Andy Schleck soleert zoals de grote Merckx

De etappe naar de Galibier leverde gisteren een schitterend schouwspel op, met een Luxemburgse klimgeit en een Australische diesel in de hoofdrol. De Tour is nog niet beslist.

Zeldzaam mooie aanval van Andy Schleck, tactisch hoogstandje van zijn ploeg, dappere achtervolging van Cadel Evans. Drievoudig Tourwinnaar Alberto Contador breekt en is vrijwel kansloos voor de eindzege. De Franse favoriet Thomas Voeckler behoudt verrassend op het nippertje toch nog de gele leiderstrui. En dat allemaal binnen de laatste zestig kilometer van een loodzware Alpenrit, met de hoogste finish ooit in de Tour, op de ijskoude top van de 2.645 meter hoge Galibier. „Dit is wat de Tour grandeur geeft”, plaatste vijfvoudig Tourwinnaar Eddy Merckx gisteren een schitterende wielerdag in perspectief. En spannend blijft de 98ste editie tot het eind.

Tegenvallende Pyreneeënritten, zogenaamd laffe favorieten, geen hoogstaande Tour? Alle dopingschandalen van de afgelopen jaren, eindeloos geruzie? Andy Schleck deed het allemaal vergeten. „Hij schrijft wielerhistorie”, zo loofde Merckx. „Niet wachten tot de slotklim maar al vroeg aanvallen op de Izoard. Zelden gezien.”

De Belgische wielerlegende stond op de top een paar meter verwijderd van een andere vijfvoudig winnaar, Bernard Hinault. Samen zagen de oud-kampioenen de nieuwe sterren uitgemergeld en verkleumd naar boven worstelen. Geen sport die zo zijn geschiedenis koestert. Aanval Andy Schleck? Direct gaan de gedachten aan Merckx zelf, die in 1969 won na een solo van 120 kilometer door de Pyreneeën. De onwaarschijnlijke wederopstanding van Floyd Landis, later op doping betrapt, met een lange aanval in 2006. Of Marco Pantani, die in 1998 op de Galibier de Tour op zijn kop zette en won.

De jongste van de Luxemburgse broers Schleck demarreerde gisteren op 62 kilometer van de finish, op het steile gedeelte halverwege de Col d’Izoard. Zijn rivalen lieten hem begaan. Dit was veel te vroeg, dit kon toch niet? Zoveel indruk had de kopman van Leopard-Trek nog niet gemaakt. Wat speelse aanvalletjes in de Pyreneeën, maar ook problemen en tijdverlies in een afdaling naar Gap.

Uiterlijk onbewogen, in zijn gepolijste stijl van een ware kampioen, vergrootte Schleck zijn voorsprong gestaag. „Een gevecht van zestig kilometer”, zou hij na afloop zelf omschrijven. In zijn hoofd stormde het. Hij zou dalen als een oud wijf, zeiden critici. Hij was een slechte verliezer, die klaagde over gevaarlijke afzinken. Maar vijftig kilometer verder lag hij bijna vierenhalve minuut voor. Het geel zou voor hem zijn op de Galibier.

Sterk plan ook van zijn ploeg Leopard-Trek, om al twee renners mee te sturen in een vroege vlucht over de Col Agnel, op 2.744 meter het dak van de Ronde. Volgens klassiek recept van hun vroegere ploegleider Bjarne Riis, bij wie de broers Schleck vorig jaar met slaande deuren vertrokken. Joost Posthuma wachtte zijn kopman op en offerde zijn laatste krachten om nog even vol door te trekken op de Izoard. In de afdaling en de aanloop naar de Galibier deed Maxime Montfort hetzelfde. En passant werd de sterke Belg Dries Devenyns van Quickstep in de slag genomen om tempo te maken met harde tegenwind.

Minstens zo mooi was de worsteling bij de achtervolgers. Van links naar rechts zwalkten ze over de weg. Wie nam het voortouw in de achtervolging, met het risico de eigen krachten te verspelen en de concurrentie te helpen? Boze handgebaren van Evans, gepraat tussen Contador en zijn Spaanse vriend Samuel Sanchez. „Come on”, leek Evans wanhopig te roepen naar de anderen.

En toen overwon de 34-jarige Australiër zichzelf. Wieltjesplakker, eeuwige tweede? Wilde hij ooit de Tour nog winnen, dan was het nu of nooit! Op vijftien kilometer onder de top van Galibier kromde Evans de rug, schakelde een grote versnelling en begon in te lopen op Schleck. Dan profiteerde de anderen maar van zijn werk. Ze losten trouwens bij bosjes.

Hoe imponerend Evans tekeer ging, bleek toen na Sanchez op twee kilometer onder de top zelfs Contador brak. In korte tijd verloor de drievoudig Tourwinnaar 1.35 minuut. Weg kansen op de eindzege, terug gezakt naar de zevende plaats in het klassement op 4.44 van het geel. „Het is zoals het is”, zei ploegleider Riis op de Galibier over zijn kopman, die opnieuw last had van zijn gekwetste rechterknie. „Het wordt moeilijk de Tour nog te winnen”, zei hij in navolging van Contador.

Vooraan bleek Andy Schleck een kampioen van vlees en bloed. Zijn gelaat tekende, de tong hing uit de mond. Bijna stilstaand tegen de harde wind kroop hij over de eindstreep, al had hij nog wel de kracht om drie keer zijn gebalde rechtervuist in de lucht te steken. Daarna moest hij door vader Johnny worden ondersteund om niet te vallen. „Ik wilde tot het laatste moment alles eruit halen. Het was zwaar.”

Broer Fränk kwam als tweede binnen, dankzij Evans was de achterstand gehalveerd tot maar iets meer dan twee minuten. Waardoor de Australiër, een betere tijdrijder dan de Schlecks, uitstekende kansen op de eindzege behield. En Voeckler, tot tweehonderd meter voor de finish gekleefd aan het wiel van Evans, met vijftien tellen voorsprong op Andy Schleck toch nog in het geel bleef.

Het idool van de Fransen relativeerde op de top van de Galibier zijn succes met een kus voor zijn zoontje in de kinderwagen. Dit is het echte leven, de rest is bijzaak.” Maar in een rit zoals gisteren wel een van de leukste bijzaken die er zijn.