Ecuador: boete en cel na kritiek op president

De veroordeelde columnist had de president omschreven als dictator.

Een rechtbank in Ecuador heeft drie directeuren van een oppositiekrant en een voormalige columnist veroordeeld tot een gezamenlijke boete van 30 miljoen dollar (21 miljoen euro) en celstraffen van drie jaar voor elk van de betrokkenen.

Ze waren door de regering aangeklaagd omdat de krant El Universo in februari een column had gepubliceerd over een muiterij. Vorig jaar belegerden opstandige politiemensen president Rafael Correa enige tijd in een ziekenhuis. De columnist, Emilio Palacio, had de president destijds omschreven als een dictator en hem ervan beschuldigd het bevel te hebben gegeven om militairen het vuur te laten openen op het ziekenhuis, waarin burgers zaten die niets met de zaak hadden te maken.

President Correa, een bondgenoot van de Venezolaanse president Hugo Chávez, beschouwde het artikel als lasterlijk en daagde de krant en de journalist voor de rechter. Inmiddels heeft Palacio in verband met de rechtszaak ontslag genomen. Correa had zelfs een nog hogere schadevergoeding geëist van 80 miljoen dollar. De president toonde zich opgetogen over het rechterlijke vonnis. Volgens zijn advocaat bewees het dat burgers die zich in hun goede naam aangetast voelen, met succes verhaal kunnen halen bij de rechter.

De vertrokken columnist sprak daarentegen van een „barbaars” oordeel. „Wanneer er een dictatuur is moet men maar zien hoe men kan overleven.” Hij beschuldigde Correa’s bewind ervan de vrijheid van meningsuiting te willen beëindigen. De directeuren van de krant en de journalist zullen in beroep gaan.

Voordat Correa in 2006 met overweldigende steun tot president werd gekozen, kende Ecuador tien jaar van politieke onrust. Hij begon met ingrijpende sociale en economische hervormingen, met meer rechten voor de arme, inheemse bevolking. Dit leek hoopgevend, maar zijn zogenoemde socialisme van de 21ste eeuw heeft het land verdeeld. Hij verloor ook de steun van de indianen nadat hij uitbreiding van de mijnbouw goedkeurde. De indianen vreesden schade aan de natuur. (Reuters, AP)