste jaren na de geboorte wordt geprogrammeerd, net zoals hetero- en homoseksualiteit. Het is ook te zien aan hun hersenstructuren en activiteit.” Thomas Rinne, wetenschappelijk directeur van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie: „Op je vierde ligt je seksuele geaardheid vast.” Het hoogst haalbare is volgens Dick Swaab om de pedoseksueel te leren zijn impulsen te beheersen. Daarvoor is het belangrijk dat hij juist níét in een isolement terechtkomt.

Dat gebeurt wel. Na een veroordeling verbreken veel vrienden en familie het contact. Sinds twee jaar voert Reclassering Nederland een experiment uit naar Canadees voorbeeld waarbij vier of vijf vrijwilligers worden gekoppeld aan een veroordeelde pedoseksueel zodra die vrijkomt. Ze ondernemen van alles met hem. Het is de bedoeling dat hij betekenisvolle relaties aangaat met volwassenen. Tegelijkertijd kunnen zij alarm slaan bij risico’s, bijvoorbeeld als een pedoseksueel een band lijkt op te bouwen met de buurkinderen.

Er zijn in Nederland nu ongeveer tien pedoseksuelen die zo intensief begeleid worden. In totaal hebben de reclasseringsorganisaties 640 veroordeelde pedoseksuelen onder toezicht. Uit Duits onderzoek (Berliner Männer Project) bleek dat 1 procent van de mannen in meer of mindere mate pedoseksuele gevoelens heeft – en daarmee worstelt. Naar aanleiding daarvan zijn de onderzoekers in Berlijn een preventieve kliniek gestart. Ze hingen affiches op in trams en bussen in Berlijn met de tekst: Hou je meer van kinderen dan je lief is? Thomas Rinne van het NIFP zegt dat zich in no time 800 mannen uit heel Duitsland meldden voor een anonieme behandeling. „Er is een grote groep mannen die zich inhoudt. Maar zij lijden wel omdat zij hun seksuele lusten nooit zullen kunnen uitleven.”

Pedoseksualiteit zal niet verdwijnen, zegt Dick Swaab. Hij vindt dat de maatschappij vanuit dat oogpunt naar oplossingen moet zoeken. De inzet van virtuele kinderporno noemt hij „het overwegen waard”. Bij zulke levensechte namaakporno lijkt het of er echte kinderen worden misbruikt. Juist daarom stuit het op grote weerstand. In april werd een Rotterdammer veroordeeld voor het bezit van virtuele kinderporno. Maar Swaab zegt: „Er komt geen kind aan te pas en er zijn aanwijzingen dat het de seksuele driften vermindert.”

Wat nu gebeurt heeft precies het effect dat de massa niet wil, vindt Swaab. Het recidivegevaar neemt toe. Een pedoseksueel die, zoals Sytze van der V. uit Eindhoven, door het land zwerft en op parkeerplaatsen slaapt, is een groot risico. Van der V. zei eerder tegen deze krant over het bungalowpark waar hij verbleef: „Ik had er leuk contact met de kinderen.”

Er zijn nauwelijks cijfers over recidive van pedoseksuelen in Nederland. Wat volgens Thomas Rinne wel vaststaat, is dat „behandeling effect sorteert”. Onderzoek naar 1.153 veroordelingen wegens pedoseksualiteit liet zien dat mannen die op jongens vallen zonder behandeling in 34 procent van de gevallen recidiveerden. Als zij wel waren behandeld, recidiveerde 18 procent.

Belangrijk in de behandeling is dat ook de „cognitieve vertekeningen” bij pedoseksuelen worden aangepakt, zegt Rinne. Veel pedoseksuelen interpreteren signalen van kinderen oprecht verkeerd. „Als een klein meisje zich tussen de benen krabt, kan een pedoseksueel dat opvatten als: zij wil dat ik seks met haar heb.”

Thomas Rinne zegt dat hij het als psychiater „jammer” zou vinden als Stichting Martijn verdwijnt. „Het is een politiek besluit, maar de stichting kan een gesprekspartner zijn.” Zo ziet schrijver Anton Dautzenberg dat ook. Hij noemt het ook „bemoedigend” dat hij „als niet-pedoseksueel” welkom is. „Ze zijn bereid iedereen een kijkje in de keuken te geven.”